jump to navigation

Terugblik Bob Ross met de expositie in Museum MORE in Gorssel in het najaar van 2020 oktober 30, 2019

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , ,
add a comment

Tentoonstelling Bob Ross

De expositie in Museum MORE in Gorssel is in het najaar van 2020

Een enorme afrocoupe, geweldige persoonlijkheid en een talent om supersnel landschappen te schilderen. Het is al 25 jaar geleden dat de razend populaire Amerikaanse landschapsschilder Bob Ross is overleden en nu pas krijgt hij zijn eigen tentoonstelling. Aan museum MORE in Gorssel de eer om de werken van Ross een plekje te geven. Maar wie was deze man eigenlijk?

Wie heeft er niet een keer met zijn mond open gekeken naar de tv-serie The Joy of Painting? Ross zette in zijn programma telkens binnen dertig hypnotiserende minuten een landschap neer. Tijdens de expositie in Gorssel worden zo’n veertig werken uit zijn tv- oeuvre getoond. Uiteraard met almighty mountains, happy little trees en fluffy clouds.

Lees ook;

Enige zoon landschapsschilder Bob Ross haalt bakzeil bij justitie

Lees meer

Echt, iedereen kan 'Bob Rossen'

Lees meer

Bob Ross.

Bob Ross. © BOB ROSS INC

There are no mistakes, just happy accidents’. Het komt altijd goed in de wereld van Bob Ross. En dat is waarom de Amerikaanse art instructor waarschijnlijk nog altijd zo geliefd is. Zijn motto: iedereen kan schilderen! Ook als je nog nooit een kwast gehanteerd hebt. In 381 afleveringen schilderde Bob besneeuwde bergen, puntige naaldbomen, donzige loofbomen, schuimende watervallen, stille bospaadjes en spiegelende meertjes. De natuur was zijn grootste inspiratiebron.

Hoewel Ross in 1995 al is overleden wordt zijn tv-serie wereldwijd voortdurend herhaald en groeit zijn schare fans nog steeds. Ook jonge generaties ontdekken hem en nemen zelfs online deel aan Bob Ross-streaming marathons.

Bobs doel was mensen plezier te laten beleven aan schilderen. Maar hij bereikte meer, zo zegt museum MORE. ‘Vanuit zijn intieme, eenvoudige tv-studio spreekt Bob je persoonlijk toe, met een bevrijdend geloof in de maakbaarheid van talent.’ Artistiek directeur Ype Koopmans: ,,Bob Ross is een prachtig fenomeen in de populaire cultuur. Een ontwapenend blije promotor van schildervreugde die op een authentieke en laagdrempelige manier angst voor kunst maken en kunst kijken wegneemt.’’

Wereldberoemd

Bob Ross wordt geboren op 29 oktober 1942. Na twintig jaar bij de luchtmacht, komt hij terecht in Alaska. In de ongerepte natuur daar doet hij veel inspiratie op voor zijn schilderijen. Ross reist door Amerika om demonstraties te geven.

Door het succes van zijn manier van schilderen, ontstaat de televisieserie ‘The Joy of Painting‘. Hij geeft als het ware een cursus aan zijn kijkers.  Miljoenen mensen leren door hem schilderen. Hij werd daardoor dan ook wereldberoemd.

Een van de schilderijen van Bob Ross.

Een van de schilderijen van Bob Ross. © BOB ROSS INC

Tijdloos

Ross is tijdloos en nog steeds populair bij jong en oud. In dertig hypnotiserende minuten demonstreert hij welke effecten je kunt creëren op een canvas met wet-on-wet (nat-in-nat), in de kunst ook bekend als alla prima.

Pretenties

Ross had geen pretenties. Hij deed ook nooit alsof hij een grote meester was. Zijn enige doel was om mensen plezier te laten beleven aan het schilderen en het kijken naar schilderkunst. Toch beschouwen sommige mensen hem wel als groot kunstenaar. Hij is in ieder geval uitgegroeid tot een internationaal cultfenomeen. Online zijn talloze memes te vinden van Ross, hij werkte zelf ook altijd graag mee aan spoofs. Postuum verscheen hij onder meer in de komische animatieserie Family Guy en superheldenfilm Deadpool 2.

via GIPHY

Volgens kenners had Ross zelf hartelijk kunnen lachen om alle grappige filmpjes die online zijn verschenen over hem:

Slapen met Bob Ross

Met zijn kalme, warme stem staat Bob Ross nu bekend als de King of Chill voor ASMR-YouTubers die fluisterend en met zachte geluiden hun kijkers in slaap wiegen. Dit filmpje hieronder kan bijvoorbeeld gebruikt worden om te mediteren. 

Happy little friends

Ross staat bekend om zijn positieve uitspraken. Zo noemde hij bomen ‘happy little friends‘. En met zijn:  ‘You can do anything you want. This is your world’, heeft hij op vele fans een therapeutische uitwerking gehad. Hij vond dat iedereen kon schilderen,  je hoefde van Ross niet bang te zijn om te falen. ‘Ever make mistakes in life? Let’s make them birds. Yeah, they’re birds now’. Hoezo fouten? Dan maken we er toch gewoon vogels van, wil hij maar zeggen. Vergissen is menselijk. ‘Just let it happen, don’t fight it’.

Ross stierf in 1995 op 52-jarige leeftijd aan de gevolgen van lymfeklierkanker. Zijn tv-programma ‘The Joy of Painting’ wordt nog altijd herhaald op televisie.

De expositie in Museum MORE in Gorssel is in het najaar van 2020 te zien.

Pieter de Hooch “Binnenplaats van een huis in Delft” uit 1658 terug in Delft oktober 3, 2019

Posted by jandewandelaar in delft, museum, Pieter de Hooch, Prinsenhof.
Tags: , , , , ,
add a comment

AD 03.10.2019

Pieter de Hooch

Het wereldberoemde werk van de schilder, die samen met Johannes Vermeer internationaal wordt beschouwd als de belangrijkste Delftse meester uit de Nederlandse Gouden Eeuw, is hét pronkstuk in de toekomstige tentoonstelling met Pieter de Hooch in Delft.

Telegraaf 09.10.2019

AD 08.10.2019

In de tentoonstelling, getiteld ‘Pieter de Hooch in Delft. Uit de schaduw van Vermeer’ ligt de nadruk dan ook op het leven van De Hooch in Delft. De expositie is te zien van 1 oktober 2019 tot en met 16 februari 2020.

Vingerafdruk gevonden op schilderij van Pieter de Hooch

OmroepWest 26.11.2019 Op het schilderij ‘Kaartenspelers in een zonovergoten ruimte’ uit 1658 van Pieter de Hooch is een vingerafdruk gevonden, vermoedelijk van de kunstenaar zelf. De vingerafdruk werd ontdekt toen het schilderij werd uitgepakt voor een tentoonstelling in Delft.

Het schilderij is eigendom van koningin Elizabeth II van Groot-Britannië en is uitgeleend door de Royal Gallery. De duimafdruk is hoogstwaarschijnlijk van de schilder zelf. Volgens medesamenstelster Anita Jansen is dat vrijwel zeker omdat de afdruk nog tijdens het maakproces op het doek is beland.

Het schilderij hangt sinds 11 oktober 2019 samen met bijna dertig andere werken van de schilder op een tentoonstelling in museum Prinsenhof in Delft. Daar bracht De Hooch acht jaar door van 1652 tot 1660. Hier maakte hij onder andere kennis met Johannes Vermeer.

Meerdere ontdekkingen

Tijdens infrarood onderzoek van ‘Hollandse Binnenplaats’, een ander werk van De Hooch uit dezelfde periode, zijn door de National Gallery of Art in Washington D.C. scheepsmasten ontdekt. Die masten zijn niet met het blote oog te zien. Op het schilderij ‘De Goudweegster’ uit 1664 zijn fragmenten van een signatuur ontdekt. Die ontdekking werd gedaan door de Gemäldegalerie Staatliche Museen in Berlijn.

Meer over dit onderwerp: PIETER DE HOOCH DELFT TENTOONSTELLING

Schilderijen van Pieter de Hooch na 400 jaar terug in Delft

Britse koningin leent schilderijen uit aan Museum Prinsenhof

Schilderijen Pieter de Hooch na vier eeuwen weer terug in Delft

Smalste huis ter wereld staat in Delft en jij kan er naar binnen… als het past

Museum Prinsenhof toont gezinsportret van Delftse kunstenaar Pieter de Hooch

Museum Prinsenhof Delft eert Jan Schoonhoven met expo o    

‘Delftse’ Pieter de Hooch één keer uit de schaduw van Vermeer

AD 08.10.2019 Uit de schaduw van Vermeer is het onderschrift van de expositie van schilder Pieter de Hooch, die vanaf vrijdag in Museum Prinsenhof in Delft is te zien. En niet zonder reden.

Anita Jansen, senior conservator van het museum, is heel duidelijk. Het is een illusie om te denken dat Pieter de Hooch nu opeens groter wordt dan Johannes Vermeer. Dat is ook nooit de inzet van de expositie geweest. Maar het is tegelijkertijd op zijn zachtst gezegd vreemd dat De Hooch 340 jaar heeft moeten wachten op een overzichtstentoonstelling in Nederland. Want De Hooch was, zeker in zijn Delftse periode, een grootheid.

Lees ook;

Fotogalerij: Deze straattekeningen sieren de Delftse binnenstad

Lees meer

‘Allermooiste werk’ van Pieter de Hooch weer op Delftse bodem

‘Allermooiste werk’ van Pieter de Hooch weer op Delftse bodem

Lees meer

,,Ik wil voorop stellen dat de beste Delftse schilders van die tijd elkaar beïnvloeden, het was een wisselwerking”, meent Jansen. ,,Maar De Hooch was de eerste die kwam met het schilderen van de binnenplaatsen met zijn doorkijkjes en inspireerde daarmee de anderen, dus ook Vermeer. Het straatje van Vermeer is waarschijnlijk daardoor ontstaan.” Maar Vermeer is zeker in de 20ste eeuw zo groot geworden, dat bijna iedere schilder in zijn schaduw is gedrukt. ,,En daarom wilden we voor De Hooch deze expositie: om hem één keer uit de schaduw te laten treden.”

Onderzoek

Daarbij is de Prinsenhof niet over één nacht ijs gegaan. Al in 2017 ontstond het idee voor de expositie, waarmee het museum zelfs een prijs won en daardoor ook geld kreeg voor het inrichten van de tentoonstelling. Maar er is ook in het kader daarvan voor het eerst uitgebreid onderzoek gedaan naar het leven en de ontwikkeling van De Hooch.

En dat leidde tot verrassende nieuwtjes. Zo blijkt de in Rotterdam geboren De Hooch veel Delftser dan gedacht, want zijn moeder bleek Delftse roots te hebben. Ook was zijn moeder niet twee, maar drie keer getrouwd. Zijn vader was metselaar en dat zou kunnen verklaren waarom De Hooch zijn muurtjes met zoveel perfectie schilderde.

© Daniella van Bergen

Ook is zijn jaar van overlijden niet langer 1684, maar wordt het nu weergegeven als in of na 1679, om de simpele reden dat er na zijn verhuizing naar Amsterdam na dat jaar niets meer te vinden is over hem in de officiële archieven. Lang werd gedacht dat hij in 1684 in een gekkenhuis was omgekomen, maar dat bleek om zijn gelijknamige zoon te gaan, die trouwens ook schilderde.

Werkplaats

Ook voor de ontwikkeling van zijn techniek is Delft bepalend geweest. Het wordt gezien als zijn beste periode ooit. De Hooch begon met zogenaamde kortegaardjes, kleine schilderijtjes van soldaten, waarbij hij zich liet inspireren door de Delftse schilder Antonie Palamedesz. Verder werkte hij samen met zijn zwager Hendrick van der Burgh. Mogelijk hadden ze zelfs samen een werkplaats.

De Hooch maakte de overstap naar perspectieven, waarbij hij spelden gebruikte om de lijnen uit te zetten. Maar al in Delft bleek dat hij aan één speld genoeg had om het beeld weer te geven dat hij voor ogen had.

 

© Daniella van Bergen

Overigens bleek ook uit het onderzoek van restaurator Anna Krekeler van het Rijksmuseum, dat De Hooch al schilderend zijn mening nog weleens veranderde en figuren weghaalde of op een andere plek zette. Zo is op een 3 te zien dat op een eerste versie nog een man en vrouw staan, die in de definitieve versie zijn verdwenen. En op een schilderij uit zijn Amsterdamse periode is – zelfs zonder scan – te zien dat een hond op het uiteindelijke schilderij een paar meter naar rechts is geschoven.

Zijn Amsterdamse periode was uiteindelijk niet zo’n groot succes. De interieurs werden wel rijker, gelijk de opdrachtgevers die er in woonden, maar het aantal nam wel af. Toch was er na zijn dood wel vraag naar zijn werk. Het stuk Een vrouw met een kind in de kelderkamer leverde op een veiling in 1789 2600 gulden op. Het melkmeisje van Vermeer bracht toen ruim duizend gulden minder op. Het is een uitkomst die nu moeilijk is voor te stellen.

© Daniella van Bergen

Eregalerij

In totaal heeft Pieter de Hooch ongeveer 160 schilderijen nagelaten, dertig tot veertig daarvan komen uit zijn Delftse periode, die liep van 1652 tot ongeveer 1660. ,,Door toedoen van liefst 21 bruikleengevers hebben wij hier een eregalerij van De Hooch kunnen samenstellen, waar we ongelooflijk trots op zijn”, zegt Janelle Moerman, directeur van Prinsenhof. De schilderijen komen uit Amerika, maar ook van het Britse koninklijk huis, de National Gallery in Londen en de familie Rothschild.

Aan de expositie heeft het museum ook een stadswandeling gekoppeld, waarbij de deelnemers worden gewezen op gebouwen die in het werk van De Hooch terugkeren, zoals de Nieuwe en Oude kerk. Maar hij liet zich ook inspireren door de vele binnenplaatsen die waren ontstaan op de plek waar ooit het St. Hiëronymusklooster aan de Oude Delft heeft gestaan.

Pieter de Hooch in Delft. Uit de schaduw van Vermeer. Van 11 oktober tot 16 februari 2020, Museum Prinsenhof in Delft.

Schilderijen van Pieter de Hooch na 400 jaar terug in Delft

OmroepWest 05.10.2019 Ze komen overal vandaan: de 29 schilderijen van Pieter de Hooch, die je vanaf 11 oktober kunt zien in Museum Prinsenhof in Delft. De meest vooraanstaande collecties ter wereld leenden hun werken uit aan de eerste tentoonstelling ooit gewijd aan deze Hollandse meester, die in de stad woonde en werkte. ‘Het is fantastisch dat deze werken na 400 jaar terug zijn op de plaats waar ze zijn gemaakt’, zegt conservator Anita Jansen van het museum.

Bij Delft denk je eerder aan Vermeer. Het beroemde betonnen melkmeisje van Wim T. Schippers staat al jaren naast de Nieuwe Kerk in Delft en vanuit menig winkelruit staart het meisje met de parel je verwachtingsvol aan. Delft ‘ademt’ Vermeer, hoewel de stad zelf geen werk van de Hollandse meester in zijn bezit heeft. In het Sint Lucasgilde is Vermeer ongetwijfeld zijn collega Pieter de Hooch vaak tegengekomen. Zij waren collega’s en tijdgenoten.

‘Er is geen archivarisch bewijs voor, maar ze moeten elkaar gekend hebben. En dat ze ook naar elkaars werk hebben gekeken staat vast’, zegt Jansen. ‘Als zij samen hier in Delft aan het werk zijn, kun je zeggen dat Pieter de Hooch de innovator is. Dat hij degene is die voorop loopt en Vermeer inspireert. Toch is hij altijd in de schaduw van Vermeer blijven staan. Reden om hem eens op een voetstuk te plaatsen.’

‘Hij woonde om de hoek’

De stad zoals De Hooch hem zag, is er nog. ‘Hij woonde hier om de hoek, op de Binnenwatersloot, bij zijn schoonouders’, legt Anita uit. Dat is pas sinds kort bekend. Voor deze tentoonstelling deed het museum uitgebreid onderzoek naar leven en werk van de schilder. Daaruit bleek ook dat De Hooch vaak werkte op een steenworp afstand van zijn huis. Om precies te zijn: op de plek waar nu de tuin van het vorige stadskantoor ligt. Nu een kale, wat troosteloze locatie.

Op die plek lag ooit het Sint Hiëronimusklooster. Dat is al eind zestiende eeuw gesloopt, maar op het binnenterrein stonden woningen. Ook zijn er na de sloop nieuwe huizen neergezet. Huizen met typische Delftse binnenplaatsjes, waarvan De Hooch er heel wat vastlegde. Uit het onderzoek blijkt dat dit de plek was waar hij zijn standpunten koos. Vaak met zowel de toren van de Oude als de Nieuwe Kerk op de achtergrond. ‘En dat laatste is opmerkelijk’, zegt Anita Jansen. ‘Omdat de beide torens op die plek helemaal niet in één beeld zijn te vatten. Het geeft aan hoe hij zijn schilderijen componeerde. Dat waren echt elementen uit de stad die hij samenbracht in een schilderij.’

Delftse motieven

De binnenplaatsen en burgerlijke huizen in Delft, vlakbij zijn eigen woning. Dat zijn de Delftse motieven, die van De Hooch een van de grootste Hollandse meesters maakten. In 1655 keerde hij de stad de rug toe en vertrok naar Amsterdam. Waar hij zou gaan werken op dezelfde manier: ook hier werd zijn nabije nieuwe leefomgeving de grootste inspiratiebron voor zijn werk.

De tentoonstelling ‘Pieter de Hooch, uit de schaduw van Vermeer’ is vanaf 11 oktober te zien in Museum Prinsenhof in Delft.

LEES OOK: Britse koningin leent schilderijen uit aan Museum Prinsenhof

Meer over dit onderwerp: PIETER DE HOOCH DELFT

Gerelateerd;

Britse koningin leent schilderijen uit aan Museum Prinsenhof

Schilderijen Pieter de Hooch na vier eeuwen weer terug in Delft

Museum Prinsenhof toont gezinsportret van Delftse kunstenaar Pieter de Hooch

Ook Fransen in de rij voor Delfts Melkmeisje van Vermeer

controle schilderij Pieter de Hooch © Fred Leeflang

‘Allermooiste werk’ van Pieter de Hooch weer op Delftse bodem

AD 03.10.2019 Gespannen stonden senior conservator Anita Jansen en Janelle Moerman, directeur van Museum Prinsenhof, gisteren te wachten op bezoek uit Londen. Het ‘allermooiste werk’ van Pieter de Hooch kwam aan in Delft.

Het wachten was op medewerkers van de gerenommeerde National Gallery. En ze hadden iets meegenomen ook, iets om met fluwelen handschoenen aan te pakken: het schilderij ‘Binnenplaats van een huis in Delft’ uit 1658, van Pieter de Hooch.

Lees ook;

Lees meer

Lees meer

Het wereldberoemde werk van de schilder, die samen met Johannes Vermeer internationaal wordt beschouwd als de belangrijkste Delftse meester uit de Nederlandse Gouden Eeuw, is hét pronkstuk in de toekomstige tentoonstelling Pieter de Hooch in Delft. Uit de schaduw van Vermeer, van 11 oktober tot en met 11 februari. In Prinsenhof zijn dan 29 topwerken te zien van De Hooch, in bruikleen van musea uit de hele wereld. Ook komt er een ‘De Hooch’ uit de Royal Collection Trust, de privécollectie van de Britse koningin Elizabeth II. Het betreft de meest ambitieuze tentoonstelling ooit in het museum, zegt Janelle Moerman.

Minutieus

Alvorens het beroemde werk van De Hooch op te hangen, onderzochten medewerkers van The National Gallery het stuk minutieus, op zoek naar eventuele beschadigingen. Maar met de conditie van De Hooch’s meesterwerk bleek niets mis. ,,Dit schilderij is één van zijn allermooiste werken”, meent conservator Anita Jansen, medesamensteller van de tentoonstelling. ,,Het schilderij dateert uit 1658, het jaar waarin De Hooch tot volle bloei kwam. Daarnaast is het werk zeer karakteristiek voor Delft, met de gevelsteen boven de poort en het typische doorkijkje. We zijn trots dat het ‘Delftse’ schilderij hier te zien is in Museum Prinsenhof.’’

Binnenplaats van een huis in Delft noemt ze ‘een sleutelstuk in de tentoonstelling en tevens beelddrager van de campagne’.

Pieter de Hooch in Delft. Uit de schaduw van Vermeer focust op de bloeiperiode van de kunstenaar (ongeveer 1655-1660), waarin Delft een hoofdrol speelt.

Kunstroof in het Haagse Zuiderpark augustus 21, 2019

Posted by jandewandelaar in den haag, Openlucht museum, roofkunst, zuiderpark, Zuiderpark Theater.
Tags: , , , , ,
add a comment

Hier stond dat prachtige kunstwerk !!

AD 24.08.2019

Zie ook: Fietstocht door het Haagse Zuiderpark 11.08.2019

Zie ook: Fietstocht door de Haagse Escamp 07.07.2019

Vandalen storten zich op kunst in het Zuiderpark Video

AD 21.08.2019 Vandalen hebben het de laatste tijd gemunt op de beeldentuin van het Zuiderpark. In luttele tijd verdwenen hier drie kunstwerken. Rondleider Piet Vernimmen luidt de noodklok.

Klaarblijkelijk was het niemand eerder opgevallen, maar toen Piet Vernimmen eind juli met een groep van twaalf fietsers zijn maandelijkse Beeldentocht Zuiderpark reed, zag hij tot zijn schrik dat er wéér een beeld was verdwenen. Ditmaal hadden vandalen het gemunt op een bronzen sculptuur van de Haagse kunstenaar Bram Roth.

Vernimmen heeft de vermissing gemeld bij de gemeente en bij kunstinstelling Stroom. ,,Het zal de dieven om de waarde van het brons zijn gegaan’’, zegt hij. ,,Diefstal van kunstwerken is een lastig onderwerp. Je kunt er als stad, als Stroom, als gids of als gewone burger weinig tegen doen. Niemand doet aangifte, dus er komt ook geen vervolg.’’

Onderhoud

Stroom is de organisatie die adviseert en begeleidt bij kunst in de openbare ruimte. De gemeente is als eigenaar verantwoordelijk voor het onderhoud. ,,Als burgers vernieling of diefstal constateren, doen ze er goed aan dat bij de gemeente te melden’’, zegt Vincent de Boer van Stroom. ,,Die kan dan direct in actie komen of in het ergste geval aangifte doen.’’

Tussen de gemeente en Stroom is er geregeld overleg over dat onderhoud. De Boer: ,,In de openbare ruimte in Den Haag staan al zeker 600 kunstwerken. Bij herstel of verplaatsing helpen we met onze expertise. Soms adviseren we hoe beelden beter kunnen worden beveiligd. Zo is het niet handig om bronzen beelden op plekken neer te zetten waar je makkelijk met de auto bij kan.’’

Piet Vernimmen bij een verdwenen kunstwerk van Yumiki Yoneda.

Piet Vernimmen bij een verdwenen kunstwerk van Yumiki Yoneda. © Nico Heemelaar

Dat brons en koper geliefd zijn bij dieven, mag volgens Vincent de Boer kunstenaars niet beïnvloeden in hun materiaalkeuze. Volgende week voegt Stroom voor het Haagss Stadhuis een beeld toe aan De Beeldengalerij in de binnenstad. Het ontwerp van kunstenaar Tirzo Martha bestaat uit brons, beton en rubber.

Eind vorig jaar verdwenen twee beelden van kunstenaar Yumiki Yoneda uit het Zuiderpark. Een derde uit die serie heeft de gemeente uit voorzorg weggehaald. Met Yumiki Yoneda wordt nu aan vervanging gewerkt.

Beeld niet plaatsen waar je met een auto kan komen, aldus Vincent de Boer, Stroom.

Groot was de schrik van gids Piet Vernimmen toen hij eind juli zijn maandelijkse Beeldentocht Zuiderpark fietste met twaalf belangstellenden. Voordat de groep het rode bruggetje aan de Henriëtte Roland Holstweg overstak, had hij zijn gevolg lekker gemaakt met het beeld van Bram Roth dat om de hoek uit het frisse groen zou opduiken.

Wat er stond was niet de Ontvoering van Europa maar een lege sokkel met nog wat gruis rond de plek waar ooit de poten hadden gestaan. Weg, foetsie, verdwenen en niemand die er iets van had gemerkt.

Het Zuiderpark in Den Haag wordt geteisterd dooor kunstvandalen. Rondleider Piet Vernimmen trekt aan de noodbel.

Het Zuiderpark in Den Haag wordt geteisterd dooor kunstvandalen. Rondleider Piet Vernimmen trekt aan de noodbel. © Nico Heemelaar

,,Het was niet de eerste keer dat ik bij mijn rondes door het Zuiderpark onaangenaam werd verrast’’, zegt Piet Vernimmen drie weken later, bij de groen van ellende uitgeslagen lege sokkel. ,,Ik kom al jaren in het park en ben gaan houden van de 40 beelden. Het doet pijn als vandalen weer hebben toegeslagen, maar wat doe je ertegen? De beelden zijn van iedereen en daardoor ook van niemand. Niemand doet aangifte en dus gebeurt er niets.’’

Piet Vernimmen is een van de vrijwilligers die bezoekers bij tijd en wijle door stadsdeel Escamp meenemen om ze te laten genieten van de kunst in de openbare ruimte. Dit deel van Den Haag is na de oorlog ontwikkeld. Dat was een periode waarin gemeente en woningcorporaties veel tijd en aandacht besteedden aan openbaar kunstbezit. Beroemd is het werk Paard en ruiter van de Italiaanse kunstenaar Marino Martini. Met de inscriptie Si construi, si ruppe, un canto desolato resta sul monde – ‘men bouwde, men brak af, een desolaat gezang blijft op de wereld’ – staat het beeld model voor de Haagse wederopbouw.

Beeldentuinen

,,Zelf woon ik niet in dit stadsdeel, maar ik heb hier jarenlang met veel plezier als leraar Nederlands gewerkt’’, zegt Vernimmen. ,,Elke dag kwam ik op mijn fiets door het Zuiderpark en gaandeweg leerde ik de kunst kennen die in het park en omringende wijken staat. Mensen aan de andere kant van de stad hebben geen idee van de culturele rijkdom. Ze reizen stad en land af voor beeldentuinen, maar een van de fraaiste collecties kunst in de openbare ruimte staat gewoon in Den Haag-Zuidwest.’’

Zondag 1 september 2019 verzorgt Piet vanuit het Zuiderparktheater weer een nieuwe fietstocht, maar ook die is al bij voorbaat volgeboekt. Op eigen gelegenheid de tour van 6,5 kilometer volbrengen kan via een flyer die, net als flyers voor andere interessante kunstroutes door Escamp, verkrijgbaar is bij onder meer theater Dakota.

Het is niet de eerste keer dat de kunstwerken in het Zuiderpark doelwit zijn van vandalen. ,,Kijk, hier stonden tot eind vorig jaar twee werken van Yumiki Yoneda’’, zegt Vernimmen bij een plek waar vuilnisbakken lijken te zijn weggehaald. ,,Die werken leken ook op vuilnisbakken, maar ze zetten de bezoeker op het verkeerde been. Als je er een blikje in wilde gooien, merkte je dat het geen afvalbak was, maar kunst. De werken waren niet van brons of koper, dus ik heb geen idee met welk doel ze zijn gestolen.’’

De beelden zijn van iedereen en daardoor zijn ze ook van niemand, aldus Piet Vernimmen.

Opvallend genoeg stonden de ontvreemde werken op plekken waar je niet met de auto kunt komen. ,,Dieven zijn gewiekst’’, zegt Vernimmen. ,,Het beeld van het fantasiedier van Bram Roth was vorig jaar al bijna verdwenen. Toen ik constateerde dat van dit dier de voorpoten driekwart waren doorgezaagd heb ik dat doorgegeven. De gemeente heeft het werk toen onmiddellijk hersteld.’’

Vernimmen heeft een vermoeden hoe de ‘crimineeltjes’ hier te werk zijn gegaan. ,,Waarschijnlijk hebben ze elke dag een stukje van de pootjes weggezaagd. Zo hoefden ze op vrijdag enkel een duwtje tegen het werk te geven en het in een fietstas te stoppen. Hoewel het mij zwaar fietsen lijkt met een gewicht van tientallen kilo’s.’’

In Voorburg verdween vorige week een bronzen beeld van zijn sokkel. Op Buitenplaats Hardin aan de Artensburghlaan was het hoofd van de Romeinse keizer Hadrianus de kop van jut.

Nieuw kunstwerk van Toby Paterson in het Zuiderpark in Den Haag.

Nieuw kunstwerk van Toby Paterson in het Zuiderpark in Den Haag. © Nico Heemelaar

Het lijkt onwaarschijnlijk dat het de dieven om het kunstwerk is te doen. Des te meer telt het materiaal. Een kilo brons levert bij een handelaar in lompen en oude metalen al gauw 3,60 euro op. Dat weegt niet op tegen de échte waarde van het kunstwerk. Het beeld van Bram Roth stond al bijna 60 jaar in de openbare ruimte.

Vernimmen: ,,Kruimelwerk dus. Gelukkig staat er nog genoeg moois in het Zuiderpark en in stadsdeel Escamp. Kunstinstelling Stroom zorgt ervoor dat beelden geregeld rouleren door de stad. Zo word je als kijker steeds verrast. Bij het verdwenen beeld van Bram Roth was ik ook verrast, maar dan wel op een heel erg onplezierige manier.’’

Brons is al jarenlang een geliefd doelwit

Diefstal van brons is niet van vandaag of gisteren. In 2007 zorgde de verdwijning van zeven bronzen beelden – waaronder een versie van De Denker  van Rodin- uit de tuin van het Singer Museum in Laren voor landelijk voorpaginanieuws. In Den Haag was aan het begin van dit decennium sprake van een reeks verdwijningen. Zo gingen dieven onder meer aan de haal met een clownsbeeld dat in de Appelstraat stond en met het beeld van een dansend meisje bij de Hollandse tuin in park Clingendael. De raadsfractie van D66 stelde destijds tot tweemaal toe schriftelijke vragen over deze problematiek.

Diefstal van kunst uit de openbare ruimte kan worden voorkomen door chips in de beelden te plaatsen, waardoor ze na diefstal gemakkelijk zijn terug te vinden. Ook bestaan er mogelijkheden om met een gps-alarm of met draaipinnen ervoor te zorgen dat een deif het beeld niet kan afzagen.

,,De meeste zekerheid biedt het weghalen van de collectie uit de openbare ruimte, maar dat vindt het college geen wenselijke optie.”, schreef toenmalig burgemeester Jozias van Aartsen destijds.

Piet Vernimmen laat zien hoe een bronzen beeld van Bram Roth spoorloos verdween.

Piet Vernimmen laat zien hoe een bronzen beeld van Bram Roth spoorloos verdween. © Nico Heemelaar

Expo in HHM “Nooit Gebouwd Den Haag” 16.11.2019 – 22.03.2020 juli 20, 2019

Posted by jandewandelaar in den haag, expositie, haags historisch museum, Nooit gebouwd Den Haag.
Tags: , , , ,
add a comment

Den Haag “Nooit gebouwd”

In het Haags Historisch Museum is van november tot maart volgend jaar de Tentoonstelling Nooit gebouwd Den Haag te zien. In deze tentoonstelling zijn diverse plannen te zien die nooit gerealiseerd zijn in de stad.

Telegraaf 16.11.2019

AD 16.11.2019

AD 24.07.2019

Het negentiende-eeuwse Paleis der Staten-Generaal op het Binnenhof, het Olympisch Stadion in Scheveningen, de Bijlmer-flats in de Schilderswijk, de ‘wereldhoofdstad’ in de duinen, het gotische paleis van koning Willem II op Zorgvliet, de snelweg dwars door de negentiende-eeuwse wijken rond het centrum.

Stuk voor stuk gebouwen, stadsuitbreidingen en wegen die er nooit zijn gekomen. Wat waren de ideeën achter deze plannen? En waarom zijn ze niet uitgevoerd?

AD 18.09.2019

Ontwerptekeningen en maquettes van onder andere H.P. Berlage, W.M. Dudok en Rem Koolhaas tonen hoe spectaculair anders de stad eruit had kunnen zien. Duik met behulp van Virtual Reality in nooit gebouwde Wereldhoofdstad van het Internationalisme.

De tentoonstelling begint op 16 november 2019.

Hoe spectaculair anders had Den Haag er uit kunnen zien?

Een Olympisch stadion in Scheveningen, een gotisch paleis van koning Willem II op landgoed Zorgvliet en een snelweg rond het centrum van Den Haag. Allemaal plannen die nooit werkelijkheid zijn geworden. Het Haags Historisch Museum is bezig een tentoonstelling hierover in te richten. Die moet vanaf half november te zien zijn.

Het gaat daarbij niet alleen om gebouwen die nooit écht zijn gerealiseerd. Tijdens de expo zijn straks ook niet gekozen ontwerpen te zien voor beeldbepalende gebouwen die iedereen wel kent, zoals het Vredespaleis, het Haagse stadhuis en de Tweede Kamer. Ook zijn er tekeningen te zien van Bijlmerachtige flats die in de Schilderswijk moesten komen en voor een ware ‘wereldhoofdstad’ in de duinen.

Idee

Het Haags Historisch Museum legt tijdens de tentoonstelling uit wat het idee achter deze plannen was en waarom de ontwerpen nooit gerealiseerd zijn. Behalve tekeningen komen er ook maquettes en wordt gebruik gemaakt van virtual reality. De expositie is te zien van 16 november tot 22 maart 2020.

Expo

“Nooit Gebouwd Den Haag 2019/2020” preview in het Atrium Den Haag in de posterwand van het Haags Gemeentearchief tot 15 september 2019.

Het negentiende-eeuwse Paleis der Staten-Generaal op Het Binnenhof, het Olympisch Stadion in Scheveningen, de Bijlmer-flats in de Schilderswijk, de ‘wereldhoofdstad’ in de duinen, het gotische paleis van koning Willem II op Zorgvliet, de snelweg dwars door de negentiende-eeuwse wijken rond het centrum.

Dat klinkt als Den Haag, maar is het niet. Het zijn stuk voor stuk gebouwen, stadsuitbreidingen en wegen die u in Den Haag niet zult tegenkomen. Ze zijn nooit gebouwd.

Ontwerp Paleis Staten-Generaal op het Binnenhof, Ludwig Lange, 1865. Collectie Nationaal Archief
De niet gebouwde stad vormt vanaf medio november 2019 het onderwerp van een tentoonstelling en een boek: Nooit gebouwd Den Haag.

Hierin staan tientallen bijzondere, Haagse plannen centraal die om uiteenlopende redenen onuitgevoerd zijn gebleven: van ontwerpen voor beeldbepalende gebouwen als het Vredespaleis, het Stadhuis, Spui, Den Haag en de Tweede Kamer der Staten-Generaal tot ingrijpende verkeersplannen en ambitieuze stadsuitbreidingen. Van praktische oplossingen tot utopische projecten. Wat waren de ideeën achter deze plannen? En waarom zijn ze niet uitgevoerd?

Boek en tentoonstelling vormen een uitnodiging om met andere ogen naar de vertrouwde stad te kijken. Terugkijkend slaken we bij sommige geschrapte projecten een zucht van verlichting, maar wellicht moeten we in andere gevallen met weemoed en spijt vaststellen dat “Groot Denken” niet ten uitvoer is gebracht.

Tentoonstelling
Van 16 november 2019 t/m 22 maart 2020 zal in het Haags Historisch Museum de tentoonstelling Nooit gebouwd Den Haag te zien zijn. Duik met behulp van Virtual Reality in nooit gebouwde Wereldhoofdstad van het Internationalisme. Hoe zou de stad eruit hebben gezien als het dorp Die Haghe in de zestiende of zeventiende eeuw stadsmuren had gekregen?

Wat zou de impact zijn geweest van een dubbele ringbaan rond de historische binnenstad? Prachtige ontwerptekeningen en maquettes van onder andere H.P. Berlage, W.M. Dudok en Rem Koolhaas tonen hoe spectaculair anders de stad eruit had kunnen zien.
www.haagshistorischmuseum.nl/verwacht

Publicatie
Meer lezen over het nooit gebouwde Den Haag kunt u vanaf 16 november in de publicatie Nooit gebouwd Den Haag. In dit rijk geïllustreerde boek komen in 22 hoofdstukken tientallen niet uitgevoerde plannen en ontwerpen aan bod.

Nooit gebouwd Den Haag is een publicatie in de VOM-reeks van de Gemeente Den Haag, afdeling Monumentenzorg en Welstand en de Stichting Publicaties Haags Erfgoed, uitgegeven door Bekking & Blitz. Deze uitgave komt tot stand mede dankzij de steun van de M.A.O.C. Gravin van Bylandt Stichting en De Frans Stichting Mortelmans.
www.publicatieshaagserfgoed.nl

Meer weergeven

web: Haags historisch museum

Adres

Haags Historisch Museum
Korte Vijverberg 7
2513 AB Den Haag

Huh, wat doet dat Olympisch Stadion op Scheveningen? En andere gebouwen die nooit gebouwd zijn

OmroepWest 17.11.2019 Stel je een rondleiding voor door een Den Haag dat nooit gebouwd is. Een tour langs het schitterende Olympisch Stadion op Scheveningen, de Bijlmerflats in de Schilderswijk en het grote M-gebouw bij het Haagse Centraal Station.

De plannen voor al deze gebouwen lagen er, maar gebouwd zijn ze nooit. Tijdens een nieuwe tentoonstelling in het Haags Historisch Museum kan je je vergapen aan de ontwerptekeningen en maquettes van de allermooiste ‘Nooit gebouwde’ Haagse gebouwen.

We maakten een overzicht van die “Nooit gebouwde gebouwen” en wat op die plekken dan wel staat !!

Bijlmerflats in de Schilderswijk

Eind jaren ’60 werd door de gemeente een plan ontwikkeld voor een gedeeltelijke sanering van de Schilderswijk: Van Grijs naar Groen. Na grootschalige sloop zouden veertien hoge flats in het groen bij het Oranjeplein verrijzen.

Maquette ‘Bijlmerflats’, Oranjeplein | Collectie Haags Gemeentearchief

Oranjeplein anno 2019.

Topshot Schilderswijk, Oranjeplein | Foto: Google Maps

M2 Gebouw op Koning Julianaplein

Het had de kers op de taart van het vernieuwde stationsgebied moeten worden: het M-gebouw van Rem Koolhaas. Door de financiële crisis en de ingestorte kantorenmarkt werd in 2010 de stekker uit het project getrokken.

Ontwerp M-gebouw | Copyright: Oma

Zo ziet het Koningin Julianaplein er anno 2019 uit.

Topshot Koningin Julianaplein Den Haag | Beeld : Google Maps

Vredespaleis

Voor de bouw van het Vredespaleis in Den Haag zonden 216 architecten, waaronder Berlage, een ontwerp in. Uiteindelijk werd gekozen voor het ontwerp van Louis Marie Cordonnier. Het Vredespaleis was in 1913 klaar.

Het ontwerp van Hendrik Berlage, dat het niet werd.

https://imgw.rgcdn.nl/7c93e76b41784d69a659429e133ee338/opener/3963563.jpg?v=ct3VneWyg-ip-KaeZJOHwQ2

Dit ontwerp van Willem Kromhout werd ook niet gekozen.

Ontwerp voor het Vredespaleis, Willem Kromhout | Collectie Nieuwe Instituut

Vredespaleis anno 2019.

Binnenhof

Vanaf het midden van de negentiende eeuw zijn vele tientallen plannen gemaakt voor nieuwbouw op of naast het Binnenhof. Een van die plannen die niet werd verwezenlijkt, is het ontwerp van Ludwig Lange, die in 1865 een nieuw Paleis der Staten-Generaal op het Binnenhof schetst.

Ontwerp voor een Paleis der Staten-Generaal op het Binnenhof, Ludwig Lange, 1865 | Collectie: Nationaal Archief

Het Binnenhof met de Ridderzaal anno 2019.

Extra woonwijk in de duinen en Olympisch Stadion

In 1920 zijn er plannen voor de bouw van een hypermodern stadion dat plaats moet bieden aan 50 à 60.000 toeschouwers. Het Nederlandsch Olympisch Comité wil dit laten bouwen op de plek waar nu het Westbroekpark is.

Olympisch Stadion op Scheveningen | Beeld via Haags Historisch Museum

Westbroekpark anno 2019.

Een paar jaar eerder in 1908 presenteerde de architect Hendrik Berlage een spectaculaire uitbreidingswijk, de achthoekige internationale stad in de duinen bij Scheveningen.

Plan tot uitbreiding van Den Haag 1908 door Berlage | Collectie: Haags Gemeentearchief

Scheveningen anno 2019.

Scheveningen| Beeld: Google Maps

Een paleis voor Koning Willem II

Park Sorghvliet had er geheel anders kunnen uitzien als koning Willem II zijn plannen voor een paleis had doorgezet. In 1838 maakte Henry Ashton een ontwerp voor dit paleis.

Ontwerp voor een koninklijk paleis op landgoed Zorgvliet | Beeld collectie koninklijke verzamelingen

Park Sorghvliet anno 2019.

Park Sorghvliet | Beeld Google Maps

Meer ontwerptekeningen en maquettes van onder andere W.M. Dudok en Rem Koolhaas zijn te zien in de tentoonstelling. Ook kan je met behulp van Virtual Reality kijken naar de nooit gebouwde Wereldhoofdstad van het Internationalisme.

De tentoonstelling ‘Nooit Gebouwd’ is van 16 november 2019 t/m 22 maart 2020 in het Haags Historisch Museum.

Meer over dit onderwerp: HAAGS HISTORISCH MUSEUM NOOIT GEBOUWD TENTOONSTELLING

Stemmen op projecten die er in Den Haag wél hadden moeten komen

AD 16.11.2019 Bezoekers van de tentoonstelling Nooit Gebouwd Den Haag in het Haags Historisch Museum kunnen stemmen op projecten die er hadden moeten komen. Met een groen muntje geef je aan ‘deze wel’.

Het licht is fel en het ruikt in de zalen naar hout. De tentoonstelling is ruwer dan gewoonlijk in dit museum. Daar leent zich het thema ook voor: een selectie van plannen die niet verder dan de tekentafel in een werkplaats kwamen. Samensteller Lex van Tilborg koos er twaalf uit die ‘beeldbepalend’ zijn en waarover discussie was.

Lees ook;

Zoekend door een camera de nieuwbouw van Den Haag meer waarderen

Lees meer

Prijzen voor jonge kunstenaars die iets met Den Haag hebben: ‘Ik dacht: hier wil ik werken'

Lees meer

De eerste schetsen stammen uit de 16de eeuw; ze zijn van een ommuurde stad met bastions. Maar anders dan Delft of Gouda is Den Haag nooit een vesting geworden met stenen wallen om de burgers te beschermen tegen aanvallen van bijvoorbeeld de Spanjaarden. Prins Maurits liet in plaats daarvan grachten graven, maar de achthoekige stadsmuur is wel getekend. Mogelijk waren de plannen te duur.

Sportief

Blikvanger in de zaal is het meest recente ontwerp dat sneuvelde, onder druk van de publieke opinie. De maquette voor het Spuiforum van Neutelings Riedijk Architecten uit 2010 is enorm groot. Het is opengewerkt, je ziet gasten en orkesten in de zalen. Na de verkiezingen van 2014 werd voor een ander ontwerp gekozen, dat nu Amare heet. ,,Het is sportief van de ontwerpers dat ze de maquette ter beschikking stellen”, zegt Van Tilborg. Volgens hem geloven ze nog steeds in hun creatie.

Het atrium heeft een magie in zich, aldus Oud-wethouder Adri Duivesteijn.

Oud-wethouder Adri Duivesteijn was bij de opening van de expositie en noemde het afwijzen van dit project een gemiste kans. ,,Het was een fenomenaal statement geweest.” Zou hij na al die jaren nog kiezen voor het ontwerp van Richard Meier voor het IJspaleis? Duivesteijn: ,,Ik ben blij dat het er staat. Het verbindt zand en veen. Op deze plek komen groepen samen. Het atrium heeft een magie in zich.‘’

Voor het museum heeft hij een bijzondere verrassing bij zich. Een schets van het stadhuis van Rem Koolhaas (dat het niet haalde), waarop hij schreef ‘blij’ te zijn ‘met een partijtje’. ,,Hij was toen nog blij”, aldus Duivesteijn. De oud-wethouder kreeg de tekening na een diner met architecten. De maquette van het nooit gebouwde stadhuis van Koolhaas maakt deel uit van de tentoonstelling. Evenals de spectaculaire toren van Nervi uit 1962, die in het Spuikwartier zou verrijzen. De kantorenflat van 140 meter leek te zweven in de lucht. De Raad van State haalde er een streep door, omdat de toren het Binnenhof overschaduwde. Een fotomontage illustreert dat.

Met muntjes kunnen bezoekers aangeven welke projecten zij wel graag in Den Haag hadden gezien.

Met muntjes kunnen bezoekers aangeven welke projecten zij wel graag in Den Haag hadden gezien. © Frank jansen

De tweede zaal is verplichte kost voor de politici die worstelen met de renovatie van de parlementsgebouwen. Hun problemen zijn namelijk niet nieuw: in de 19de en 20ste eeuw waren er al prijsvragen voor een andere inrichting van het regeringscentrum. Dat leverde zeer radicale plannen op. Staatsman Thorbecke wilde het Binnenhof slopen voor de bouw van een ‘Paleis der Staten-Generaal’.

Rem Koolhaas

Bij de prijsvraag in 1977 zond Rem Koolhaas een zeer gedurfd plan in waarbij hoogbouw het Binnenhof doorkliefde en stopte tegen de Ridderzaal. De bekende architect Willem Dudok wilde Den Haag internationale allure geven met een Plein 1945. Bezoekers kunnen aan de hand van de maquette en tekeningen een eigen mening vormen.

De derde en laatste zaal van de expositie is voor de dromers en doet sprookjesachtig aan. Er zijn tekeningen te zien van wat het Vredespaleis had kunnen worden. Opvallendste is het oosterse paleis van architect Willem Kromhout uit 1906. In de kranten werd het in die tijd ‘Fata Morgana’ genoemd. Het lijkt op een attractie uit de Efteling. Duivesteijn vindt het jammer dat de jury uiteindelijk niet voor dit plan koos.

Verbroedering

Als het aan de Haagse pacifist en arts Pieter Hendrik Eijkman had gelegen, was het Vredespaleis onderdeel geweest van zijn ‘Wereldhoofdstad van het Internationalisme’. In de duinen wilde hij een terrein van 1500 hectare bebouwen met een ‘monument van de verbroedering van de mensheid’. Aan een plein kwamen drie academies, waarin wetenschappers werkten aan de wereldvrede. Ook deze utopie werd geen werkelijkheid. Maar zet de VR-bril op en loop door de wereld van Eijkman. Het is een adembenemende ervaring.

Nooit gebouwd Den Haag is t/m 22 maart te zien. Het boek bij de tentoonstelling bevat 22 objecten. (Bekking&Blitz uitgevers, 29,90 euro)

De maquette van Rem Koolhaas uit 1977 van zijn plannen voor het Binnenhof, met rechts nieuwbouw die bijna doorloopt tot aan de Ridderzaal.

De maquette van Rem Koolhaas uit 1977 van zijn plannen voor het Binnenhof, met rechts nieuwbouw die bijna doorloopt tot aan de Ridderzaal. © Frank jansen

Nooit uitgevoerde ontwerpen hadden de stad er heel anders uit laten zien

Den HaagFM 30.08.2019 Hoe had Den Haag eruit gezien als voor een aantal iconische gebouwen een ander ontwerp was gekozen? Dat zullen we natuurlijk nooit weten, maar met het afstoffen van oude niet uitgevoerde ideeën geeft conservator Lex van Tilborg toch een aardig beeld. Hij schrijft erover in zijn boek ‘Nooit Gebouwd Den Haag’.

“Ik heb dit uitgezocht omdat ik het echt fascinerend vind”, zegt Van Tilborg. “De niet uitgevoerde ontwerpen hadden de stad een compleet andere aanblik kunnen geven.”

Naast het boek is er ook expositie van de niet uitgevoerde ontwerpen. Vanaf 16 november 2019 is deze te zien in het Haags Historisch Museum.

Tentoonstelling 2019 “Ode aan Rembrandt” stadhuis Den Haag juli 20, 2019

Posted by jandewandelaar in Atelier Picasso, Ode aan Rembrandt.
Tags: , , , ,
add a comment

Atelier Picasso brengt een Ode aan Rembrandt
Atelier Picasso is een schildersclub waar deelnemers van het VTV elke maandagavond o.l.v. een professionele docent aan het werk gaan om de mooiste schilderijen te maken.

Deelnemers van Atelier Picasso zijn erg trots, dat zij in het kader van het Rembrandtjaar, in samenwerking met de Gemeente Den Haag, hun werk tentoon kunnen stellen in het Atrium van deze mooie stad.

Deelnemers van Atelier Picasso van VTV (Stichting MEE) hebben zich op eigen wijze laten inspireren op de meesterstukken van Rembrandt De Meester, van doelgericht tot vrij werk. De expositie van deze schilderijen is te zien in het Atrium Den Haag van 1 t/m 18 juli 2019.

Het VTV Den Haag biedt Vrijetijdsbesteding, Thuishulp en Vormingsactiviteiten aan mensen met een verstandelijke beperking en kent een uitgebreid aanbod van vrijetijds- en vormingsactiviteiten, die een bijdrage leveren aan de kwaliteit van hun bestaan.

Geboden worden activiteiten die aansluiten bij de behoeften en wensen van de deelnemers. Het aanbod wordt in de eigen activiteitencentra of in de directe woonomgeving van de deelnemers gerealiseerd. Daarnaast wordt gewerkt aan mogelijkheden tot integratie in de samenleving, om mensen met een beperking ‘erbij’ te laten horen en volwaardig deelnemer aan de samenleving te kunnen laten zijn. Meer weergeven

Koloniale roofkunst terug naar de rechtmatige eigenaar maart 8, 2019

Posted by jandewandelaar in museum, Nederlands Erfgoedwet, Nigeria, roofkunst.
Tags: , , , , , ,
add a comment

Roofkunst retour naar oorsprong

De Nederlandse musea die de grootste collecties koloniale voorwerpen beheren, hebben nieuwe spelregels opgesteld om geroofde kunst terug te bezorgen.

Als voormalige koloniën een claim indienen, dan mag roofkunst terug naar het land van herkomst. Met dat uitgangspunt heeft het Nationaal Museum van Wereldculturen vandaag een internationale lijst met voorwaarden gepubliceerd om gestolen erfgoed terug bij de rechtmatige eigenaar te krijgen. Volgens critici is het nog maar de vraag of deze spelregels ook resultaat zullen hebben.

Tien Europese musea zaten onlangs in het Museum Volkenkunde in Leiden om tafel met Nigeriaanse autoriteiten. Ze praten over de uitleen van geroofde Nigeriaanse kunstwerken aan een museum in Benin City in Nigeria, dat nog gebouwd wordt, schrijft Trouw.

Nigeria moet onderhandelen met een dozijn musea uit Groot-Brittannië, Duitsland, Oostenrijk, Zweden en Nederland, die nationale wetten hebben om collecties te behouden, niet om ze te terug te geven. Het Museum Volkenkunde werkt wel aan een richtlijn om te ‘ontzamelen’.

Wanneer komt een kunstwerk in aanmerking voor terugkeer?

Als er een claim wordt ingediend, dan zijn dit kort samengevat de criteria die het NMVW hanteert voor goedkeuring:

Als het verkregen is via iemand die het werk op illegale wijze heeft bemachtigd.

– Als het destijds verkregen is op een manier die in strijd was met de toen geldende wetten.

– Als het object grote culturele of maatschappelijke waarde heeft in het land van herkomst.

– Als het zonder toestemming van de eigenaar is afgenomen.

Sinds 2017 doet het Rijksmuseum onderzoek naar tien kunstobjecten uit de koloniale collectie. Bijvoorbeeld naar de diamant van Banjarmasin. Deze edelsteen was van sultan Panembahan Adam van Banjarmasin (Zuid-Borneo). Toen Nederland het sultanaat veroverde in 1859 werd de steen staatsbezit.

Bekijk ook;

Musea onderhandelen in Leiden over roofkunst uit Nigeria

Musea voor volkenkunde willen roofkunst teruggeven

Nigerianen willen kunst terug: ‘Dit zijn onze voorouders, dit is onze cultuur’

Roofkunst terug naar Nigeria: maar alleen in bruikleen en in apart museum

en zie ook: Roofkunst uit Nigeria

De diamant van Banjarmasin is oorlogsbuit uit 19e eeuw en ligt in het Rijksmuseum Rijksmuseum

Rijksmuseum naar Sri Lanka om te praten over teruggeven roofkunst

Directeur Dibbits vindt het schandalig dat Nederland zich er nu pas om bekommert. “Daar is geen excuus voor.”

NOS 12.03.2019 Het Rijksmuseum gaat in gesprek met Sri Lanka en Indonesië over de teruggave van roofkunst. Directeur Taco Dibbits noemt het in Trouw schandalig dat Nederland zich er niet eerder om heeft bekommerd. “We hadden het veel eerder moeten doen. Daar is geen excuus voor.”

Het hoofd van de afdeling Geschiedenis van het Rijksmuseum, Martine Gosselink, reist over twee weken naar Sri Lanka om te praten over de mogelijke teruggave van kunst. “De helft van het verhaal achter die voorwerpen ligt immers niet in Nederland”, zegt Dibbits daarover.

Onder de stukken waar Gosselink over in gesprek gaat is de diamant van Banjarmasin, die een sultan op Borneo ooit in bezit had. Later dit voorjaar reist ze naar Indonesië. Met Sri Lanka gaat ze het gesprek aan over het kanon van Kandy, een van de pronkstukken van het Rijksmuseum.

Gosselink zei afgelopen vrijdag in De Dag, een podcast van de NPO, dat het Rijksmuseum er rekening mee houdt dat het kanon teruggaat naar Sri Lanka. “Ik kan me heel goed voorstellen dat het kanon volledig wordt teruggegeven en dat het echt helemaal niet meer van Nederland is.”

Rijksmuseum gaat praten met Sri Lanka

Martine Gosselink spreekt in De Dag met presentator Elisabeth Steinz over het teruggeven van het kanon van Kandy.

Het Rijksmuseum kan overigens niet alleen bepalen dat het stukken teruggeeft. Ze zijn staatseigendom en daarom moet de minister van Cultuur instemmen.

Vorige week publiceerde het Nationaal Museum van Wereldculturen, een koepelorganisatie van meerdere musea, een leidraad voor teruggave van roofkunst. De koepel beheert de nationale volkenkundige collectie en bezit 375.000 voorwerpen. De koepel zei actief op zoek te willen gaan naar stukken in de collectie die in aanmerking komen voor teruggave.

Bekijk ook;

Grote stap voor teruggave koloniale roofkunst? ‘Eerst zien, dan geloven’

Musea voor volkenkunde willen roofkunst teruggeven

Nigerianen willen kunst terug: ‘Dit zijn onze voorouders, dit is onze cultuur’

De diamant van Banjarmasin, ooit van sultan Panembahan Adam van Banjarmasin (Zuid-Borneo). Nadat Nederland het sultanaat in 1859 met geweld had ingelijfd, werd de diamant tot Nederlands staatsbezit verklaard. © Rijksmuseum

Rijksmuseum gaat met Indonesië en Sri Lanka in gesprek over roofkunst

AD 12.03.2019 Het Amsterdamse Rijksmuseum gaat gesprekken voeren met Sri Lanka en Indonesië over de mogelijke teruggave van objecten uit de collectie die misschien als roofkunst verworven zijn.

Dat zegt directeur Taco Dibbits in dagblad Trouw. De gesprekken met de landen gaan onder meer over de teruggave van een met zilver en robijnen versierd bronzen kanon dat Nederland in 1765 buit maakte en de zogenoemde diamant van Banjarmasin, die Nederland in 1859 inlijfde.

,,Martine Gosselink, hoofd van de afdeling Geschiedenis, vertrekt over twee weken zelf naar Sri Lanka om daar te praten met wetenschappers over mogelijke teruggave van objecten uit onze collectie. De helft van het verhaal achter die voorwerpen ligt immers niet in Nederland”, aldus Dibbits.

Het Rijksmuseum reageert daarmee op een publicatie, vorige week, van het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMWG). Deze koepel, een samenvoeging van het Tropenmuseum in Amsterdam, Museum Volkenkunde in Leiden en het Afrika Museum in Nijmegen, publiceerde richtlijnen voor de beoordeling van claims uit de eigen collectie ten aanzien van voorwerpen die in de koloniën zijn verworven.

Objecten waarvan de oorspronkelijke eigenaar ,,niet vrijwillig afstand heeft gedaan” komen in aanmerking voor teruggaven, zo werd bepaald. Ook objecten die een grote culturele of maatschappelijke waarde hebben in het land van herkomst, komen in aanmerking voor teruggave aan die natie.
Het Rijksmuseum behoort niet tot de koepel, maar Dibbits noemt de leidraad wel ,,een goede eerste stap”.

,,Het is schandalig dat Nederland zich nu pas met teruggave van koloniaal erfgoed bezighoudt. We hadden het veel eerder moeten doen, daar is geen excuus voor’’, zegt hij in de krant.

De diamant van Banjarmasin is oorlogsbuit uit 19e eeuw en ligt in het Rijksmuseum Rijksmuseum

Grote stap voor teruggave koloniale roofkunst? ‘Eerst zien, dan geloven’

De afgelopen 14 jaar zijn er 2 koloniale roofkunstwerken teruggekeerd uit Nederlandse musea. Drie musea willen er nu actief werk van maken.

NOS 07.03.2019 Als voormalige koloniën een claim indienen, dan mag roofkunst terug naar het land van herkomst. Met dat uitgangspunt heeft het Nationaal Museum van Wereldculturen vandaag een internationale lijst met voorwaarden gepubliceerd om gestolen erfgoed terug bij de rechtmatige eigenaar te krijgen. Volgens critici is het nog maar de vraag of deze spelregels ook resultaat zullen hebben.

Want de afgelopen jaren is de lijst van teruggekeerde roofkunst kort. In veertien jaar tijd zijn er welgeteld twee kunstwerken uit Nederlandse musea ‘teruggegeven’, laat het ministerie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op verzoek van de NOS weten.

Ter vergelijking: de helft van zo’n 375.000 kunstobjecten uit de collectie van het Nationaal Museum van Wereldculturen is verbonden met het koloniale verleden. Het NMVW is een fusie van het Tropenmuseum, Afrika Museum en Museum Volkenkunde. Hoeveel van deze objecten als roofkunst kunnen worden bestempeld, is nog onduidelijk.

Het NMVW gaat zelf verdachte onderdelen van hun collectie onderzoeken:

Video afspelen

‘Het is belangrijk om te kijken naar objecten waarvan je iets vermoedt’

Met de gepubliceerde lijst van voorwaarden voor teruggaveclaims hoopt het museum het voortouw te nemen. Een goed initiatief, maar met de nodige beperkingen, vindt onderzoeker van koloniale collecties Jos van Beurden (verbonden aan de Vrije Universiteit).

“Hier lijkt het een sprong voorwaarts, maar in Afrika en Azië zegt men: eerst zien dan geloven. Het zijn richtlijnen, geen harde wetten en zo gaan musea er dus ook mee om.”

Wanneer komt een kunstwerk in aanmerking voor terugkeer?

Als er een claim wordt ingediend, dan zijn dit kort samengevat de criteria die het NMVW hanteert voor goedkeuring:

Als het verkregen is via iemand die het werk op illegale wijze heeft bemachtigd.

– Als het destijds verkregen is op een manier die in strijd was met de toen geldende wetten.

– Als het object grote culturele of maatschappelijke waarde heeft in het land van herkomst.

– Als het zonder toestemming van de eigenaar is afgenomen.

De bewijslast voor deze criteria is volgens de directeur van NMVW “laag”. Maar volgens Van Beurden begint het probleem al bij het indienen van claims. “Wij weten niet eens wat jullie in huis hebben, zei de Rwandese directeur-generaal van cultuur laatst tegen me. Hoe kunnen we dan een claim indienen?”

Nazi-roofkunst

Van Beurden maakt een vergelijking met nazi-roofkunst. Volgens hem hebben Europese musea daar veel actiever achteraan gezeten. “Toen hebben alle musea in hun archief gekeken naar kunst met een luchtje en daarna de eigenaar opgespoord. Nu hebben we een raamwerk waarmee landen een claim kunnen indienen. Dat is een enorm verschil, terwijl het zijn allebei voorbeelden zijn van historisch onrecht.”

De onderzoeker benadrukt dat niet alle musea met koloniale roofkunst meedoen aan het initiatief van het NMVW. Zo ook het Rijksmuseum. Dat museum zegt dat er gesprekken zijn met NMVW en het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) om samen de gemeenschappelijke collectie uit te pluizen.

Het zou naïef zijn om te denken dat je het gewoon over de schutting kunt gooien: hier heb je het terug, aldus Martine Gosselink, hoofd afdeling geschiedenis Rijksmuseum.

Sinds 2017 doet het Rijksmuseum onderzoek naar tien kunstobjecten uit de koloniale collectie. Bijvoorbeeld naar de diamant van Banjarmasin. Deze edelsteen was van sultan Panembahan Adam van Banjarmasin (Zuid-Borneo). Toen Nederland het sultanaat veroverde in 1859 werd de steen staatsbezit.

Maar volgens Martine Gosselink, hoofd van de afdeling geschiedenis, is het niet zo simpel om zo’n kunstwerk zomaar terug te sturen. “Geef je het aan de nazaten van de sultan, aan het eiland Borneo of aan het nationaal kunstmuseum in Jakarta? Het zou naïef zijn om te denken dat je het gewoon over de schutting kunt gooien: hier heb je het terug.”

En dan is dit een geval waarin duidelijk is wie de oorspronkelijke eigenaar was en hoe het in Nederland terecht is gekomen. Volgens Gosselink is het belangrijk om zorgvuldig uit te zoeken hoe de vork precies in de steel zit, en dat kost tijd.

Van Beurden denkt dat de bedoelingen van het Rijksmuseum en de andere musea goed zijn, maar dat het de voormalige koloniën in de praktijk nog niets oplevert. “Als je veel kunst bent kwijtgeraakt dan heb je er alleen wat aan als je ook wat terugkrijgt. De rest is praten.”

Bekijk ook;

Musea voor volkenkunde willen roofkunst teruggeven

Nigerianen willen kunst terug: ‘Dit zijn onze voorouders, dit is onze cultuur’

Roofkunst terug naar Nigeria: maar alleen in bruikleen en in apart museum

Musea gaan koloniale roofkunst ‘ruimhartig’ teruggeven

AD 07.03.2019 De Nederlandse musea die de grootste collecties koloniale voorwerpen beheren, hebben nieuwe spelregels opgesteld om geroofde kunst terug te bezorgen. De musea wachten claims niet af, maar gaan ook zelf op zoek naar objecten met een dubieus verleden. Vier vragen over over die kentering aan Stijn Schoonderwoerd, directeur van het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMVW) met vestigingen in Berg en Dal, Leiden en Amsterdam.

  1. Vanwaar de nieuwe spelregels?
    Het Tropenmuseum in Amsterdam, het Museum Volkenkunde in Leiden en het Afrika Museum in Nijmegen (die samen het NMVW vormen) en het Wereldmuseum in Rotterdam willen hun verantwoordelijkheid nemen, zegt Schoonderwoerd. ,,We weten dat een groot deel van onze collecties uit de koloniale tijd stammen. Het koloniale systeem was verwerpelijk, met grote machtsverschillen en onrecht. Het is zeker dat wij ook objecten beheren waarvan de oorspronkelijke eigenaar niet uit eigen beweging afstand heeft gedaan. Net zoals bij geroofde kunst in de Tweede Wereldoorlog. Ook in andere voormalige koloniale machten, zoals Frankrijk en Engeland, zie je daar nu discussie over ontstaan.’’
  2. Wat betekent dat voor jullie collecties?
    ,,Dat is nog onmogelijk in te schatten, daar is dit onderzoek voor nodig. Maar we zijn zeker niet bang dat we halflege musea overhouden. We beheren ontzettend veel; zo’n 375.000 voorwerpen. Maximaal 5 procent staat uitgestald, de rest ligt in depots. Zeker de helft heeft geen koloniale herkomst, en lang niet alle koloniale voorwerpen zijn geroofd. In vierhonderd jaar koloniale relaties zijn objecten op allerlei manieren van eigenaar veranderd: door handel, geschenken aan vrienden. Je kunt niet alles over één kam scheren.’’
  3. Controleren jullie ook of bijvoorbeeld de Benin-bronzen, zo’n 3.000 door het Britse leger geroofde beelden die Nigeria terug wil, straks niet voor veel geld bij Sotheby’s worden verpatst? 
    ,,Nee, wij stellen geen eisen aan de manier waarop de teruggeven objecten worden beheerd. Als aannemelijk is gemaakt dat ze destijds niet vrijwillig zijn afgestaan, is het niet meer aan ons om te bepalen wat er vervolgens mee gebeurt. Dus ja, ze kunnen op een veiling belanden. Net als met sommige roofkunst uit de Tweede Wereldoorlog is gebeurd.’’

Het Tropenmuseum in Amsterdam © ANP

  1. Hoe nu verder? Stromen de claims al binnen?
    ,,Nog niet. Dat is ook geen kwestie van een simpel briefje sturen, waarna wij per kerende post de objecten terugsturen. Claims moeten zorgvuldig worden onderbouwd. Wij gaan serieus aan de bak om de herkomst vast te stellen, samen met het NIOD (Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie) dat onderzoek doet naar ons koloniale verleden. Een commissie van externe deskundigen controleert ons oordeel. Ja, dat gaat veel tijd kosten, maar claims kunnen niet verjaren. Uiteindelijk moet de minister over teruggave beslissen, want onze collecties zijn eigendom van de staat. Met uitzondering van die van het Wereldmuseum: die zijn gemeente-eigendom, dus daarover beslist het college van B&W van Rotterdam. Hopelijk leidt onze aanpak tot een werkwijze die voor de hele museumsector gaat gelden. Want ook bijvoorbeeld natuurhistorische en militaire musea hebben objecten uit voormalige kolonies verzameld.’’

Museum Volkenkunde geeft roofkunst terug aan rechtmatige eigenaar

OmroepWest 07.03.2019 Museum Volkenkunde in Leiden wil roofkunst uit collectie teruggeven aan de rechtmatige eigenaar. Het museum gaat samen met het Amsterdamse Tropenmusea en het Afrika-museum in Berg en Dal actief op zoek naar objecten in de collectie die voor teruggave in aanmerking komen.

‘We weten dat een deel van onze collectie verworven is in de koloniale periode, een periode van grote machtsverschillen en onrecht’, zegt Stijn Schoonderwoerd, directeur van het NMVW (samenwerkingsverband van de drie musea).

Hij vervolgt: ‘Als we vandaag de dag op basis van internationale verdragen zeggen dat uit Syrië gestolen objecten niet in onze collectie thuishoren, waarom zou dat principe dan niet gelden voor objecten die 100 jaar geleden zijn geroofd?’

Nederlands Erfgoedwet

Het gaat om museumstukken waarvan de oorspronkelijke eigenaar ze niet vrijwillig heeft afgestaan. Maar niet alleen roofkunst komt in aanmerking voor teruggave. Ook objecten die een grote culturele of maatschappelijke waarde hebben in het land van herkomst kunnen eventueel terug naar hun geboortegrond.

Schoonderwoerd vervolgt: ‘In de Nederlandse Erfgoedwet wordt erkend dat bepaalde objecten onlosmakelijk met ons land verbonden zijn en altijd behouden moeten blijven voor Nederland. Evenzo kunnen er nu objecten in onze depots liggen waarvan een ander land zegt: die zijn voor ons nationale bewustzijn of ons culturele leven ontzettend belangrijk.’

LEES OOK: Nieuw topstuk in Museum Volkenkunde trekt op eerste dag veel publiek

Meer over dit onderwerp: VOLKENKUNDE LEIDEN MUSEUM KUNST CULTUUR

Gaan Nederlandse musea koloniale kunst teruggeven?

AD 07.03.2019 Het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMVW) komt donderdag met richtlijnen voor de beoordeling van claims op stukken uit de eigen collecties, met name voorwerpen die in koloniën zijn verworven. Het Nationaal Museum is een samenvoeging van het Tropenmuseum in Amsterdam, Museum Volkenkunde in Leiden en het Afrika Museum in Nijmegen.

Objecten waarvan de oorspronkelijke eigenaar ,,niet vrijwillig afstand heeft gedaan”, komen in aanmerking voor teruggave, staat op de website van het Tropenmuseum. Maar ook objecten die een grote culturele of maatschappelijke waarde hebben in het land van herkomst, kunnen aan die natie worden teruggegeven.
Nadat een externe commissie de herkomst van een stuk is nagegaan en de argumentatie voor of tegen de claim heeft bestudeerd, brengt dit nog te benoemen college advies uit aan de cultuurminister, die moet beslissen.

Het Anne Frank Huis op 22.11.2018 opnieuw geopend november 23, 2018

Posted by jandewandelaar in anne frank, museum, wo2.
Tags: , , , , , , ,
add a comment

Anne Frankhuis vernieuwd.

Het Anne Frank Huis, dat de afgelopen twee jaar een vernieuwing heeft ondergaan, is gisteren officieel geopend door koning Willem-Alexander.

Vernieuwd Anne Frank Huis geopend door de koning

De make-over, die 11,5 miljoen euro heeft gekost, was nodig omdat jonge bezoekers het verhaal van de jodenvervolging en de vernietigingskampen niet meer goed kennen. ,,Zelfs hun grootouders zijn van na de oorlog’’, zegt algemeen directeur Ronald Leopold.

Aan het Achterhuis, waar de jonge joodse Anne aan haar beroemd geworden dagboek begon, is weinig veranderd, legt Leopold uit. Maar de opzet van het museum is wel veranderd.

Vernieuwd Anne Frank Huis geopend door de koning

Anne Frank, haar zus en ouders zaten vanaf 1942 verscholen in het Achterhuis, samen met het gezin Van Pels en Fritz Pfeffer. In augustus 1944 worden ze verraden, gearresteerd door de Duitse bezetters en naar het oosten gedeporteerd. Alleen Annes vader Otto Frank overleefde de Tweede Wereldoorlog.

Een nieuw deel in het museum is een expositie over de jaren voor de oorlog. Ronald Leopold, directeur van de Anne Frank Stichting, legt uit waarom die context is toegevoegd:

Het vernieuwde museum geeft meer context rondom Annes leven

Bekijk ook;

Koning Willem-Alexander kreeg een reproductie van een ansichtkaart die in de kamer van Anne Frank hangt in het Achterhuis. © ANP

Bij de opening van het vernieuwde museum door Koning Willem- Alexander waren vanochtend enkele bekenden van het beroemde Joodse meisje, onder wie haar toenmalige beste vriendin Jacqueline van Maarsen, haar klasgenoot Albert Gomes de Mesquita en stiefzus Eva Schloss.

Na het officiële programma kreeg de koning een rondleiding door het Amsterdamse museum. Op de vraag of hij nog een keer langskomt met zijn dochters, antwoordde Willem-Alexander dat hij dat zeker zal doen en dat ze ook al vaker zijn geweest.

Lees ook;

Anne Frank Stichting nieuwe eigenaar woning Anne Frank

Lees meer

Ongeopende brief aan Otto Frank gaat onder de hamer in Amstelveen

Lees meer

Achterhuis Anne Frank nu virtueel te bezoeken

Lees meer

Make-over

De make-over, die 11,5 miljoen euro heeft gekost, was nodig omdat jonge bezoekers het verhaal van de jodenvervolging en de vernietigingskampen niet meer goed kennen. ,,Zelfs hun grootouders zijn van na de oorlog’’, zegt algemeen directeur Ronald Leopold.

Aan het Achterhuis, waar de jonge joodse Anne aan haar beroemd geworden dagboek begon, is weinig veranderd, legt Leopold uit. Maar de opzet van het museum is wel veranderd.

De looproute is chronologisch gemaakt, er wordt meer uitgelegd en – waar het museum aanvankelijk huiverig voor was – er is een audiotour ingevoerd. ,,Daarmee geven we een toelichting zonder de leegte aan te tasten”, zegt Leopold.

De dagboekzaal.

Hij doelt op het ontbreken van meubels in het pand. Die waren geroofd na het wegvoeren van de onderduikers. Na zijn terugkeer in Nederland was het de wens van vader Otto Frank dat de kamers leeg zouden blijven. ,,De leegte geeft aan dat Anne er niet meer is. Maar ook dat Amsterdam een leegte in zich draagt; de stad heeft 70.000 van zijn inwoners verloren.”

Ook de dagboekzaal is vernieuwd en herbergt een onzichtbare hoeveelheid techniek ter bescherming van Anne’s manuscript. Het ligt tentoongesteld in een dubbelwandige vitrine, in een geklimatiseerde en trillingsvrij gemaakte ruimte.

Tijdens de verbouwing bleef het museum open en werden bezoekers soms tijdelijk om ruimtes heen geleid waar werd gewerkt. ,,Het was lastig om open te blijven, zowel voor publiek als medewerkers, maar we zijn trots en opgelucht dat het is gelukt”, aldus zakelijk directeur Garance Reus-Deelder.

Lange rijen

De beruchte lange rijen voor het Anne Frank Huis horen ook tot het verleden, dankzij een systeem van kaartjes met een tijdslot die alleen online kunnen worden gekocht. Per kwartier kunnen zo tachtig à negentig bezoekers naar binnen.

Het museum trekt ruim 1,2 miljoen bezoekers per jaar. De nieuwe verplichte garderobe in de entreehal zorgt dat ze niet meer met hun tassen en natte jassen door de smalle gangen en trappen van het museum kunnen.

Lees verder: Anne Frank Huis vernieuwd: verse verhalen uit het Achterhuis

De Koning kreeg een rondleiding door het museum. © ANP

De boekenkast waarachter de familie Frank zich schuil hield.

De trappen

Een deel van de tentoonstelling

zie ook: Meer over het dagboek van Anne Frank

zie ook: Theatervoorstelling De musical over het leven van Anne Frank  

zie ook: Anne Frank Tentoonstelling in het Achterhuis

zie ook: De Anne Frankboom in Amsterdam

zie ook: Spullen Anne Frank naar Joods Museum Frankfurt en meer

zie ook: Monument Anne Frank Memorial Park Israel

zie ook: Anne Frank-museum naast moskee op Ground Zero   

zie ook: Hitler + Anne Frank = Kunst ?

zie ook: Twee nominaties voor Het Achterhuis Online

‘Kennis over Anne Frank neemt af’

Telegraaf 22.11.2018 Het vernieuwde Anne Frank Huis wordt vandaag geopend. Bezoekers krijgen vanaf nu veel meer te weten over het leven van de onderduikers.

Koning Willem-Alexander opende het Amsterdamse museum vanmorgen samen met een groep jongeren.

Vernieuwd Anne Frank Huis geopend, ‘Achterhuis zelf onveranderd’

NOS 22.11.2018 Na twee jaar werkzaamheden is vandaag het vernieuwde Anne Frank Huis in Amsterdam geopend. “De in- en uitgang zijn omgedraaid”, zegt zakelijk directeur Garance Reus. “Je komt niet meer via de Prinsengracht binnen, maar via de Westermarkt.”

Koning Willem-Alexander opende het museum vanmorgen samen met leden van het jongerenteam van de Anne Frank Stichting. Dat zijn jongeren tussen de 16 en 20 jaar die zich een jaar lang inzetten tegen vooroordelen en discriminatie.

De nieuwe ontvangsthal is de meest in het oog springende verandering. Maar voor de 1,2 miljoen mensen die jaarlijks het museum bezoeken, is er een waarschijnlijk nog belangrijkere aanpassing.

“Voortaan moet iedereen van tevoren online een kaartje kopen met een tijdslot. Je hoeft niet meer in de rij te staan”, zegt Reus. 80 procent van de kaartjes komt twee maanden vantevoren vrij. 20 procent is een dag vantevoren beschikbaar.

We hebben historische context toegevoegd, maar het Achterhuis zelf is onveranderd, aldus Garance Reus, directeur Anne Frank Huis.

Verder is er meer achtergrondinformatie toegevoegd aan het museum. Bijvoorbeeld over het verloop van de oorlog in Amsterdam en de Jodenvervolging in de rest van Europa. De reden hiervoor is dat de meeste museumbezoekers buitenlandse toeristen zijn van onder de 25 jaar.

Ook hangt er meer beeldmateriaal aan de muren. Bijvoorbeeld foto’s van hoe een kamer er vroeger uitzag. “We hebben historische context toegevoegd, maar het Achterhuis zelf is onveranderd”, zegt de directeur.

Anne Frank, haar zus en ouders zaten vanaf 1942 verscholen in het Achterhuis, samen met het gezin Van Pels en Fritz Pfeffer. In augustus 1944 worden ze verraden, gearresteerd door de Duitse bezetters en naar het oosten gedeporteerd. Alleen Annes vader Otto Frank overleefde de Tweede Wereldoorlog.

Een nieuw deel in het museum is een expositie over de jaren voor de oorlog. Ronald Leopold, directeur van de Anne Frank Stichting, legt uit waarom die context is toegevoegd:

Het vernieuwde museum geeft meer context rondom Annes leven

Bekijk ook;

Telegraaf 22.11.2018 „Bezoekers vinden dit het meest memorabele moment, de stap van de vrijheid van het lichte voorhuis naar het onderduikgedeelte in het Achterhuis.” Zakelijk directeur Garance Reus-Deelder van het Anne Frank Huis wijst op de beroemde draaibare boekenkast, die Anne Frank en haar mede-onderduikers tijdens de Tweede Wereldoorlog toegang gaf tot het Achterhuis waar ze zich schuilhielden voor de nazi’s.

Het museum heeft de afgelopen twee jaar een vernieuwing ondergaan. Het resultaat werd woensdagavond aan de pers getoond, donderdagochtend wordt het vernieuwde Anne Frank Huis officieel geopend door koning Willem-Alexander. De make-over, die 11,5 miljoen euro heeft gekost, was nodig omdat jonge bezoekers het verhaal van de jodenvervolging en de vernietigingskampen niet meer goed kennen. „Zelfs hun grootouders zijn van na de oorlog”, zegt algemeen directeur Ronald Leopold.

De looproute is chronologisch gemaakt, er wordt meer uitgelegd en – waar het museum aanvankelijk huiverig voor was – er is een audiotour ingevoerd. „Daarmee geven we een toelichting zonder de leegte aan te tasten”, zegt Leopold.

Hij doelt op het ontbreken van meubels in het pand. Die waren geroofd na het wegvoeren van de onderduikers. Na zijn terugkeer in Nederland was het de wens van vader Otto Frank dat de kamers leeg zouden blijven. „De leegte geeft aan dat Anne er niet meer is. Maar ook dat Amsterdam een leegte in zich draagt; de stad heeft 70.000 van zijn inwoners verloren.”

Onzichtbare hoeveelheid techniek

Ook de dagboekzaal is vernieuwd en herbergt een onzichtbare hoeveelheid techniek ter bescherming van Anne’s manuscript. Het ligt tentoongesteld in een dubbelwandige vitrine, in een geklimatiseerde en trillingsvrij gemaakte ruimte.

Tijdens de verbouwing bleef het museum open en werden bezoekers soms tijdelijk om ruimtes heen geleid waar werd gewerkt. „Het was lastig om open te blijven, zowel voor publiek als medewerkers, maar we zijn trots en opgelucht dat het is gelukt”, aldus Reus-Deelder.

De beruchte lange rijen voor het Anne Frank Huis horen ook tot het verleden, dankzij een systeem van kaartjes met een tijdslot die alleen online kunnen worden gekocht. Per kwartier kunnen zo tachtig à negentig bezoekers naar binnen.

Het museum trekt ruim 1,2 miljoen bezoekers per jaar. De nieuwe verplichte garderobe in de entreehal zorgt dat ze niet meer met hun tassen en natte jassen door de smalle gangen en trappen van het museum kunnen.

Zo ziet het vernieuwde Anne Frank Huis eruit

AD 22.11.2018 Het Anne Frank Huis, dat de afgelopen twee jaar een vernieuwing heeft ondergaan, is vanochtend officieel geopend door koning Willem-Alexander.

Koning Willem-Alexander kreeg een reproductie van een ansichtkaart die in de kamer van Anne Frank hangt in het Achterhuis. © ANP

Bij de opening van het vernieuwde museum door Koning Willem- Alexander waren vanochtend enkele bekenden van het beroemde Joodse meisje, onder wie haar toenmalige beste vriendin Jacqueline van Maarsen, haar klasgenoot Albert Gomes de Mesquita en stiefzus Eva Schloss.

Na het officiële programma kreeg de koning een rondleiding door het Amsterdamse museum. Op de vraag of hij nog een keer langskomt met zijn dochters, antwoordde Willem-Alexander dat hij dat zeker zal doen en dat ze ook al vaker zijn geweest.

Lees ook;

Anne Frank Stichting nieuwe eigenaar woning Anne Frank

Lees meer

Ongeopende brief aan Otto Frank gaat onder de hamer in Amstelveen

Lees meer

Achterhuis Anne Frank nu virtueel te bezoeken

Lees meer

Make-over

De make-over, die 11,5 miljoen euro heeft gekost, was nodig omdat jonge bezoekers het verhaal van de jodenvervolging en de vernietigingskampen niet meer goed kennen. ,,Zelfs hun grootouders zijn van na de oorlog’’, zegt algemeen directeur Ronald Leopold.

Aan het Achterhuis, waar de jonge joodse Anne aan haar beroemd geworden dagboek begon, is weinig veranderd, legt Leopold uit. Maar de opzet van het museum is wel veranderd.

De looproute is chronologisch gemaakt, er wordt meer uitgelegd en – waar het museum aanvankelijk huiverig voor was – er is een audiotour ingevoerd. ,,Daarmee geven we een toelichting zonder de leegte aan te tasten”, zegt Leopold.

De dagboekzaal.

Hij doelt op het ontbreken van meubels in het pand. Die waren geroofd na het wegvoeren van de onderduikers. Na zijn terugkeer in Nederland was het de wens van vader Otto Frank dat de kamers leeg zouden blijven. ,,De leegte geeft aan dat Anne er niet meer is. Maar ook dat Amsterdam een leegte in zich draagt; de stad heeft 70.000 van zijn inwoners verloren.”

Ook de dagboekzaal is vernieuwd en herbergt een onzichtbare hoeveelheid techniek ter bescherming van Anne’s manuscript. Het ligt tentoongesteld in een dubbelwandige vitrine, in een geklimatiseerde en trillingsvrij gemaakte ruimte.

Tijdens de verbouwing bleef het museum open en werden bezoekers soms tijdelijk om ruimtes heen geleid waar werd gewerkt. ,,Het was lastig om open te blijven, zowel voor publiek als medewerkers, maar we zijn trots en opgelucht dat het is gelukt”, aldus zakelijk directeur Garance Reus-Deelder.

Lange rijen

De beruchte lange rijen voor het Anne Frank Huis horen ook tot het verleden, dankzij een systeem van kaartjes met een tijdslot die alleen online kunnen worden gekocht. Per kwartier kunnen zo tachtig à negentig bezoekers naar binnen.

Het museum trekt ruim 1,2 miljoen bezoekers per jaar. De nieuwe verplichte garderobe in de entreehal zorgt dat ze niet meer met hun tassen en natte jassen door de smalle gangen en trappen van het museum kunnen.

Lees verder: Anne Frank Huis vernieuwd: verse verhalen uit het Achterhuis

De Koning kreeg een rondleiding door het museum. © ANP

De boekenkast waarachter de familie Frank zich schuil hield.

De trappen

Een deel van de tentoonstelling

 

Tentoonstelling Pure Rubens in het Boijmans van Beuningen in Rotterdam september 6, 2018

Posted by jandewandelaar in rubens.
Tags: , , , ,
add a comment

‘Deze schetsen van Rubens zijn veel dynamischer dan zijn schilderijen’

NOS 05.09.2018 In het Boijmans van Beuningen in Rotterdam is vanaf zaterdag de tentoonstelling Pure Rubens te zien. Het is het grootste overzicht van Rubens’ olieverfschetsen in ons land in 65 jaar. “Dit is heel bijzonder”, zegt conservator Friso Lammertse. “Ik ben dol op deze schetsen.”

De tentoonstelling is met 65 olieverfschetsen en 30 tekeningen erg uitgebreid. De verzameling die Boijmans van Beuningen bezit, is uniek voor Nederland en behoort tot de beste ter wereld.

“Er gaat altijd iets verloren bij die grote schilderijen”, zegt Lammertse. “Deze werken zijn zo snel en veel dynamischer. De vaart die hij in die schilderijen wilde houden, blijft in de schetsen veel beter bewaard, want als je alles heel precies schildert, wordt het heel stijf.”

In onderstaande video toont verslaggever Peer Ulijn de indrukwekkende schetsen van Rubens:

Video afspelen

‘Het is idioot mooi eigenlijk voor een schets’

Rubens was 400 jaar geleden een van de eersten in de kunstgeschiedenis die olieverfschetsen ging maken. De Vlaamse schilder gebruikte ze als voorstudie en instructiemateriaal. Want veel van zijn schilderijen zijn door anderen gemaakt. “Die olieverfschetsen maakte hij echt zelf. Ik denk dat hij dat binnen een paar uurtjes deed.” Door anderen daarna aan het werk te zetten, kon hij enorm veel schilderijen produceren.

“Dan hielpen soms wel twintig assistenten om die grote werken te maken”, zegt Lammertse. “In wezen was het een soort schilderijenfabriek.”

“Er bestaan nog steeds 1500 schilderijen van hem. Van Vermeer zijn er 36. Van Rembrandt 300”, zegt de conservator. “En ter vergelijking: het grootste schilderij van Rembrandt is De Nachtwacht. Voor Rubens is dat een middenmaatje.”

Huize Frankendael – tentoonstelling ‘Wild care, tame neglect’ mei 30, 2017

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , ,
add a comment

De kunstenaar die één met het park werd

Trouw 30.05.2017 Om uit de tentoonstellingssleur te breken, besloot kunstenaar Edward Clydesdale Thomson (1982) twee jaar lang op één plek te werken. Dat werd Huize Frankendael, een achttiende-eeuwse buitenplaats in de Amsterdamse Watergraafsmeer.

Edward Clydesdale Thomson draagt een uniform. Een schort tot aan zijn knieën, een jasje met het patroon van een stalen hek erop gedrukt, en een grijs t-shirt met betonpatroon. Het is zijn kunstenaarsuniform, waarmee hij net als de tuinman en de bediening in het restaurant in functie herkenbaar is. Hij draagt het bij de rondleidingen over het terrein van de vroegere buitenplaats Frankendael in Amsterdam.

Thomson is daar sinds mei vorig jaar zeker drie dagen per week aan het werk. Hij maakt niet alleen fysieke kunstwerken, zoals het hek rond de vijver waar we straks langskomen, hij nodigt ook andere kunstenaars uit voor optredens of workhshops met het publiek, en hij schrijft teksten.

Die komen op de website, samen met de foto’s die hij maakt, vertelt Thomson in de tuin, soms overstemd door rondom nestelende blauwe reigers. “Het zijn overdenkingen over mijn ervaringen hier, associaties, ideeën. Ik besloot die teksten voor te lezen aan belangstellenden, misschien is het het begin van een nieuw kunstwerk.”

Kaarsrechte paden

Huize Frankendael wordt sinds 2008 commercieel geëxploiteerd. Er is een restaurant in het achttiende-eeuwse pand, de andere kamers en het koetshuis zijn te huur voor vergaderingen en feesten. De tuin erachter, met kegelvormig gekapte dennen en kaarsrechte paden, staat open voor iedereen. Daarnaast stimuleert en financiert de Frankendael Foundation kunstenaars om in en om het huis te exposeren. Zo werd ook Thomson er gevraagd om een tentoonstelling te maken.

Thomson groeide op in Schotland, en kwam na kunstacademies in Glasgow en Kopenhagen in Nederland terecht. Hij maakt vaak installaties en films over de door mensen getemde natuur: bij de Rijksakademie in Amsterdam maakte hij een installatie waarbij hij tuinhekken in de expositieruimte zette, zijn kunstwerken, metalen frames van huizen en gebouwen, stonden in de tuin, het raam van de expositieruimte haalde hij weg.

Hij verwondert zich in zijn werk over de beperkingen die mensen zichzelf en de dieren en planten opleggen in openbare ruimtes, en over de vrijheden. Hoe gaan mensen met hun omgeving om, wat doen ze in een park of dierentuin? Wat zoeken ze er, welke ingrepen passen ze toe?

De jaren na zijn afstuderen voelde Thomson zich vaak bekneld door het keurslijf van kortdurende tentoonstellingen in een kleine ruimte. Hij dacht aan Little Sparta, de tuin van beeldhouwer en dichter Ian Hamilton Finlay (1925-2006) in Schotland. Finlay maakte van de tuin zijn tentoonstellingsruimte en kon zo in eigen tempo en naar eigen inzicht werken, exposeren en de ruimte aanpassen. In plaats van die eenmalige tentoonstelling te maken, besloot Thomson, in overleg met de conservator, twee jaar lang op Frankendael aanwezig te zijn.

Edward Clydesdale Thomson © Patrick Post

Wild en tam

Thomsons project heet ‘Wild care, tame neglect’, een woordenspel met de tegenstellingen wild en tam, en zorg en verwaarlozing. Naast het fysiek maken en neerzetten van nieuwe kunstwerken horen ook zijn aanwezigheid, de rondleidingen en de website met logboek bij het kunstwerk.

Zijn betrokkenheid als kunstenaar maakt hem voor langere tijd onderdeel van het huis en de tuin – een zeldzaamheid in het snelle kunst- en galeriewereldje. In een verwilderd deel bouwde hij een schuur om zijn spullen op te slaan, daar is kort geleden een kas naast gekomen, waarin hij kan werken. Ook het uniform hoort bij het project, hij liet het speciaal ontwerpen door kunstenaar Jason Coburn.

Thomson gaat voor naar een vijver, in het midden van de tuin. Er staat een klein laagje water in het bassin, rondom plastic reigers, de rug naar het water. Met hun bek dragen ze samen een gesloten ketting van zwarte plastic vissen en krabbenscharen. De dieren vormen een hek rondom de vijver.

De kunstenaar leest voor. Over de vijver, waar hij een eenvoudig hekje omheen ziet staan. Het is kapot. “Misschien is het mijn taak om dit hek te vervangen? Moet ik het maken of zal ik er iets anders voor in de plaats zetten?”

Even verderop vertelt hij hoe hij op een dag door de dierentuin liep, op zoek naar een oplossing voor het hek. Bij de terugweg stuit hij op een rij reigers. Ze staan naast elkaar, opportunistisch wachtend op de vis die voor de dierentuinvogels is bedoeld. Thomson: “Zijn zij het echte hek? Bepalen zij wat er tot de fictie van de dierentuin behoort, en wat er tot het drama van de werkelijkheid wordt toegelaten?”

Edward Clydesdale Thomson © Patrick Post

Reiger-en-vissenhek

Op de website is te zien hoe Thomson het reiger-en-vissenhek vervolgens maakte. Hoe hij experimenteerde met de materialen. “Of het een kunstwerk is of een functioneel ding, ik weet het niet. Maar ik vind het interessant om bezoekers die vraag ook mee te geven.”

Begin augustus staat er tóch een tentoonstelling op de agenda. Thomson: “Een overblijfsel van het oorspronkelijke plan. Het blijkt zo lastig om van die traditie af te wijken, mensen klampen zich er graag aan vast. Dus er komen een poster en een plattegrond. Waar het om gaat, is dat mensen hier komen en het project ervaren. Het is elke dag weer anders.”

Er komen meer zichtbare kunstwerken in de tuin, zo blijkt uit de rondleiding. Een metalen standaard die uit een grote heg moet komen, met waterbekkens voor de vogels en een brievenbus waarin bezoekers vragen en opmerkingen kunnen achterlaten voor de kunstenaar. En als tegenhanger van het klassieke beeld van Orpheus dat nu eenzaam langs de rand van de tuin staat, maakt hij een beeld van een tuinman. Diens kruiwagen heeft Thomson al in de schuur.

‘Wild care, tame neglect’ van Edward Clydesdale Thomson is nog tot oktober 2018 bezig in Huize Frankendael in Amsterdam. Via wildcaretameneglect.nl kan ook een afspraak worden gemaakt.

Queen Elizabeth leent Hollandse meesters aan het Haags museum Mauritshuis september 29, 2016

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , , ,
add a comment

Queen Elizabeth leent ons Hollandse meesters

Trouw 28.09.2016 Wat zouden de favoriete schilderijen zijn van de Britse koningin Elizabeth? Zou ze stiekem gniffelen om de dronkemanstaferelen van Jan Steen? Raakt ze ontroerd door het ragfijne portretje van Gerrit Dou van een meisje dat uien hakt? En waar zouden prins Charles en zijn echtgenote Camilla graag naar kijken? Misschien wel naar dat erotische schilderij van Jan Steen van een vrouw die op bed haar sok uittrekt.

Deze geheimen van Buckingham Palace worden niet ontsluierd op de tentoonstelling in het Mauritshuis van topstukken uit de collectie van het Britse koningshuis. Maar de 22 schilderijen die er hangen, maken wel duidelijk dat de Britse Royal Collection er een van wereldklasse is. Alleen al ‘De muziekles’ van Johannes Vermeer is een reis naar het Mauritshuis waard.

Er wordt weleens een enkel schilderij uitgeleend uit de Britse koninklijke collectie, een van de laatst overgebleven Europese koninklijke verzamelingen. Maar nog nooit waren er hier zoveel tegelijk te zien. Het zijn allemaal genrestukken, voorstellingen uit het dagelijks leven, afgebeeld door bekende schilders uit de Hollandse Gouden Eeuw, van Jan Steen en Johannes Vermeer tot Pieter de Hooch, Gerrit Dou en Gabriël Metsu.

Hoe kregen ze dit voor elkaar in het Mauritshuis? “Omdat we veel met elkaar gemeen hebben”, zegt directeur Emilie Gordenker. De Royal Collection en het Mauritshuis zijn beide koninklijke verzamelingen met topstukken van Hollandse meesters uit de Gouden Eeuw. Koning George IV kocht begin negentiende eeuw veel schilderijen aan. In Nederland waren stadhouders Willem IV en V de grondleggers van de verzameling in het Mauritshuis.

Wat ook helpt, is dat Gordenker ‘de juiste man op de juiste plek’ kent. Ze heeft eerder samengewerkt met Desmond Shawe-Taylor, de conservator van de Royal Collection.

© TRBeeld.

‘De muziekles’ van Johannes Vermeer

Die verzameling omvat ruim zevenduizend schilderijen, waaronder 306 van Hollandse meesters. De kunstwerken zijn verspreid over dertien paleizen in Engeland en Schotland, waartussen ze rouleren. Voor het publiek zijn er regelmatig wisseltentoonstellingen.

Het Mauritshuis koos voor genrestukken, omdat die toegankelijk zijn voor een breed publiek en gewoon leuk om naar te kijken. Het zijn taferelen uit het alledaagse leven, van eenvoudige boeren in een herberg tot rijke mensen in chique interieurs. Ze zitten vol erotische symboliek of hebben een moralistische boodschap. Bij Jan Steen ligt die er vaak duimendik op, met zijn hitsige taferelen van mannen die vrouwen dronken voeren, vechtende boeren en joelende vrouwen bij een bordeel. Dat lichamelijk genot vergankelijk is, maakt hij duidelijk door bijvoorbeeld een schedel af te beelden en een luit met een gebroken snaar.

Op andere schilderijen is de boodschap meer verhuld. Zo kan een kous of sok een aanduiding zijn voor het vrouwelijke geslachtsdeel en het schilderij een amoureuze lading geven, zeker als de vrouw die uittrekt. Voor alle duidelijkheid schilderde Jan Steen daarom ook striemen op de kuiten van de vrouw. Op de tentoonstelling hangt – heel attent – een lijstje met zaken waar de bezoeker op moet letten om verborgen boodschappen te doorgronden.

‘Hollanders in huis: Vermeer en tijdgenoten uit de Britse Royal Collection’, t/m 8 januari in het Mauritshuis in Den Haag.

Britse koningin leent 22 Hollandse werken uit

AD 27.09.2016 Een bijzondere expositie opent donderdag in het Mauritshuis in Den Haag. Het Britse koningshuis leent maar liefst 22 Hollandse schilderijen uit die deel uitmaken van de befaamde Royal Collection. Volgens museumdirecteur Emilie Gordenker is het zeer uitzonderlijk dat er zoveel werken in één keer het land verlaten.

Ze lenen wel eens één of twee werken uit, maar een hele tentoonstelling komt bijna nooit voor, aldus Emilie Gordenker.

,,Ze lenen wel eens één of twee werken uit, maar een hele tentoonstelling komt bijna nooit voor. Voor zover ik weet is het één keer eerder gebeurd voor een expositie in Brussel.” Het Mauritshuis heeft voor de tentoonstelling, ‘Hollanders in huis: Vermeer en tijdgenoten uit de Britse Royal Collection’ genoemd, nauw samengewerkt met de Britten. Te zien zijn genrestukken; voorstellingen uit het dagelijks leven. Het gaat om werk van bekende schilders als Pieter de Hooch, Jan Steen, Gabriël Metsu, Gerrit Dou en Gerard ter Borch. Bezoekers krijgen een beeld van de vele verschijningsvormen van het genrestuk en de prikkelende symboliek die in deze schilderijen verborgen kan liggen.

De hertogin van Cambridge Kate Middleton komt op 11 oktober naar het museum. Tijdens het bezoek zal directeur Emilie Gordenker haar koninklijke gast langs enkele topstukken van het Mauritshuis leiden. De hertogin brengt ook een bezoek aan de kunstwerkplaats van het Mauritshuis waar kinderen een workshop schilderen krijgen. Tot besluit krijgt zij een rondleiding door de tentoonstelling Hollanders in Huis.

De Muziekles van Johannes Vermeer wordt recht gehangen tijdens de opbouw van de tentoonstelling Hollanders in huis: Vermeer en tijdgenoten uit de Britse Royal Collection in het Mauritshuis. © anp

Verzameling
De Royal Collection, die koningin Elizabeth beheert, behoort tot de grootste en belangrijkste kunstverzamelingen in de wereld. Het is een van de laatst overgebleven Europese koninklijke verzamelingen. De Engelse koning George IV heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de collectie, die ruim driehonderd Nederlandse werken telt.

Hoogtepunt van de tentoonstelling is volgens het Mauritshuis ‘De muziekles’ (1660-1662) van Johannes Vermeer. Volgens Gordenker is zijn werk zeldzaam, omdat er maar 36 schilderijen bewaard zijn gebleven. ,,Dit is een van zijn allermooiste.” Een ander topstuk is ‘Vrouw in een slaapkamer’ (1663) van Jan Steen, dat vooraf samen met vier andere doeken deel uitmaakte van een onderzoek naar de ontwikkeling van deze populaire kunstenaar uit de Gouden Eeuw. Zo werd ontdekt dat Steen hierbij erg heeft geworsteld met de tegelvloer, liet Gordenker weten.

Het Mauritshuis verwacht veel belangstelling voor de expositie, die tot en met 8 januari is te zien. Daarom is het nu voor het eerst mogelijk een kaartje vooraf te reserveren. Deze plekken zijn alleen beschikbaar vanaf 15.00 uur ’s middags.