jump to navigation

Koloniale roofkunst terug naar de rechtmatige eigenaar maart 8, 2019

Posted by jandewandelaar in museum, Nederlands Erfgoedwet, Nigeria, roofkunst.
Tags: , , , , , ,
add a comment

Roofkunst retour naar oorsprong

De Nederlandse musea die de grootste collecties koloniale voorwerpen beheren, hebben nieuwe spelregels opgesteld om geroofde kunst terug te bezorgen.

Als voormalige koloniën een claim indienen, dan mag roofkunst terug naar het land van herkomst. Met dat uitgangspunt heeft het Nationaal Museum van Wereldculturen vandaag een internationale lijst met voorwaarden gepubliceerd om gestolen erfgoed terug bij de rechtmatige eigenaar te krijgen. Volgens critici is het nog maar de vraag of deze spelregels ook resultaat zullen hebben.

Tien Europese musea zaten onlangs in het Museum Volkenkunde in Leiden om tafel met Nigeriaanse autoriteiten. Ze praten over de uitleen van geroofde Nigeriaanse kunstwerken aan een museum in Benin City in Nigeria, dat nog gebouwd wordt, schrijft Trouw.

Nigeria moet onderhandelen met een dozijn musea uit Groot-Brittannië, Duitsland, Oostenrijk, Zweden en Nederland, die nationale wetten hebben om collecties te behouden, niet om ze te terug te geven. Het Museum Volkenkunde werkt wel aan een richtlijn om te ‘ontzamelen’.

Wanneer komt een kunstwerk in aanmerking voor terugkeer?

Als er een claim wordt ingediend, dan zijn dit kort samengevat de criteria die het NMVW hanteert voor goedkeuring:

Als het verkregen is via iemand die het werk op illegale wijze heeft bemachtigd.

– Als het destijds verkregen is op een manier die in strijd was met de toen geldende wetten.

– Als het object grote culturele of maatschappelijke waarde heeft in het land van herkomst.

– Als het zonder toestemming van de eigenaar is afgenomen.

Sinds 2017 doet het Rijksmuseum onderzoek naar tien kunstobjecten uit de koloniale collectie. Bijvoorbeeld naar de diamant van Banjarmasin. Deze edelsteen was van sultan Panembahan Adam van Banjarmasin (Zuid-Borneo). Toen Nederland het sultanaat veroverde in 1859 werd de steen staatsbezit.

Bekijk ook;

Musea onderhandelen in Leiden over roofkunst uit Nigeria

Musea voor volkenkunde willen roofkunst teruggeven

Nigerianen willen kunst terug: ‘Dit zijn onze voorouders, dit is onze cultuur’

Roofkunst terug naar Nigeria: maar alleen in bruikleen en in apart museum

en zie ook: Roofkunst uit Nigeria

De diamant van Banjarmasin is oorlogsbuit uit 19e eeuw en ligt in het Rijksmuseum Rijksmuseum

Rijksmuseum naar Sri Lanka om te praten over teruggeven roofkunst

Directeur Dibbits vindt het schandalig dat Nederland zich er nu pas om bekommert. “Daar is geen excuus voor.”

NOS 12.03.2019 Het Rijksmuseum gaat in gesprek met Sri Lanka en Indonesië over de teruggave van roofkunst. Directeur Taco Dibbits noemt het in Trouw schandalig dat Nederland zich er niet eerder om heeft bekommerd. “We hadden het veel eerder moeten doen. Daar is geen excuus voor.”

Het hoofd van de afdeling Geschiedenis van het Rijksmuseum, Martine Gosselink, reist over twee weken naar Sri Lanka om te praten over de mogelijke teruggave van kunst. “De helft van het verhaal achter die voorwerpen ligt immers niet in Nederland”, zegt Dibbits daarover.

Onder de stukken waar Gosselink over in gesprek gaat is de diamant van Banjarmasin, die een sultan op Borneo ooit in bezit had. Later dit voorjaar reist ze naar Indonesië. Met Sri Lanka gaat ze het gesprek aan over het kanon van Kandy, een van de pronkstukken van het Rijksmuseum.

Gosselink zei afgelopen vrijdag in De Dag, een podcast van de NPO, dat het Rijksmuseum er rekening mee houdt dat het kanon teruggaat naar Sri Lanka. “Ik kan me heel goed voorstellen dat het kanon volledig wordt teruggegeven en dat het echt helemaal niet meer van Nederland is.”

Rijksmuseum gaat praten met Sri Lanka

Martine Gosselink spreekt in De Dag met presentator Elisabeth Steinz over het teruggeven van het kanon van Kandy.

Het Rijksmuseum kan overigens niet alleen bepalen dat het stukken teruggeeft. Ze zijn staatseigendom en daarom moet de minister van Cultuur instemmen.

Vorige week publiceerde het Nationaal Museum van Wereldculturen, een koepelorganisatie van meerdere musea, een leidraad voor teruggave van roofkunst. De koepel beheert de nationale volkenkundige collectie en bezit 375.000 voorwerpen. De koepel zei actief op zoek te willen gaan naar stukken in de collectie die in aanmerking komen voor teruggave.

Bekijk ook;

Grote stap voor teruggave koloniale roofkunst? ‘Eerst zien, dan geloven’

Musea voor volkenkunde willen roofkunst teruggeven

Nigerianen willen kunst terug: ‘Dit zijn onze voorouders, dit is onze cultuur’

De diamant van Banjarmasin, ooit van sultan Panembahan Adam van Banjarmasin (Zuid-Borneo). Nadat Nederland het sultanaat in 1859 met geweld had ingelijfd, werd de diamant tot Nederlands staatsbezit verklaard. © Rijksmuseum

Rijksmuseum gaat met Indonesië en Sri Lanka in gesprek over roofkunst

AD 12.03.2019 Het Amsterdamse Rijksmuseum gaat gesprekken voeren met Sri Lanka en Indonesië over de mogelijke teruggave van objecten uit de collectie die misschien als roofkunst verworven zijn.

Dat zegt directeur Taco Dibbits in dagblad Trouw. De gesprekken met de landen gaan onder meer over de teruggave van een met zilver en robijnen versierd bronzen kanon dat Nederland in 1765 buit maakte en de zogenoemde diamant van Banjarmasin, die Nederland in 1859 inlijfde.

,,Martine Gosselink, hoofd van de afdeling Geschiedenis, vertrekt over twee weken zelf naar Sri Lanka om daar te praten met wetenschappers over mogelijke teruggave van objecten uit onze collectie. De helft van het verhaal achter die voorwerpen ligt immers niet in Nederland”, aldus Dibbits.

Het Rijksmuseum reageert daarmee op een publicatie, vorige week, van het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMWG). Deze koepel, een samenvoeging van het Tropenmuseum in Amsterdam, Museum Volkenkunde in Leiden en het Afrika Museum in Nijmegen, publiceerde richtlijnen voor de beoordeling van claims uit de eigen collectie ten aanzien van voorwerpen die in de koloniën zijn verworven.

Objecten waarvan de oorspronkelijke eigenaar ,,niet vrijwillig afstand heeft gedaan” komen in aanmerking voor teruggaven, zo werd bepaald. Ook objecten die een grote culturele of maatschappelijke waarde hebben in het land van herkomst, komen in aanmerking voor teruggave aan die natie.
Het Rijksmuseum behoort niet tot de koepel, maar Dibbits noemt de leidraad wel ,,een goede eerste stap”.

,,Het is schandalig dat Nederland zich nu pas met teruggave van koloniaal erfgoed bezighoudt. We hadden het veel eerder moeten doen, daar is geen excuus voor’’, zegt hij in de krant.

De diamant van Banjarmasin is oorlogsbuit uit 19e eeuw en ligt in het Rijksmuseum Rijksmuseum

Grote stap voor teruggave koloniale roofkunst? ‘Eerst zien, dan geloven’

De afgelopen 14 jaar zijn er 2 koloniale roofkunstwerken teruggekeerd uit Nederlandse musea. Drie musea willen er nu actief werk van maken.

NOS 07.03.2019 Als voormalige koloniën een claim indienen, dan mag roofkunst terug naar het land van herkomst. Met dat uitgangspunt heeft het Nationaal Museum van Wereldculturen vandaag een internationale lijst met voorwaarden gepubliceerd om gestolen erfgoed terug bij de rechtmatige eigenaar te krijgen. Volgens critici is het nog maar de vraag of deze spelregels ook resultaat zullen hebben.

Want de afgelopen jaren is de lijst van teruggekeerde roofkunst kort. In veertien jaar tijd zijn er welgeteld twee kunstwerken uit Nederlandse musea ‘teruggegeven’, laat het ministerie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op verzoek van de NOS weten.

Ter vergelijking: de helft van zo’n 375.000 kunstobjecten uit de collectie van het Nationaal Museum van Wereldculturen is verbonden met het koloniale verleden. Het NMVW is een fusie van het Tropenmuseum, Afrika Museum en Museum Volkenkunde. Hoeveel van deze objecten als roofkunst kunnen worden bestempeld, is nog onduidelijk.

Het NMVW gaat zelf verdachte onderdelen van hun collectie onderzoeken:

Video afspelen

‘Het is belangrijk om te kijken naar objecten waarvan je iets vermoedt’

Met de gepubliceerde lijst van voorwaarden voor teruggaveclaims hoopt het museum het voortouw te nemen. Een goed initiatief, maar met de nodige beperkingen, vindt onderzoeker van koloniale collecties Jos van Beurden (verbonden aan de Vrije Universiteit).

“Hier lijkt het een sprong voorwaarts, maar in Afrika en Azië zegt men: eerst zien dan geloven. Het zijn richtlijnen, geen harde wetten en zo gaan musea er dus ook mee om.”

Wanneer komt een kunstwerk in aanmerking voor terugkeer?

Als er een claim wordt ingediend, dan zijn dit kort samengevat de criteria die het NMVW hanteert voor goedkeuring:

Als het verkregen is via iemand die het werk op illegale wijze heeft bemachtigd.

– Als het destijds verkregen is op een manier die in strijd was met de toen geldende wetten.

– Als het object grote culturele of maatschappelijke waarde heeft in het land van herkomst.

– Als het zonder toestemming van de eigenaar is afgenomen.

De bewijslast voor deze criteria is volgens de directeur van NMVW “laag”. Maar volgens Van Beurden begint het probleem al bij het indienen van claims. “Wij weten niet eens wat jullie in huis hebben, zei de Rwandese directeur-generaal van cultuur laatst tegen me. Hoe kunnen we dan een claim indienen?”

Nazi-roofkunst

Van Beurden maakt een vergelijking met nazi-roofkunst. Volgens hem hebben Europese musea daar veel actiever achteraan gezeten. “Toen hebben alle musea in hun archief gekeken naar kunst met een luchtje en daarna de eigenaar opgespoord. Nu hebben we een raamwerk waarmee landen een claim kunnen indienen. Dat is een enorm verschil, terwijl het zijn allebei voorbeelden zijn van historisch onrecht.”

De onderzoeker benadrukt dat niet alle musea met koloniale roofkunst meedoen aan het initiatief van het NMVW. Zo ook het Rijksmuseum. Dat museum zegt dat er gesprekken zijn met NMVW en het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) om samen de gemeenschappelijke collectie uit te pluizen.

Het zou naïef zijn om te denken dat je het gewoon over de schutting kunt gooien: hier heb je het terug, aldus Martine Gosselink, hoofd afdeling geschiedenis Rijksmuseum.

Sinds 2017 doet het Rijksmuseum onderzoek naar tien kunstobjecten uit de koloniale collectie. Bijvoorbeeld naar de diamant van Banjarmasin. Deze edelsteen was van sultan Panembahan Adam van Banjarmasin (Zuid-Borneo). Toen Nederland het sultanaat veroverde in 1859 werd de steen staatsbezit.

Maar volgens Martine Gosselink, hoofd van de afdeling geschiedenis, is het niet zo simpel om zo’n kunstwerk zomaar terug te sturen. “Geef je het aan de nazaten van de sultan, aan het eiland Borneo of aan het nationaal kunstmuseum in Jakarta? Het zou naïef zijn om te denken dat je het gewoon over de schutting kunt gooien: hier heb je het terug.”

En dan is dit een geval waarin duidelijk is wie de oorspronkelijke eigenaar was en hoe het in Nederland terecht is gekomen. Volgens Gosselink is het belangrijk om zorgvuldig uit te zoeken hoe de vork precies in de steel zit, en dat kost tijd.

Van Beurden denkt dat de bedoelingen van het Rijksmuseum en de andere musea goed zijn, maar dat het de voormalige koloniën in de praktijk nog niets oplevert. “Als je veel kunst bent kwijtgeraakt dan heb je er alleen wat aan als je ook wat terugkrijgt. De rest is praten.”

Bekijk ook;

Musea voor volkenkunde willen roofkunst teruggeven

Nigerianen willen kunst terug: ‘Dit zijn onze voorouders, dit is onze cultuur’

Roofkunst terug naar Nigeria: maar alleen in bruikleen en in apart museum

Musea gaan koloniale roofkunst ‘ruimhartig’ teruggeven

AD 07.03.2019 De Nederlandse musea die de grootste collecties koloniale voorwerpen beheren, hebben nieuwe spelregels opgesteld om geroofde kunst terug te bezorgen. De musea wachten claims niet af, maar gaan ook zelf op zoek naar objecten met een dubieus verleden. Vier vragen over over die kentering aan Stijn Schoonderwoerd, directeur van het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMVW) met vestigingen in Berg en Dal, Leiden en Amsterdam.

  1. Vanwaar de nieuwe spelregels?
    Het Tropenmuseum in Amsterdam, het Museum Volkenkunde in Leiden en het Afrika Museum in Nijmegen (die samen het NMVW vormen) en het Wereldmuseum in Rotterdam willen hun verantwoordelijkheid nemen, zegt Schoonderwoerd. ,,We weten dat een groot deel van onze collecties uit de koloniale tijd stammen. Het koloniale systeem was verwerpelijk, met grote machtsverschillen en onrecht. Het is zeker dat wij ook objecten beheren waarvan de oorspronkelijke eigenaar niet uit eigen beweging afstand heeft gedaan. Net zoals bij geroofde kunst in de Tweede Wereldoorlog. Ook in andere voormalige koloniale machten, zoals Frankrijk en Engeland, zie je daar nu discussie over ontstaan.’’
  2. Wat betekent dat voor jullie collecties?
    ,,Dat is nog onmogelijk in te schatten, daar is dit onderzoek voor nodig. Maar we zijn zeker niet bang dat we halflege musea overhouden. We beheren ontzettend veel; zo’n 375.000 voorwerpen. Maximaal 5 procent staat uitgestald, de rest ligt in depots. Zeker de helft heeft geen koloniale herkomst, en lang niet alle koloniale voorwerpen zijn geroofd. In vierhonderd jaar koloniale relaties zijn objecten op allerlei manieren van eigenaar veranderd: door handel, geschenken aan vrienden. Je kunt niet alles over één kam scheren.’’
  3. Controleren jullie ook of bijvoorbeeld de Benin-bronzen, zo’n 3.000 door het Britse leger geroofde beelden die Nigeria terug wil, straks niet voor veel geld bij Sotheby’s worden verpatst? 
    ,,Nee, wij stellen geen eisen aan de manier waarop de teruggeven objecten worden beheerd. Als aannemelijk is gemaakt dat ze destijds niet vrijwillig zijn afgestaan, is het niet meer aan ons om te bepalen wat er vervolgens mee gebeurt. Dus ja, ze kunnen op een veiling belanden. Net als met sommige roofkunst uit de Tweede Wereldoorlog is gebeurd.’’

Het Tropenmuseum in Amsterdam © ANP

  1. Hoe nu verder? Stromen de claims al binnen?
    ,,Nog niet. Dat is ook geen kwestie van een simpel briefje sturen, waarna wij per kerende post de objecten terugsturen. Claims moeten zorgvuldig worden onderbouwd. Wij gaan serieus aan de bak om de herkomst vast te stellen, samen met het NIOD (Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie) dat onderzoek doet naar ons koloniale verleden. Een commissie van externe deskundigen controleert ons oordeel. Ja, dat gaat veel tijd kosten, maar claims kunnen niet verjaren. Uiteindelijk moet de minister over teruggave beslissen, want onze collecties zijn eigendom van de staat. Met uitzondering van die van het Wereldmuseum: die zijn gemeente-eigendom, dus daarover beslist het college van B&W van Rotterdam. Hopelijk leidt onze aanpak tot een werkwijze die voor de hele museumsector gaat gelden. Want ook bijvoorbeeld natuurhistorische en militaire musea hebben objecten uit voormalige kolonies verzameld.’’

Museum Volkenkunde geeft roofkunst terug aan rechtmatige eigenaar

OmroepWest 07.03.2019 Museum Volkenkunde in Leiden wil roofkunst uit collectie teruggeven aan de rechtmatige eigenaar. Het museum gaat samen met het Amsterdamse Tropenmusea en het Afrika-museum in Berg en Dal actief op zoek naar objecten in de collectie die voor teruggave in aanmerking komen.

‘We weten dat een deel van onze collectie verworven is in de koloniale periode, een periode van grote machtsverschillen en onrecht’, zegt Stijn Schoonderwoerd, directeur van het NMVW (samenwerkingsverband van de drie musea).

Hij vervolgt: ‘Als we vandaag de dag op basis van internationale verdragen zeggen dat uit Syrië gestolen objecten niet in onze collectie thuishoren, waarom zou dat principe dan niet gelden voor objecten die 100 jaar geleden zijn geroofd?’

Nederlands Erfgoedwet

Het gaat om museumstukken waarvan de oorspronkelijke eigenaar ze niet vrijwillig heeft afgestaan. Maar niet alleen roofkunst komt in aanmerking voor teruggave. Ook objecten die een grote culturele of maatschappelijke waarde hebben in het land van herkomst kunnen eventueel terug naar hun geboortegrond.

Schoonderwoerd vervolgt: ‘In de Nederlandse Erfgoedwet wordt erkend dat bepaalde objecten onlosmakelijk met ons land verbonden zijn en altijd behouden moeten blijven voor Nederland. Evenzo kunnen er nu objecten in onze depots liggen waarvan een ander land zegt: die zijn voor ons nationale bewustzijn of ons culturele leven ontzettend belangrijk.’

LEES OOK: Nieuw topstuk in Museum Volkenkunde trekt op eerste dag veel publiek

Meer over dit onderwerp: VOLKENKUNDE LEIDEN MUSEUM KUNST CULTUUR

Gaan Nederlandse musea koloniale kunst teruggeven?

AD 07.03.2019 Het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMVW) komt donderdag met richtlijnen voor de beoordeling van claims op stukken uit de eigen collecties, met name voorwerpen die in koloniën zijn verworven. Het Nationaal Museum is een samenvoeging van het Tropenmuseum in Amsterdam, Museum Volkenkunde in Leiden en het Afrika Museum in Nijmegen.

Objecten waarvan de oorspronkelijke eigenaar ,,niet vrijwillig afstand heeft gedaan”, komen in aanmerking voor teruggave, staat op de website van het Tropenmuseum. Maar ook objecten die een grote culturele of maatschappelijke waarde hebben in het land van herkomst, kunnen aan die natie worden teruggegeven.
Nadat een externe commissie de herkomst van een stuk is nagegaan en de argumentatie voor of tegen de claim heeft bestudeerd, brengt dit nog te benoemen college advies uit aan de cultuurminister, die moet beslissen.

Roofkunst uit Nigeria oktober 20, 2018

Posted by jandewandelaar in museum, Nigeria, roofkunst.
Tags: ,
1 comment so far

Nigeriaanse cultuurhistorische schatten ter waarde van honderden miljoenen euro’s liggen nog altijd in westerse musea.

Tien Europese musea zitten vandaag in het Museum Volkenkunde in Leiden om tafel met Nigeriaanse autoriteiten. Ze praten over de uitleen van geroofde Nigeriaanse kunstwerken aan een museum in Benin City in Nigeria, dat nog gebouwd wordt, schrijft Trouw.

In Leiden onderhandelt het Afrikaanse land over terugkeer van zijn stukken.

De musea hebben samen meer dan duizend beelden in handen, beter bekend als de ‘Benin Bronzes’. De kunstwerken werden in 1897 tijdens een Britse strafexpeditie geroofd uit het paleis van de koning van het koninkrijk Benin, in het huidige Nigeria. Het Museum Volkenkunde bezit er zestig en musea in Londen en Berlijn hebben samen honderden stukken in hun bezit.

“Hoewel Nigeria een aantal stukken heeft teruggekocht, lijkt destijds het meeste meegenomen”, vertelt Evelien Campfens, onderzoeker aan de Universiteit Leiden. “Nigeriaanse autoriteiten vinden dat de werken onrechtmatig zijn geroofd en deel van hun culturele erfgoed zijn. Ze willen dat hun kinderen kunnen meegeven.”

Vorig jaar verklaarden de Europese musea dat ze in principe zouden meewerken aan het uitlenen van de geroofde kunst. “Ik geloof het pas als er een akkoord ligt”, zegt het Nigeriaanse delegatielid Folarin Shyllon.

Folarin Shyllon © Eric Brassem

Het Leidse Museum Volkenkunde bezit zestig ‘Benin Bronzes’

De hoogleraar recht aan de universiteit van Abuja is al sinds 2010 betrokken bij de slepende onderhandelingen over de meer dan duizend beelden in Europees bezit, tezamen bekend als de ‘Benin Bronzes’ Het Leidse Museum Volkenkunde bezit er zestig; musea in Londen en Berlijn hebben er elk honderden: alles geroofd bij een Britse strafexpeditie in 1897 uit het paleis van de koning van het Beninrijk, in het huidige Nigeria.

Nigeria vraagt al decennia om teruggave. De tijdgeest zit nu mee. In Europa zitten musea vaak in hun maag met hun ‘koloniale kunst’. Soms is de herkomst dubieus, soms knaagt het besef dat de landen van herkomst essentiële onderdelen van hun cultuurgeschiedenis missen. Voor de Benin Bronzes gaan beide overwegingen op.

Internationaal recht

De Franse president Macron baarde vorig jaar opzien met een verklaring: Afrikaans erfgoed uit Franse musea moest te zien zijn in Afrika, dat was zijn ‘topprioriteit’. Frankrijk, Duitsland en België hebben dit jaar functionarissen belast met deze problematiek. En het Londense Victoria and Albert Museum heeft in april Ethiopië aangeboden om kunstschatten die in 1868 werden geroofd uit het paleis van koning Tewodros II, op permanente basis uit te lenen.

Beeld van een koningin-moeder uit de zestiende eeuw. © AFP

Dat wil Nigeria ook wel, al is dat volgens Shyllon ‘tweede keuze’. “We streven naar teruggave, maar dat is niet realistisch.” Vorig jaar hebben de Europese musea zich gecommitteerd aan roulerende uitleenexposities in Nigeria. Alle details, ook over financiering, liggen nu in Leiden ter tafel. Hoewel vaststaat dat de objecten destijds zijn geroofd, biedt het internationaal recht Nigeria weinig kans. Nigeria moet onderhandelen met een dozijn musea uit Groot-Brittannië, Duitsland, Oostenrijk, Zweden en Nederland, die nationale wetten hebben om collecties te behouden, niet om ze te terug te geven. Het Museum Volkenkunde werkt wel aan een richtlijn om te ‘ontzamelen’.

Topstukken

De Benin Bronzes zijn zowel cultureel als in geld uitgedrukt schatten: topstukken zijn miljoenen waard, en de totale waarde van alle Benin Bronzes zou kunnen oplopen richting een miljard – ook daarom ligt de kwestie zo gevoelig.

De zorgen van westerse musea over uitleen kan Shyllon ook wel begrijpen. “Ja, er is corruptie in ons land. En veiligheid is een probleem: enkele jaren geleden konden rovers in een Nigeriaans museum hun slag slaan nadat ze de bewakers hadden getrakteerd op een blikje cola met slaapmiddel. En het Nationaal Museum in Lagos beschikt nog niet over bewakingscamera’s. Dat onderstreept het belang van goede opleidingen, en westerse betrokkenheid om aan hoge normen te voldoen.”

Nigeria houdt een plek vrij voor kunstschatten

Nigeria weet al waar het door het Westen geroofde museumstukken tentoon wil stellen, maar het geld ontbreekt nog.

Nu groeit er nog gras naast het paleis van de oba, de traditionele koning van het Edo-volk in het Nigeriaanse Benin City. Nigeria hoopt dat een hoogwaardig museum zal verrijzen op de plek waar de oba nu de koeien laat grazen die hij regelmatig bij wijze van eerbetoon cadeau krijgt.

Het museum moet stukken exposeren die behoren tot de ‘Benin Bronzes’: metalen beelden en reliëfs, maar ook ivoren voorwerpen in het bezit van Europese musea. Die willen ze wel uitlenen aan het nieuw te bouwen museum, zo is vorig jaar besloten op een vergadering in Cambridge. Eeuwenlang sierden de beelden het paleis van de koning van het Beninrijk, waarvan het grondgebied in het huidige Nigeria lag, totdat ze eind negentiende eeuw werden ­geroofd.

Koning oba Ewuare, nazaat van een dynastie die teruggaat tot de veertiende eeuw, heeft nu alleen nog een ceremoniële functie, in de deelstaat Edo. “Daar hebben de beelden hun grootste waarde, maar ook Nigerianen buiten de deelstaat zijn met dit erfgoed begaan”, zegt de ­Nigeriaanse onderhandelaar Folarin Shyllon. Hij vergadert vandaag in Leiden over het nieuwe museum en uitleen van stukken in Europees ­bezit. Tot de delegatie behoort ook een van de zonen van de koning, prins Gregory Akuenza.

De koning vroeg in 2007 al om ruimhartigheid en de terugkeer van enkele objecten, aldus Folarin Shyllon, onderhandelaar voor Nigeria

De beelden waar het om gaat vormden een soort nationaal archief. Ze werden vervaardigd door een speciaal gilde bij het aantreden van een nieuwe koning. Daaraan kwam een eind in 1897. De toenmalige oba verzette zich tegen de ‘vrijhandel’ in zijn rijk die de Britten eisten. De Britten versloegen de koninklijke troepen, wrikten alle beelden los, brandden het paleis plat, en verbanden de koning. Drie- tot vierduizend stukken ‘oorlogsbuit’ belandden in collecties over de hele wereld.

Nigeria kocht er daarvan enkele tientallen terug, maar stuitte verder op onwil. “In 1977 organiseerde ­Nigeria een pan-Afrikaanse culturele manifestatie, met als embleem het ivoren masker van koningin Idia, dat het British Museum bezit”, vertelt Shyllon. “Eerst moest Nigeria 2 miljoen pond onderpand betalen. Daarna besloot het British Museum dat het masker toch te kwetsbaar was om te vervoeren.”

In 2007 vond in Wenen een grote expositie plaats van Benin Bronzes uit diverse Europese collecties. Shyllon: “Daar vroeg de oba om ruimhartigheid en de terugkeer van enkele objecten naar Nigeria.” De tentoonstelling reisde naar Berlijn, Parijs en Chicago, maar niet naar Nigeria.

Vandaar: een museum in Nigeria. De plek is bekend. Maar waar het geld vandaan moet komen, is vandaag een van de punten van debat in Leiden.

Lees ook:

Musea, geef die koloniale kunst terug

Kunstschatten in westerse musea zijn vaak door roof verworven. Ze horen thuis in de ‘bronlanden’, zegt Jos van Beurden, ook al hebben de musea zo hun bedenkingen tegen teruggave.

De jacht op roofkunst

Al twintig jaar leidt Rudi Ekkart de zoektocht naar de rechtmatige eigenaren van roofkunst uit de oorlog. Van stoppen wil hij niet weten. De herkomst van zeker honderd objecten is nog steeds niet bekend. Hier leest u het verhaal en ziet u de beelden.

Dossier Koloniale Roofkunst NRC

Musea onderhandelen in Leiden over roofkunst uit Nigeria

NOS 19.10.2018 Tien Europese musea zitten vandaag in het Museum Volkenkunde in Leiden om tafel met Nigeriaanse autoriteiten. Ze praten over de uitleen van geroofde Nigeriaanse kunstwerken aan een museum in Benin City in Nigeria, dat nog gebouwd wordt, schrijft Trouw.

De musea hebben samen meer dan duizend beelden in handen, beter bekend als de ‘Benin Bronzes’. De kunstwerken werden in 1897 tijdens een Britse strafexpeditie geroofd uit het paleis van de koning van het koninkrijk Benin, in het huidige Nigeria. Het Museum Volkenkunde bezit er zestig en musea in Londen en Berlijn hebben samen honderden stukken in hun bezit.

“Hoewel Nigeria een aantal stukken heeft teruggekocht, lijkt destijds het meeste meegenomen”, vertelt Evelien Campfens, onderzoeker aan de Universiteit Leiden. “Nigeriaanse autoriteiten vinden dat de werken onrechtmatig zijn geroofd en deel van hun culturele erfgoed zijn. Ze willen dat hun kinderen kunnen meegeven.”

Het Afrikaanse land vraagt al decennia om teruggave. Vorig jaar beloofden Europese musea mee te werken aan het uitlenen van de geroofde kunst.

Dubieuze herkomst

Europese musea blijken vaker in hun maag te zitten met koloniale stukken in hun collecties. De herkomst is soms dubieus en het besef knaagt dat de landen van herkomst soms essentiële onderdelen van hun cultuurgeschiedenis missen.

De plunderingen werden destijds als gerechtvaardigd gezien, aldus Evelien Campfens

Wie juridisch gezien recht heeft op de werken, is dan ook gecompliceerd, zegt Campfens. “Het ligt eraan vanuit welk recht je het bekijkt. Voor veel Afrikaanse volkeren is dit soort kunst collectief bezit van de gemeenschap. Het had vaak een rituele betekenis en is daarom onvervreemdbaar.” Daar tegenover stond het koloniale recht: de westerse principes die golden ten tijde van de roof. “Afrikaanse volkeren werden niet als ‘geciviliseerd’ beschouwd en het plunderen werd als gerechtvaardigd gezien.”

Dat is inmiddels achterhaald, maar ook de volgens de huidige internationale verdragen hoeven de kunststukken niet worden teruggegeven. De Nigeriaanse kunstroof vond plaats voordat die verdragen in werking traden. “Onder dat recht zouden de huidige claims dus verjaard zijn”, vertelt Campfens.

Nieuwe positie

“Maar het recht is in ontwikkeling, vervolgt ze. “Kunstvoorwerpen hebben al heel lang een beschermde positie onder internationaal recht. En sinds de jaren 70 wordt aangedrongen op teruggave van een deel van de roofkunst.”

President Macron kondigde vorig jaar teruggave aan van Afrikaanse kunst, en hij benadrukte dat Afrikanen recht hebben op hun eigen erfgoed. “Dan draait het dus niet om eigendom of de roof, maar om de belangen van mensen nu”, zegt Campfens. “Het gaat erom dat iedereen toegang moet krijgen tot zijn cultureel erfgoed. Kunst heeft een sociale functie, wordt benadrukt, die belangrijk is voor de ontwikkeling en sociale cohesie van een land.”

Blikje cola

De Benin Bronzes zijn miljoenen waard en van groot kunsthistorisch belang. Sommige westerse musea vrezen dat Nigeria niet in staat is om werk van zulke hoge waarde te conserveren. Zo werd een Nigeriaans museum leeggeroofd nadat de dieven de bewakers een blikje cola met slaapmiddel hadden gegeven.

“De uitspraak of het veilig genoeg is om de werken aan het Nigeriaanse museum uit te lenen, kan ik niet doen”, zegt Campfens. “In 2002 gaven verschillende westerse musea een verklaring af waarin ze zeiden: koloniale voorwerpen zijn het beste af bij ons, omdat wij er beter voor kunnen zorgen. Maar normen zijn in ontwikkeling, en musea zoeken dan ook naar constructieve oplossingen.”

Folarin Shyllon, die sinds 2010 is betrokken bij onderhandelingen, zegt dat hij pas gelooft dat de stukken naar Benin City komen als er een akkoord ligt. De uitleen is volgens de hoogleraar Rechten aan de universiteit in Abuja wel “tweede keuze”. “We streven naar teruggave, maar dat is niet realistisch.”

De gesprekken van vandaag liggen volgens de krant zo gevoelig dat het museum in Leiden er pas na afloop iets over wil zeggen.

Resultaat onderzoek commissie-Ekkart – Roofkunst 2e wereldoorlog oktober 10, 2018

Posted by jandewandelaar in commissie-Ekkart, roofkunst, wo2.
Tags: , , , , ,
add a comment

De Emmaüsgangers wordt ingepakt, ca. augustus 1939. Geheel rechts Dirk Hannema. © Museum Boijmans VanBeuningen, Rotterdam.

Resultaat onderzoek roofkunst in Nederland

De Nederlandse musea hebben 170 kunstvoorwerpen in bezit die mogelijk voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn geroofd van Joodse eigenaren. Dat is de uitkomst van jarenlang onderzoek dat musea in hun collecties hebben gedaan. Vrijwel alle musea zijn daar nu mee klaar, alleen het Rijksmuseum heeft meer tijd nodig, meldt Trouw.

Telegraaf 11.08.2020

Het gaat om schilderijen, tekeningen, sculpturen en andere kunstobjecten die mogelijk door de nazi’s zijn geroofd. De werken bestaan soms uit meerdere stukken, waardoor het volgens de krant om honderden voorwerpen gaat. Op de website Museale Verwervingen vanaf 1933 staat een overzicht van alle objecten.

Salomé met het hoofd van Johannes de Doper van Jan Adam Kruseman in het Rijksmuseum is een van de kunstwerken waarvan de herkomst twijfelachtig is. Op de website staat dat het onduidelijk is wie dit schilderij heeft ingebracht bij een Amsterdamse veiling in 1943.

Een woordvoerder van de organisatie die sinds 2009 herkomstonderzoek doet bij Nederlandse musea zegt in een reactie dat dat onderzoek nog loopt.

Telegraaf 12.03.2020

Na jaren onderzoek is duidelijk welke kunstvoorwerpen waarschijnlijk voor en tijdens de oorlog van Joden zijn gestolen.

42 musea hebben voorwerpen met een dergelijke onduidelijke herkomst, staat in de inventarisatie op de website van het project Museale Verwervingen vanaf 1933. Het gaat onder meer om het werk Salomé met het hoofd van Johannes de Doper van de schilder Jan Adam Kruseman, dat in het Rijksmuseum in Amsterdam hangt.

De inventarisatie heeft tot doel de oorspronkelijke eigenaren te vinden en het werk terug te geven. De betrokken musea, die kunst afkomstig uit de Tweede Wereldoorlog in bezit hebben, onderzochten de afgelopen tien jaar of die kunst roofkunst zou kunnen zijn. De meeste musea hebben dat onderzoek nu afgerond, alleen het Rijksmuseum heeft meer tijd nodig vanwege de omvang van de collectie.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog roofden de nazi’s in Europa op grote schaal kunst. In Nederland werden duizenden schilderijen, tekeningen en andere kunstvoorwerpen geroofd of voor een te lage prijs gekocht. Ook is er door Joden veel kunst achtergelaten, toen zij tijdens de oorlog op de vlucht sloegen.

In 1997 startte de commissie-Ekkart onderzoek naar het kunstbezit van de Nederlandse Staat. Een jaar later zijn musea begonnen met onderzoek naar hun eigen collecties.

Sinds 2002 zijn inmiddels zo’n 460 kunstwerken teruggegeven !!

In 42 Nederlandse musea hangt mogelijk van Joden geroofde kunst !!

Gemeentemuseum Den Haag, Museum De Lakenhal en Museum Prinsenhof bezitten mogelijk kunstvoorwerpen die zijn geroofd van Joden voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat blijkt volgens dagblad Trouw uit een inventarisatie van de website Museale Verwervingen vanaf 1933. Landelijk staat de teller op 170 kunstwerken die wellicht onder de noemer roofkunst kunnen vallen. De regionale musea bezitten er samen 25.

De Lakenhal in Leiden en Gemeentemuseum Den Haag zeggen open te staan voor erfgenamen die zich melden voor kunststukken. ‘We willen altijd de dialoog aangaan’, zegt Minke Schat van het Leidse museum.

Anne de Haij zegt dat Gemeentemuseum Den Haag open staat voor gespreken over de herkomst van kunstobjecten. De Prinsenhof kon woensdagmiddag nog geen reactie geven.

Er zijn verschillende redenen dat de kunstwerken een problematische herkomstgeschiedenis hebben. Zo kan het zijn dat het niet duidelijk is dat Joodse verzamelaars of handelaren het object op geheel vrijwillige wijze hebben verkocht of geschonken in de periode 1933 (jaar dat Hitler aan de macht kwam) tot 1945 (einde Tweede Wereldoorlog).

Ook de kunstwerken die de Nederlandse autoriteiten in beslag hebben genomen vlak na de bevrijding kunnen dubieus zijn. Dit was vaak bezit van oorlogsdelinquenten of door de Duitsers achtergelaten.

Bedenkelijke veilinghuizen in Duitsland en Oostenrijk

Daarnaast waren er verschillende twijfelachtige veilingshuizen in Duitsland en Oostenrijk gedurende het Nazi-regime. De ingebrachte kunstwerken daar bestonden herhaaldelijk uit verbeurd verklaarde goederen van Joden. Van verschillende handelaren en particulieren is daarnaast bekend dat ze in de jaren 1933-1945 vaker roofkunst hebben verhandeld.

Ook Nederlandse handelshuizen lieten zich niet onbetuigd. Een voorbeeld is het Haagse handelshuis Van Marle & Bignell dat vooral in 1942 en 1943 in beslag genomen Joodse inboedel op de markt bracht.

Ook waren er anonieme schenkingen aan musea in de jaren na 1945. Vooral schenkingen die kort na de oorlog plaatsvonden en waarvan de herkomst niet duidelijk is, krijgen het kenmerk problematische herkomst.

Dubieuze schilderijen in Delfts bezit

Aan de hand van drie voorbeelden is goed te zien hoe de kunsthandel tijdens de Tweede wereldoorlog eraan toeging. Zo heeft het Delftse museum Prinsenhof twee dubieuze schilderijen in het bezit. Het schilderij Allegorie op de gerechtelijke moord op Johan van Oldenbarneveldt is er daar één van.

De maker is niet bekend. Het schilderij kwam tijdens de Tweede Wereldoorlog in handen van het Haagse handelshuis Van Marle & Bignell. Hoe het daar terecht is gekomen, is onbeken.Het is daarnaast niet te herleiden hoe het in 1950 in het bezit van Prinsenhof kwam.

Het Leidse museum De Lakenhal heeft vier kunstwerken die wellicht onder roofkunst vallen. Eén daarvaan is een stilleven van Jacob van der Merck. De kunstenaar overleed in 1664 in de Sleutelstad. Zijn schilderij heeft sindsdien een groot gedeelte van West-Europa gezien.

In november 1935 kwam het schilderij aan bij handelshuis Mandelbaum & Kronthal uit Berlijn. Dit bedrijf was in juli van dat jaar ontdaan van alle niet-Arische invloeden. Onbekend is hoe het schilderij in het bezit kwam van het Duitse veilinghuis. Nadat het daar onder de hamer was gegaan, hing het schilderij in Stockholm en Amsterdam, totdat het vlak voor de oorlog in De Lakenhal terechtkwam.

Aanspraak erfenis

Het Gemeentemusem Den Haag heeft maar liefst negentien van de 170 bekende verdachte kunstwerken in zijn bezit. Eén daarvan is nu ook in het museum te zien. De rest staat in de depots. Het gaat daarbij om een object van aardewerk met de naam Albarello, dat het museum al sinds 1936 in bezit heeft. Het werd gekocht bij een veiling van Julius Böhler in München. Deze had hem uit de collectie van de joodse verzamelaar Margarete Oppenheim.

De familie Oppenheim woonde in de villa Oppenheim aan de Wannsee. Dat huis werd later bekend omdat de nationaalsocialisten er de Wannseeconferentie hielden. De weduwe Margarethe Oppenheim overleed in september 1935. De collectie werd in 1936 bij Julius Böhler in Berlijn geveild. Onduidelijk is of de erven Oppenheim ooit enige aanspraak op het tegoed van deze veiling hebben kunnen laten gelden.

Zie ook: Roofkunst 2e wo

De website met mogelijke roofkunstwerken; Website Museale Verwervingen vanaf 1933

Roofkunst voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog – Historiek

Roofkunst – Wikipedia

Doel · ‎Geschiedenis van de … · ‎Commissie en … · ‎Claims, restituties en …

Roofkunst uit de Tweede Wereldoorlog – De Dokwerker

Grootste kunstroof door de nazi’s in de Tweede Wereldoorlog …

Roofkunst uit Tweede Wereldoorlog eindelijk voor publiek | Buitenland …

Online zoeken naar roofkunst uit Tweede Wereldoorlog | NOS

Hoe zij hun in de Tweede Wereldoorlog geroofde kunst terugkregen …

Deze man jaagt al decennia op de roofkunst van de nazi’s, en weet …

Teruggave kunst Tweede Wereldoorlog – Rijksoverheid

Documentaire: de zoektocht naar roofkunst WO II – EenVandaag

Roofkunst 2e wereldoorlog

kunstroof tweede wereldoorlog film

gestolen kunst database

roofkunst deventer

register gestolen kunst

goudstikker collectie

kunst tweede wereldoorlog

roofkunst nazis

altaussee zoutmijn

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende

Roofkunst: ook regionale musea hebben het misschien in bezit

OmroepWest 10.10.2018 Gemeentemuseum Den Haag, Museum De Lakenhal en Museum Prinsenhof bezitten mogelijk kunstvoorwerpen die zijn geroofd van Joden voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat blijkt volgens dagblad Trouw uit een inventarisatie van de website Museale Verwervingen vanaf 1933. Landelijk staat de teller op 170 kunstwerken die wellicht onder de noemer roofkunst kunnen vallen. De regionale musea bezitten er samen 25.

De Lakenhal in Leiden en Gemeentemuseum Den Haag zeggen open te staan voor erfgenamen die zich melden voor kunststukken. ‘We willen altijd de dialoog aangaan’, zegt Minke Schat van het Leidse museum. Anne de Haij zegt dat Gemeentemuseum Den Haag open staat voor gespreken over de herkomst van kunstobjecten. De Prinsenhof kon woensdagmiddag nog geen reactie geven.

Er zijn verschillende redenen dat de kunstwerken een problematische herkomstgeschiedenis hebben. Zo kan het zijn dat het niet duidelijk is dat Joodse verzamelaars of handelaren het object op geheel vrijwillige wijze hebben verkocht of geschonken in de periode 1933 (jaar dat Hitler aan de macht kwam) tot 1945 (einde Tweede Wereldoorlog). Ook de kunstwerken die de Nederlandse autoriteiten in beslag hebben genomen vlak na de bevrijding kunnen dubieus zijn. Dit was vaak bezit van oorlogsdelinquenten of door de Duitsers achtergelaten.

Bedenkelijke veilinghuizen in Duitsland en Oostenrijk

Daarnaast waren er verschillende twijfelachtige veilingshuizen in Duitsland en Oostenrijk gedurende het Nazi-regime. De ingebrachte kunstwerken daar bestonden herhaaldelijk uit verbeurd verklaarde goederen van Joden. Van verschillende handelaren en particulieren is daarnaast bekend dat ze in de jaren 1933-1945 vaker roofkunst hebben verhandeld. Ook Nederlandse handelshuizen lieten zich niet onbetuigd. Een voorbeeld is het Haagse handelshuis Van Marle & Bignell dat vooral in 1942 en 1943 in beslag genomen Joodse inboedel op de markt bracht.

Ook waren er anonieme schenkingen aan musea in de jaren na 1945. Vooral schenkingen die kort na de oorlog plaatsvonden en waarvan de herkomst niet duidelijk is, krijgen het kenmerk problematische herkomst.

Dubieuze schilderijen in Delfts bezit

Aan de hand van drie voorbeelden is goed te zien hoe de kunsthandel tijdens de Tweede wereldoorlog eraan toeging. Zo heeft het Delftse museum Prinsenhof twee dubieuze schilderijen in het bezit. Het schilderij Allegorie op de gerechtelijke moord op Johan van Oldenbarneveldt is er daar één van. De maker is niet bekend. Het schilderij kwam tijdens de Tweede Wereldoorlog in handen van het Haagse handelshuis Van Marle & Bignell. Hoe het daar terecht is gekomen, is onbeken.Het is daarnaast niet te herleiden hoe het in 1950 in het bezit van Prinsenhof kwam.

Het Leidse museum De Lakenhal heeft vier kunstwerken die wellicht onder roofkunst vallen. Eén daarvaan is een stilleven van Jacob van der Merck. De kunstenaar overleed in 1664 in de Sleutelstad. Zijn schilderij heeft sindsdien een groot gedeelte van West-Europa gezien. In november 1935 kwam het schilderij aan bij handelshuis Mandelbaum & Kronthal uit Berlijn. Dit bedrijf was in juli van dat jaar ontdaan van alle niet-Arische invloeden. Onbekend is hoe het schilderij in het bezit kwam van het Duitse veilinghuis. Nadat het daar onder de hamer was gegaan, hing het schilderij in Stockholm en Amsterdam, totdat het vlak voor de oorlog in De Lakenhal terechtkwam.

Aanspraak erfenis

Het Gemeentemusem Den Haag heeft maar liefst negentien van de 170 bekende verdachte kunstwerken in zijn bezit. Eén daarvan is nu ook in het museum te zien. De rest staat in de depots. Het gaat daarbij om een object van aardewerk met de naam Albarello, dat het museum al sinds 1936 in bezit heeft. Het werd gekocht bij een veiling van Julius Böhler in München. Deze had hem uit de collectie van de joodse verzamelaar Margarete Oppenheim.

De familie Oppenheim woonde in de villa Oppenheim aan de Wannsee. Dat huis werd later bekend omdat de nationaalsocialisten er de Wannseeconferentie hielden. De weduwe Margarethe Oppenheim overleed in september 1935. De collectie werd in 1936 bij Julius Böhler in Berlijn geveild. Onduidelijk is of de erven Oppenheim ooit enige aanspraak op het tegoed van deze veiling hebben kunnen laten gelden.

LEES OOK:

Meer over dit onderwerp: DELFT DEN HAAG LEIDEN LAKENHAL PRINSENHOF GEMEENTEMUSEUM KUNST TWEEDE WERELDOORLOG

‘Mogelijk honderden kunstwerken in Nederlandse musea geroofd van Joden’

NOS 10.10.2018 Er zijn 170 schilderijen, tekeningen, sculpturen en andere kunstobjecten die mogelijk door de nazi’s zijn geroofd, in kaart gebracht.

In 42 Nederlandse musea staan kunstwerken die mogelijk zijn gestolen van Joden voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat is de conclusie na jarenlang eigen onderzoek door musea, meldt Trouw.

Het gaat om 170 schilderijen, tekeningen, sculpturen en andere kunstobjecten die mogelijk door de nazi’s zijn geroofd. De werken bestaan soms uit meerdere stukken, waardoor het volgens de krant om honderden voorwerpen gaat. Op de website Museale Verwervingen vanaf 1933 staat een overzicht van alle objecten.

Salomé met het hoofd van Johannes de Doper van Jan Adam Kruseman in het Rijksmuseum is een van de kunstwerken waarvan de herkomst twijfelachtig is. Op de website staat dat het onduidelijk is wie dit schilderij heeft ingebracht bij een Amsterdamse veiling in 1943.

Een woordvoerder van de organisatie die sinds 2009 herkomstonderzoek doet bij Nederlandse musea zegt in een reactie dat dat onderzoek nog loopt.

De openbare inventarisatie is bedoeld om de gestolen kunst terug te geven aan de rechtmatige eigenaren.

De website met mogelijke roofkunstwerken; Website Museale Verwervingen vanaf 1933

Musea hebben 170 ’geroofde’ kunstwerken

Telegraaf 10.10.2018 Nederlandse musea hebben 170 kunstvoorwerpen in hun collecties die tussen 1933 en 1945 tijdens het naziregime (vermoedelijk) zijn geroofd, geconfisqueerd of gedwongen verkocht. Daaronder zijn 83 schilderijen, 26 tekeningen en 13 joodse rituele objecten. De stukken liggen momenteel in 42 Nederlandse musea.

Dit blijkt uit een jarenlang onderzoek naar de herkomstgeschiedenis van de collecties in musea. De Nederlandse museumvereniging vroeg haar leden in 2009 ’de roofkunst’ vanaf 1933 tot en met het einde van de Tweede Wereldoorlog in kaart te brengen. Aan het onderzoek deden 163 musea mee.

Dagblad Trouw meldt woensdag dat vrijwel alle musea nu klaar zijn met hun onderzoek en dat alleen het Rijksmuseum meer tijd nodig heeft. De hele inventarisatie stukken is te zien op de website van het project Museale Verwervingen. Het doel ervan is de eigenaren te vinden en het werk terug te geven. Museum Boijmans van Beuningen, dat dertig ’foute’ kunstwerken had, gaf er al zes terug, aldus Trouw.

Bekijk meer van;  kunstwerken musea roofkunst

‘Roofkunst Tweede Wereldoorlog gevonden in 42 Nederlandse musea’

NU 10.10.2018 Ruim 40 Nederlandse musea hebben in totaal 170 kunstvoorwerpen in bezit die mogelijk voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn gestolen van Joodse eigenaren, blijkt woensdag na jarenlang onderzoek door musea.

Sommige van de 170 kunstvoorwerpen bestaan uit meerdere stukken, zodat het uiteindelijk om enkele honderden voorwerpen gaat, meldt Trouw.

42 musea hebben voorwerpen met een dergelijke onduidelijke herkomst, staat in de inventarisatie op de website van het project Museale Verwervingen vanaf 1933. Het gaat onder meer om het werk Salomé met het hoofd van Johannes de Doper van de schilder Jan Adam Kruseman, dat in het Rijksmuseum in Amsterdam hangt.

De inventarisatie heeft tot doel de oorspronkelijke eigenaren te vinden en het werk terug te geven. De betrokken musea, die kunst afkomstig uit de Tweede Wereldoorlog in bezit hebben, onderzochten de afgelopen tien jaar of die kunst roofkunst zou kunnen zijn. De meeste musea hebben dat onderzoek nu afgerond, alleen het Rijksmuseum heeft meer tijd nodig vanwege de omvang van de collectie.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog roofden de nazi’s in Europa op grote schaal kunst. In Nederland werden duizenden schilderijen, tekeningen en andere kunstvoorwerpen geroofd of voor een te lage prijs gekocht. Ook is er door Joden veel kunst achtergelaten, toen zij tijdens de oorlog op de vlucht sloegen.

In 1997 startte de commissie-Ekkart onderzoek naar het kunstbezit van de Nederlandse Staat. Een jaar later zijn musea begonnen met onderzoek naar hun eigen collecties. Sinds 2002 zijn zo’n 460 kunstwerken teruggegeven.

Lees meer over: Tweede Wereldoorlog kunst

Geroofde kunst ontdekt in 42 Nederlandse musea

AD 10.10.2018 De Nederlandse musea hebben 170 kunstvoorwerpen in bezit die mogelijk voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn geroofd van Joodse eigenaren. Dat is de uitkomst van jarenlang onderzoek dat musea in hun collecties hebben gedaan. Vrijwel alle musea zijn daar nu mee klaar, alleen het Rijksmuseum heeft meer tijd nodig, meldt Trouw.

Sommige van die 170 voorwerpen bestaan uit meerdere stukken zodat het uiteindelijk om enkele honderden voorwerpen gaat. 42 Musea hebben met een dergelijke onduidelijke herkomst te maken, blijkt uit een inventarisatie op de website van het project Museale Verwervingen vanaf 1933. Het doel van deze inventarisatie is om de eigenaren te vinden en het werk terug te geven.

In 1997 startte de commissie-Ekkart onderzoek naar het kunstbezit van de Nederlandse staat. Een jaar later zijn de Nederlandse musea dat voor hun eigen collecties ook gaan doen. Sinds 2002 zijn al 460 kunstwerken teruggegeven.

 

Italiaanse roofkunst terecht juli 21, 2018

Posted by jandewandelaar in De heilige familie, De Heilige Familie Rubens, De meisjes op het gras, De meisjes op het gras Renoir, Renoir, roofkunst, rubens.
Tags: , , ,
add a comment

Terecht

Het gaat om de werken ‘De Heilige Familie’ van Rubens en ‘De meisjes op het gras’ van Renoir. Een speciale kunstafdeling van de Italiaanse politie presenteerde de doeken vrijdag in Monza, waar ze vorig jaar ook werden gestolen.

Italiaanse politie vindt gestolen doeken Rubens en Renoir terug

NU 21.07.2018 De Italiaanse politie heeft een schilderij van de Vlaamse schilder Rubens en één van de Franse schilder Renoir teruggevonden, die vorig jaar april van een kunsthandelaar werden gestolen.

De twee kunstwerken werden na een politieonderzoek van 17 maanden teruggevonden in een loods in Turijn.

Van de acht verdachten zijn vier Italianen en een Kroaat gearresteerd, meldt het Italiaanse persbureau ANSA. De Kroaat deed zich voor als een rabbi die de kunstwerken wilde kopen voor 26 miljoen euro.

Uiteindelijk kregen de zwendelaars de aanbieder zover dat hij met de doeken naar Monza kwam om de transactie af te ronden. Toen de kunsthandelaar was afgeleid, zijn de twee schilderijen door hen meegenomen.

Lees meer over: kunst Italië

Italiaanse politie vindt gestolen werken Rubens en Renoir terug

NOS 21.07.2018 De Italiaanse politie heeft twee schilderijen die in 2017 werden gestolen teruggevonden. Het gaat om een kunstwerk van Renoir en een van Rubens. Een speciale kunstafdeling van de Italiaanse politie toonde de schilderijen aan de pers in Monza, waar de werken ook gestolen werden.

De dieven hadden een contract opgesteld met de belofte 26 miljoen euro voor de schilderijen te betalen. Toen de verkopers waren afgeleid gingen de criminelen er met de schilderijen vandoor.

De schilderijen werden teruggevonden in een magazijn in Turijn. Er zijn acht verdachten van de diefstal, vijf van hen werden vorige maand gearresteerd.

Italiaanse politie vindt gestolen Rubens en Renoir terug

AD 21.07.2018 De Italiaanse politie heeft een schilderij van de Vlaamse schilder Rubens en één van de Franse schilder Renoir teruggevonden, die vorig jaar april van een kunsthandelaar werden gestolen. De twee kunstwerken werden na een politieonderzoek van zeventien maanden teruggevonden in een loods in Turijn.

Het gaat om de werken ‘De Heilige Familie’ van Rubens en ‘De meisjes op het gras’ van Renoir. Een speciale kunstafdeling van de Italiaanse politie presenteerde de doeken vrijdag in Monza, waar ze vorig jaar ook werden gestolen.

Vorige maand werden al acht verdachten gearresteerd, onder wie vier Italianen en een Kroaat, meldt het Italiaanse persbureau ANSA. De Kroaat deed zich voor als een rabbi die de kunstwerken wilde kopen voor 26 miljoen euro. Uiteindelijk kregen de zwendelaars de aanbieder zover dat hij met de doeken naar Monza kwam om de transactie af te ronden. Toen de kunsthandelaar was afgeleid zijn de twee schilderijen door hen meegenomen.

Roofkunst Barnsteenkamer in Sint-Petersburg in mijnschacht in het Duitse Ertsgebergte ?? oktober 20, 2017

Posted by jandewandelaar in roofkunst, wo2.
Tags: , , , , , , ,
add a comment

Duitse onderzoekers: Grootste nazischat ooit gevonden

AD 20.10.2017 Verborgen in een afgesloten mijnschacht in het Duitse Ertsgebergte zou zich de grootste nazischat ooit bevinden. Drie schattenjagers stellen de specifieke locatie te kennen. Het verhaal doet sterk denken aan de Duitse goudtrein die zich in een Poolse mijn zou bevinden.

Het gaat dan ook om dezelfde, vooralsnog hypothetische, schat. Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog zijn historici, archeologen en amateur-schattenjagers op zoek naar een verdwenen konvooi met oorlogsbuit. Aan boord zou zich het originele interieur van de beroemde Barnsteenkamer in Sint-Petersburg bevinden. De waarde wordt geschat op 250 miljoen euro.

De Barnsteenkamer werd in 1941 gedemonteerd door Duitse soldaten. De met barnsteen en bladgoud bedekte panelen uit de tijd van tsaar Peter de Grote werden naar Koningsbergen – vandaag de Russische enclave Kaliningrad – gebracht. Daar loopt het spoor dood.

Ontdekt

Mogelijk tot nu, want drie Duitse gepensioneerde onderzoekers, Leonhard Blume (73), Peter Lohr (71) en Günter Eckhardt (67), denken  de panelen gevonden te hebben. De schat zou zich bevinden in de Prinzenhöhle in het Ertsgebergte, dicht bij Tsjechische grens.

De drie baseren hun claim op getuigenissen uit het archief van de Stasi en de KGB, de geheime diensten van Oost-Duitsland en de Sovjet-Unie. Met de hulp van een radar vonden ze naar eigen zeggen een ‘enorm, diep en lang tunnelnetwerk’ in het gebergte. De tunnel zou deels ingestort zijn door een explosie, mogelijk om de buit te verbergen. Blume, Lohr en Eckhardt zoeken nu sponsors om daadwerkelijk te kunnen graven.

De gereconstrueerde Barnsteenkamer © Wikipedia – Mark Voorendt

Ze zijn niet de eersten die beweren de schat gevonden te hebben. Twee jaar geleden schreven kranten al over een nazitrein vol goud – inclusief de panelen van de Barnsteenkamer – in een Poolse mijn bij Walbrzych. Afgelopen zomer werd er zonder succes gegraven.

Vernietigd

Historici vermoeden dat de panelen verloren gingen in het oorlogsgeweld. Ofwel tijdens een bombardement van geallieerden op Koningsbergen, of later, tijdens Russisch artillerievuur op de stad. Zekerheid over de vernietiging van de buit bestaat niet. Gelukszoekers zijn ervan overtuigd dat de oorlogsbuit door de Duitsers voor het oprukkende Rode Leger in veiligheid werd gebracht, ergens in een verlaten mijn.

De Barnsteenkamer werd eind vorige eeuw gereconstrueerd. Sinds 2003 is de kamer opnieuw te bezoeken in Catharinapaleis nabij Sint-Petersburg.

Roofkunst 2e WO uit Buenos Aires in Argentinië juni 20, 2017

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , , , ,
add a comment

Roofkunst

Op donderdag 8 juni trof de politie de verzameling aan bij de huiszoeking in een buitenwijk van de hoofdstad Buenos Aires in Argentinië.

Ze werden gevonden in het huis van een verzamelaar in de wijk Beccar en behoorden tijdens de Tweede Wereldoorlog waarschijnlijk toe aan hooggeplaatste Duitse nazi’s. Het gaat om originele voorwerpen, niet om imitaties, meldt AP.

Het gaat om zo’n 75 objecten, waaronder een buste van Adolf Hitler, een medisch instrument om schedels te meten en vergrootglazen. Ook vond de politie een aantal zwart-witfoto’s. Op sommige foto’s is Hitler te zien die een vergrootglas gebruikt. Volgens historici gaat het om originele stukken uit het nazi-tijdperk.

De politie vond de geheime ruimte achter een boekenkast. De autoriteiten kwamen de verzameling op het spoor na een tip van de internationale politiedienst Interpol, nadat een van de objecten was tentoongesteld bij een kunstcollectie. De eigenaar is nog niet geïdentificeerd.

De politie onderzoekt hoe de objecten in Argentinië zijn beland. Het meest aannemelijke is dat nazi’s de objecten meenamen na de Tweede Wereldoorlog.

Bevriende dictators

Duizenden nazi’s vluchtten na de oorlog naar Latijns-Amerikaanse landen, zoals Argentinië, Brazilië en Chili. Daar werden zij opgevangen door bevriende dictators, onder wie Juan Perón, Hugo Banzer en Alfredo Stroessner.

75 originele nazi-voorwerpen gevonden in Argentijns huis

NU 20.06.2017 In een verborgen ruimte in een huis vlakbij de Argentijnse hoofdstad Buenos Aires heeft de politie waarschijnlijk de grootste verzameling nazi-voorwerpen in de geschiedenis van het land gevonden.

Er werd onder andere een borstbeeld van Adolf Hitler aangetroffen. Ook was er een medisch apparaat waarmee schedels gemeten konden worden en waren er vergrootglazen in verpakkingen waar hakenkruizen op afgebeeld staan.

In totaal gaat het om ongeveer 75 voorwerpen. Ze werden gevonden in het huis van een verzamelaar en behoorden tijdens de Tweede Wereldoorlog waarschijnlijk toe aan hooggeplaatste Duitse nazi’s. Het gaat om originele voorwerpen, niet om imitaties, meldt AP.

Onder de voorwerpen is waarschijnlijk ook een vergrootglas dat Hitler zelf nog heeft gebruikt, blijkt uit een foto die ook bij die ontdekking werd aangetroffen.

Het onderzoek naar de artefacten begon nadat autoriteiten kunstwerken van illegale herkomst aantroffen in een galerie in Buenos Aires. In het huis van de verzamelaar vonden ze vervolgens de nazi-voorwerpen.

De verzamelaar is niet opgepakt maar hij wordt wel nader onderzocht. De politie bekijkt ook hoe de voorwerpen het land zijn binnenkomen. Hoogstwaarschijnlijk hebben hooggeplaatste nazi’s ze meegenomen nadat zij na de Tweede Wereldoorlog naar het Zuid-Amerikaanse land waren gevlucht.

Lees meer over: Buenos Aires Argentinië

Verborgen kamer in Argentinië vol met nazi-voorwerpen

Telegraaf 20.06.2017 In een woning in de buurt van de Argentijnse hoofdstad Buenos Aires zijn tientallen nazi-voorwerpen gevonden. In de verborgen kamer van het huis lagen werden onder meer een buste van Hitler, elegante boxen met vergrootglazen en messen met swastika’s aangetroffen.

Ook werden er foto’s bij de voorwerpen gevonden waarop Hitler te zien was met een vergrootglas. De Argentijnse autoriteiten gaan ervan uit dat de voorwerpen na de Tweede Wereldoorlog zijn meegenomen door gevluchte nazi’s.

De politie startte eerder deze maand een onderzoek toen een galerie in Buenos Aires kunstvoorwerpen aanbod van een verdachte herkomst. Uiteindelijk kwamen ze uit bij een verzamelaar in de wijk Beccar. Daar deed de politie met een gerechtelijk bevel op 8 juni een inval.

De man is nog op vrije voeten. Zijn identiteit is ook nog niet vrijgegeven.

Foto: AP

Foto: AP

Foto: AP

Foto: EPA

Foto: AP

LEES MEER OVER; NAZI NAZI VOORWERPEN BUENOS AIRES

Grote nazi-verzameling ontdekt in Argentinië

Elsevier 20.06.2017 De Argentijnse politie heeft in een verborgen ruimte van een huis tientallen nazi-artefacten ontdekt. Het is de grootste ontdekking van Tweede Wereldoorlog-objecten in de geschiedenis van het land.

Op donderdag 8 juni trof de politie de verzameling aan bij de huiszoeking in Béccar, een buitenwijk van de hoofdstad Buenos Aires. Het gaat om zo’n 75 objecten, waaronder een buste van Adolf Hitler, een medisch instrument om schedels te meten en vergrootglazen. Ook vond de politie een aantal zwart-witfoto’s. Op sommige foto’s is Hitler te zien die een vergrootglas gebruikt. Volgens historici gaat het om originele stukken uit het nazi-tijdperk.

Interpol

De politie vond de geheime ruimte achter een boekenkast. De autoriteiten kwamen de verzameling op het spoor na een tip van de internationale politiedienst Interpol, nadat een van de objecten was tentoongesteld bij een kunstcollectie. De eigenaar is nog niet geïdentificeerd.

Lees ook: In Oostenrijk is nog altijd onderhuidse sympathie voor nazi’s

De politie onderzoekt hoe de objecten in Argentinië zijn beland. Het meest aannemelijke is dat nazi’s de objecten meenamen na de Tweede Wereldoorlog.

Bevriende dictators

Duizenden nazi’s vluchtten na de oorlog naar Latijns-Amerikaanse landen, zoals Argentinië, Brazilië en Chili. Daar werden zij opgevangen door bevriende dictators, onder wie Juan Perón, Hugo Banzer en Alfredo Stroessner.

Na het onderzoek worden de objecten vermoedelijk tentoongesteld in het Holocaust Museum van Buenos Aires.

  Milan Bruynzeel (1991) is sinds februari 2017 stagiair op de webredactie. Momenteel studeert hij European Studies aan de Haagse Hogeschool.

 

 

Roofkunst terug naar Polen maart 2, 2017

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , , , , , ,
add a comment

Zoon van nazi geeft kunst terug

Telegraaf 01.03.2017 Horst von Wächter heeft woensdag in de Poolse stad Krakau drie schilderijen teruggegeven die zijn vader Otto er tijdens de Tweede Wereldoorlog had meegenomen. Hij riep Duitsers en Oostenrijkers die ook zogenoemde roofkunst in bezit hebben op zijn voorbeeld te volgen.

Otto von Wächter (1901-1949) was een in Oostenrijk geboren advocaat, hoge nazi-politicus en SS-generaal. Gedurende de bezetting van Polen was hij een tijd gouverneur van het district Krakau. Hij werkte onder meer mee aan de vorming van het ghetto en de transporten van Joden.

De twee stukken zijn een achttiende-eeuwse antieke landkaart van Polen en een aquarel uit de negentiende eeuw. De kunstwerken werden in 1939 meegenomen door Von Wächter. De Poolse politica en wetenschapper Magdalena Ogorek wist beide werken te traceren.

Otto von Wächter stierf op 48-jarige leeftijd in het Vaticaan, waar hem door een Oostenrijkse bisschop onderdak was verleend.

LEES MEER OVER; POLEN TWEEDE WERELDOORLOG ROOFKUNST

Zoon van hoge nazi geeft gestolen kunstwerken terug aan Polen

NU 01.03.2017 Horst von Wächter heeft woensdag in de Poolse stad Krakau drie schilderijen teruggegeven die zijn vader Otto er tijdens de Tweede Wereldoorlog had meegenomen. Hij riep Duitsers en Oostenrijkers die ook zogenoemde roofkunst in bezit hebben op zijn voorbeeld te volgen.

Otto von Wächter (1901-1949) was een in Oostenrijk geboren advocaat, hoge nazi-politicus en SS-generaal. Gedurende de bezetting van Polen was hij een tijd gouverneur van het district Krakau. Hij werkte onder meer mee aan de vorming van het ghetto en de transporten van Joden.

De twee stukken zijn een achttiende-eeuwse antieke landkaart van Polen en een aquarel uit de negentiende eeuw. De kunstwerken werden in 1939 meegenomen door Von Wächter. De Poolse politica en wetenschapper Magdalena Ogorek wist beide werken te traceren.

Otto von Wächter stierf op 48-jarige leeftijd in het Vaticaan, waar hem door een Oostenrijkse bisschop onderdak was verleend.

Roofkunst Vincent van Gogh terug uit Italie oktober 1, 2016

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , ,
add a comment

Teruggevonden

De gestolen schilderijen werden teruggevonden tijdens een grootscheeps, lopend onderzoek in opdracht van het Italiaans Openbaar Ministerie, uitgevoerd door een specialistisch team van de Guardia di Finanza, het team dat onderzoek doet naar georganiseerde criminaliteit.

Het gaat om de twee doeken die in 2002 werden gestolen uit het Van Gogh Museum: Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85).

http://content.tmgvideo.nl/embed/account=Kx1PKc/item=_y8Jhu3D2pEH/player=LakMO-EKGMsh/embed.html

Gestolen

De schilderijen werden in de vroege ochtend van 7 december 2002 gestolen uit het Amsterdamse museum. Voor diefstal zijn twee Nederlanders berecht, maar ze hebben altijd ontkend dat ze er iets mee te maken hadden. De doeken waren sindsdien spoorloos. Een half jaar na de roof van de twee doeken loofde het Van Gogh Museum in Amsterdam nog een beloning uit van 100.000 euro voor de gouden tip. De werken werden op 7 december 2002 ontvreemd. De schilderijen hadden destijds een gezamenlijke waarde van enkele miljoenen euro’s. Ze waren niet verzekerd omdat ze bezit zijn van het Rijk.

http://content.tmgvideo.nl/embed/account=Kx1PKc/item=FK1JicxBzZEH/player=LakMO-EKGMsh/embed.html

DE ROOF VAN DE TWEE GEVONDEN VAN GOGHS: HOE ZAT HET OOK ALWEER?

Op 7 december, vlak voor 8 uur ’s ochtends worden uit het Van Gogh Museum in Amsterdam twee vroege schilderijen van Vincent van Gogh gestolen: Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/1885) en Strand bij Scheveningen (1882). De werken hebben een taxatiewaarde van 1.8 miljoen euro en zijn eigendom van de particuliere Stichting Vincent van Gogh. Die heeft ze uitgeleend aan het door het rijk gefinancierde Van Gogh Museum. De twee doeken zijn niet verzekerd – overigens geen uitzondering in de museale wereld.

Op bewakingsbeelden buiten het gebouw is te zien dat twee dieven via een ladder  op het dak van het museum klimmen. Met twee mokers slaan de mannen een ruit in en kruipen naar binnen. Ze rukken de schilderijen met haken en al van de muur. Met een touw dalen ze even later met de buit weer naar beneden af. Van de diefstal zelf zijn geen beelden beschikbaar. De medewerker van de beveiligingscentrale heeft de opnameknop niet ingedrukt.

Het Van Gogh Museum looft een half jaar na de roof een beloning uit van 100 duizend euro voor de gouden tip.

Zes maanden later worden twee verdachten van de roof aangehouden: Henk B. en Octave D. Het bewijs bestaat uit de pet en de muts die bij het museum zijn gevonden, en waarin haren zijn gevonden met dna van de daders. Ook zijn in de garagebox van D. mokers gevonden die identitiek zijn aan de mokers gebruikt bij de roof: met zwart geschilderde handvatten. Beide verdachten ontkennen betrokkenheid bij de zaak.

In mei 2004 eist het Openbaar Ministerie respectievelijk zes en vijf jaar cel tegen Octavo D. en Henk B. Twee maanden later worden ze veroordeeld tot respectievelijk 4,5 en 4 jaar gevangenisstraf. Beide verdachten gaan in hoger beroep. Ze zeggen dat de diefstal door anderen in hun schoenen wordt geschoven. In hoger beroep krijgen ze 3,5 en drie jaar en twee maanden cel opgelegd. Ook moeten ze een schadevergoeding betalen aan het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, eigenaar van de schilderijen.

In maart 2010 krijgt de zaak een onverwachte nieuwe draai: volgens Giovanni Nistri, hoofd van de Italiaanse politie-eenheid die zich bezighoudt met de bescherming van cultureel erfgoed, zijn er belangrijke aanwijzingen dat leden van de Italiaanse maffia betrokken zijn bij de diefstal van de twee Van Goghs. Mogelijk hebben zij Octavo D. en Henk B. opdracht gegeven de schilderijen te stelen.

In 2002 werd er gesproken over een gezamenlijke waarde van 1.8 miljoen euro. Nu over 4 miljoen. Toelichting van de woordvoerder van het Van Gogh Museum: ‘Er is inmiddels veel gespeculeerd over de waarde van de doeken. Van enkele tot tientallen miljoenen. Feit is eigenlijk dat dit een theoretisch verhaal is en blijft omdat de werken niet op de markt voor verkoop worden. Echter toentertijd is gekeken naar twee zaken: vergelijkbare werken op de commerciële markt en de verzekeringstaxatie. En dan kom je op een gezamenlijke waarde van 4 miljoen.

Van Gogh-dief draait door

Telegraaf 03.04.2017 De Van Gogh-rover Octave ’Okkie’ Durham is zondag in Amsterdam na een achtervolging door de politie in het water gesprongen en kort in het ziekenhuis opgenomen. Volgens omstanders was hij volledig doorgedraaid.

Octave ‘Okkie’ Durham gaf toe een van de daders te zijn van de het Van Gogh Museum kunstroof in 2002.

Foto: ANP

Dat melden bronnen aan De Telegraaf. De politie in Amsterdam bevestigt dat een man uit het water van de Buyskade is gehaald en naar het ziekenhuis is gestuurd, maar noemt geen naam.

Durham had lange tijd kabaal gemaakt op het balkon van zijn woning, tot ergernis van omwonenden die de politie belden. Politiemensen gingen naar zijn woning vlakbij de Buyskade en probeerden met hem te praten.

’Scooter’

„De bewoner verliet toen de woning via het balkon en ging ervandoor op zijn scooter”, aldus een woordvoerder van de politie. Bij de Buyskade sprong hij in het water.

De politie maakte zich zorgen om zijn fysieke en geestelijke toestand en liet hem observeren in het ziekenhuis. Naar verluidt zou hij zondagavond laat hier alweer zijn vertrokken. ’Okkie’ is onbereikbaar voor commentaar. Zijn advocaat wil niet reageren.

Eerder ontsnapt via balkon

Saillant detail is dat Durham tijdens een interview met deze krant vertelde dat hij in het verleden eerder aan de politie was ontsnapt via zijn balkon. Durman roofde in 2002 twee schilderijen van Van Gogh, die vorige maand werden teruggehangen in het museum.

LEES OOK:

Dief Van Gogh-schilderijen mogelijk opnieuw de cel in 

NU 30.03.2017 De dief van de Van Gogh-schilderijen moet alsnog een schadevergoeding betalen van bijna 344.000 euro. Octave (‘Okkie’) Durham liet aan Crimesite weten dat het Centraal Justitieel Incassobureau hem een aanmaning heeft gestuurd. Volgens Okkie moet hij binnen vier weken 343.812 euro betalen en gaat hij als hij dat niet doet mogelijk opnieuw de cel in.

Het Openbaar Ministerie (OM) bevestigt donderdag dat Durham de aanmaning heeft gekregen. Verdere mededelingen wil een woordvoerder er niet over doen.

In een reactie op Crimesite schrijft Durham: ”Ik laat me niet intimideren door deze aanmaning. Ik ga met mijn advocaat de schadevergoedingsmaatregel aanvechten en als we toch verliezen, ga ik een jaar zitten. Dan heb ik tijd genoeg om in de bajes mijn boek te schrijven.” Hij overlegt donderdag met zijn advocaat over de kwestie.

Van Gogh Museum

De in 2002 gestolen doeken zijn sinds vorige week weer te zien in het Van Gogh Museum. Durham kwam tegelijkertijd met zijn verhaal over de roof naar buiten in een documentaire.

Hij zat al 3,5 jaar vast voor de diefstal en moest van het gerechtshof een schadevergoeding betalen van 350.000 euro. Hij heeft een deel hiervan al afgelost, maar het bedrag is nu volgens hem door boeterentes verhoogd.

Bussemaker onthult teruggekeerde Van Goghs in museum

Lees meer over: Octave DurhamVan Gogh Museum

 De twee gestolen Van Gogh-schilderijen die in september nabij Napels zijn gevonden door de Italiaanse politie, zijn na veertien jaar terug in het Van Gogh Museum.

Gestolen Van Goghs weer te zien

Telegraaf 21.03.2017 Bijna veertien jaar leken ze van de aardbodem verdwenen, maar vanaf woensdag zijn de twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh weer voor iedereen te zien. De werken doken afgelopen september op in Italië en zijn nu weer terug op de plek waar ze horen; in het Van Gogh Museum in Amsterdam. Daar blijven ze tot en met 14 mei hangen, waarna ze worden gerestaureerd.

http://content.tmgvideo.nl/embed/account=Kx1PKc/item=0rQskaPKeJcx/player=LakMO-EKGMsh/embed.html

Van Goghs Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85) werden in de vroege ochtend van 7 december 2002 gestolen door twee dieven. Ze verkochten de doeken door, waarop ze vermoedelijk jarenlang achter een muur in een woning belandden. Ze waren in handen te zijn gekomen van de maffia in Napels. De werken zijn er redelijk ongeschonden vanaf gekomen.

Een van de dieven, Octave Durham, deed de afgelopen dagen zijn verhaal in de media en in een documentaire. Hij zat 3,5 jaar vast voor de roof en moet een schadevergoeding betalen van 350.000 euro. Hij hoopt dat nu de schilderijen terecht zijn, hij hier onderuit kan komen.

Lees ook: Restauratoren constateren onherstelbare schade bij teruggevonden Van Goghs: ’We konden wel huilen’

LEES MEER OVER; VAN GOGH MUSEUM VINCENT VAN GOGH

GERELATEERDE ARTIKELEN;

Gestolen Van Goghs terug

Telegraaf 21.03.2017 De twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh zijn terug op de plek waar ze horen. Het Van Gogh Museum in Amsterdam toonde de werken, die in 2002 werden gestolen, dinsdag voor het eerst aan de massaal toegestroomde pers. Een uitgelaten museumdirecteur Axel Rüger sprak van een wonder. „Ze zijn terug. Ik had nooit gedacht dat ik dit nog eens zou zeggen.”

http://content.tmgvideo.nl/embed/account=Kx1PKc/item=8iZkY6NLpZ4R/player=LakMO-EKGMsh/embed.html

Rüger noemde de diefstal op 7 december 2002 de „donkerste dag in de geschiedenis van het museum”. „Nu is de collectie weer compleet en kunnen we dit pijnlijke hoofdstuk afsluiten.”

Vanaf woensdag kan ook het publiek Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85) weer zien. De schilderijen verdwenen jarenlang van de aardbodem en doken eind september op in Italië bij een onderzoek naar de maffia in Napels.

Op een enkele zichtbare beschadiging na op Zeegezicht bij Scheveningen, is de conditie van de werken goed. De meeste schade ontstond bij het verwijderen van de lijsten door een van de dieven. In al die jaren is er vermoedelijk niet te veel met de doeken gesold, meldt het museum. „Ze hebben een rustige tijd gehad achter de dubbele wand in het huis van de ouders van maffiabaas Raffaele Imperiale, waar ze werden aangetroffen.”

De diefstal van de schilderijen was volgens minister Jet Bussemaker (OCW), die de onthulling bijwoonde, alleen te doen om „koude harde cash” te maken, „voor een ticket naar Ibiza of een tripje naar Disneyland.” Hoewel de dieven werden veroordeeld, was volgens haar geen sprake van gerechtigheid omdat de doeken waren verdwenen.

Afgelopen weekend kwam via De Telegraaf een van de dieven met zijn verhaal naar buiten. Volgens Octave Durham wilden ze eigenlijk de beroemde schilderijen Zonnebloemen en De Aardappeleters stelen, maar toen dit te ambitieus bleek, namen ze de andere doeken mee. Rüger zei het „frappant” te vinden dat Durham dit nu zegt, aangezien hij al die jaren heeft ontkend. „Dat zo iemand dan op het moment dat de werken terugkeren, zegt dat hij het toch is geweest. We moesten het ook uit de pers horen. Dat voelt wel heel cynisch aan.”

De doeken blijven tot en met 14 mei in het museum en worden dan gerestaureerd.

LEES MEER OVER; VAN GOGH MUSEUM VINCENT VAN GOGH AXEL RÜGERZEEGEZICHT BIJ SCHEVENINGEN

Gestolen Van Goghs terug in museum

AD 21.03.2017 De twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh zijn terug op de plek waar ze horen. Het Van Gogh Museum in Amsterdam toonde de werken, die in 2002 werden gestolen, vandaag voor het eerst aan de massaal toegestroomde pers.

Een uitgelaten museumdirecteur Axel Rüger sprak van een wonder. ,,Ze zijn terug. Ik had nooit gedacht dat ik dit nog eens zou zeggen.”

Rüger noemde de diefstal op 7 december 2002 de ‘donkerste dag in de geschiedenis van het museum’. ,,Nu is de collectie weer compleet en kunnen we dit pijnlijke hoofdstuk afsluiten.”

Vanaf woensdag kan ook het publiek Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85) weer zien. De schilderijen waren jarenlang spoorloos en doken eind september op in Italië bij een onderzoek naar de maffia in Napels.

Schade

Op een enkele zichtbare beschadiging na op Zeegezicht bij Scheveningen, is de conditie van de werken goed. De meeste schade ontstond bij het verwijderen van de lijsten door een van de dieven. In al die jaren is er vermoedelijk niet te veel met de doeken gesold, meldt het museum. ,,Ze hebben een rustige tijd gehad achter de dubbele wand in het huis van de ouders van maffiabaas Raffaele Imperiale, waar ze werden aangetroffen.”

De diefstal van de schilderijen ging volgens minister Jet Bussemaker (OCW), die de feestelijke terugkeer bijwoonde, alleen om ‘koude harde cash’ te maken, ,,voor een ticket naar Ibiza of een tripje naar Disneyland.” Hoewel de dieven werden veroordeeld, was er volgens haar geen sprake van gerechtigheid, omdat de doeken waren verdwenen.

Cynisch

Afgelopen weekend kwam via DeTelegraaf een van de dieven met zijn verhaal naar buiten. Volgens Octave Durham wilden ze eigenlijk de beroemde schilderijen Zonnebloemen en De Aardappeleters stelen, maar toen dit te ambitieus bleek, namen ze de andere doeken mee. Rüger zei het ,,frappant” te vinden dat Durham dit nu zegt, aangezien hij al die jaren heeft ontkend. ,,Dat zo iemand dan op het moment dat de werken terugkeren, zegt dat hij het toch is geweest. We moesten het ook uit de pers horen. Dat voelt wel heel cynisch aan.”

De doeken blijven tot en met 14 mei in het museum en worden dan gerestaureerd.

Lees ook: Van Gogh-rover: Ik dook onder bij Patrick Kluivert

Kluivert: verhaal is onzin

Telegraaf 21.03.2017 Volgens Patrick Kluivert is het klinkklare onzin dat Van Gogh-inbreker Octave ’Okkie’ Durham na de roof bij hem is ondergedoken in Barcelona, zoals de crimineel beweert in een Brandpunt-documentaire.

http://content.tmgvideo.nl/embed/account=Kx1PKc/item=8iZkY6NLpZ4R/player=LakMO-EKGMsh/embed.html

Durham, die zijn straf inmiddels heeft uitgezeten, deed afgelopen weekend zijn verhaal in De Telegraaf.

„Het liefst had ik een boek met zo’n onzinverhaal doodgezwegen, omdat dit een ordinaire publiciteitsstunt lijkt,” reageert Kluivert. „Maar omdat mijn goede naam wordt aangetast, ben ik gedwongen om kort te reageren.”

„Zoals iedere speler van FC Barcelona of elke andere topclub in Europa trok ik veel mensen aan. Familie, vrienden, kennissen, vrienden van vrienden en kennissen van kennissen wilden allemaal een wedstrijd van Barça zien en vroegen te pas en te onpas om toegangskaarten. Van niet iedereen kende ik zijn achtergrond en van vijftien jaar geleden heb ik niet heel helder op mijn netvlies wie er wel of niet is langsgekomen,” aldus Kluivert.

„Ik heb Octave Durham vast ook ontmoet, wellicht in mijn club CDLC, zijn gezicht komt me zelfs bekend voor. Maar dat ik hem onderdak heb geboden is pertinente onzin. Sterker, als ik zijn verleden had gekend, was ik vanzelfsprekend ver uit zijn buurt gebleven.”

„Ik heb mijn advocaat Mr. Spong aangezocht om juridische stappen voor te bereiden.”

Volgens Brandpunt heeft een familielid van Kluivert echter bevestigd dat Okkie in die periode wel degelijk in de villa van de voetballer verbleef. „Van die bevestiging is ook een geluidsopname”, zegt documentairemaker Vincent Verwey tegen De Telegraaf.

Lees ook: Branie Van Gogh-inbreker schokt minister

LEES MEER OVER; VAN GOGH PATRICK KLUIVERT INBRAAK

GERELATEERDE ARTIKELEN

 

Van Gogh-rover bij Kluivert

Telegraaf 21.03.2017 De inbreker die in 2002 twee Van Gogh-schilderijen stal, heeft ondergedoken gezeten bij Patrick Kluivert in Barcelona. Dat is althans het verhaal van Octave Durham, alias Okkie, in de speciale Brandpunt-documentaire die dinsdagavond wordt uitgezonden.

http://content.tmgvideo.nl/embed/account=Kx1PKc/item=8iZkY6NLpZ4R/player=LakMO-EKGMsh/embed.html

Okkie doet daar tot in detail uit de doeken hoe hij – met hulp van een mede-inbreker – twee meesterwerken uit het Van Goghmuseum wist te roven. Toen de politie na lang onderzoek eindelijk zijn woning in Amsterdam binnenviel, wist de beroepsinbreker alsnog te ontsnappen.

Daarna vluchtte hij naar Spanje, waar hij naar eigen zeggen onderdak kreeg bij niemand minder dan Patrick Kluivert, die toen voetbalde voor FC Barcelona.

Lees ook: Branie Van Gogh-inbreker schokt minister

LEES MEER OVER; POLITIE VAN GOGH-ROVER KLUIVERT BARCELONA OKKIEOCTAVE DURHAM

GERELATEERDE ARTIKELEN;

VIDEO

Van Gogh-rover: Ik dook onder bij Patrick Kluivert

AD 21.03.2017 De inbreker die in 2002 twee Van Gogh-schilderijen stal, heeft ondergedoken gezeten bij Patrick Kluivert in Barcelona. Dat is althans het verhaal van Octave Durham, alias Okkie, in de speciale Brandpunt-documentaire die vanavond wordt uitgezonden.

Ik kwam Patrick in Barcelona tegen en vertelde dat ik door de politie werd gezocht, aldus Okkie.

Okkie doet daar tot in detail uit de doeken hoe hij – met hulp van een mede-inbreker – twee meesterwerken uit het Van Goghmuseum wist te roven. Hij pleegde bijna de perfecte misdaad, op één belangrijk detail na. In het touw waarlangs hij zich met twee vers geroofde Van Goghs naar beneden liet glijden, had hij geen knopen gelegd. Daardoor kwam Okkie met een veel te grote vaart neer, waardoor hij zijn pet verloor.

Dna in zijn pet bracht de politie op Durhams spoor. Toen de politie na lang onderzoek eindelijk zijn woning in Amsterdam binnenviel, wist de beroepsinbreker alsnog te ontsnappen. Daarna vluchtte hij naar Spanje, waar hij naar eigen zeggen onderdak kreeg bij niemand minder dan Patrick Kluivert, die toen voetbalde voor FC Barcelona.

Barcelona
Okkie: ,,Een vriend van mij was Patrick Kluivert. Die woonde bij mij in de buurt in Amsterdam. Ik kwam Patrick in Barcelona tegen en vertelde dat ik door de politie werd gezocht. Natuurlijk zei ik niet dat het vanwege de Van Goghs was. En toen zei hij: ‘Waarom zit je de hele tijd in een hotel? Waarom blijf je niet bij mij thuis?’ Toen zei ik: ‘Als ze mij pakken, kom je in alle kranten van de wereld.’ Waarop hij zei: ‘Dat kom ik toch al.'”

Familielid
Patrick Kluivert wil in de documentaire niet reageren. Een familielid van Kluivert zou het verblijf van Okkie in Barcelona hebben bevestigd. De documentaire van journalist Vincent Verweij bevat meer onthullingen. Zo wist topcrimineel Mink Kok dat de schilderijen in het bezit waren van een drugshandelaar voor de Italiaanse maffia. Hij zegt de schilderijen in 2007 gezien te hebben. Ook blijkt uit de uitzending dat de politie de schilderijen nog te pakken had kunnen krijgen als ze meteen na de dna-match het huis van Okkie waren binnengevallen.

De doeken stonden toen nog in de gang. De Van Gogh schilderijen zijn vorig jaar teruggevonden in het ouderlijk huis van maffiabaas Raffaele Imperiale in Castellammare di Stabia. Vanaf vandaag hangen ze weer in het Van Goghmuseum.

De documentaire over de gestolen Van Goghs begint vanavond om 20.25 uur.

Gestolen Van Goghs weer te zien

Telegraaf 06.02.2017 De twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh, die vorig jaar opdoken in Italië, zijn weer te zien voor het publiek. De doeken werden maandag gepresenteerd in Napels, waar ze de komende weken worden getoond in Museo di Capodimonte als dank voor de inzet van de Italiaanse autoriteiten.

Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85) werden in 2002 gestolen uit het Van Gogh Museum in Amsterdam. Eind september bleek dat ze in Italië waren teruggevonden tijdens een groot onderzoek naar de Camorra, de maffia in Napels. Ze waren in handen van een van de meest criminele bendes.

,,Het is echt een wonder dat de schilderijen, die sinds 2002 van de aardbodem leken verdwenen, zijn teruggevonden”, zei Axel Rüger, directeur Van Gogh Museum. ,,Door de inspanningen van zoveel mensen werd het onmogelijke, mogelijk. Vandaag kunnen we eindelijk uitbundig vieren dat de twee Van Goghs na veertien jaar weer in het openbaar te zien zijn. Als dank voor de inzet van alle betrokkenen in Italië tonen we de werken eerst in de regio waar ze ook teruggevonden zijn. Daarna komen onze Van Goghs thuis, waar ze in maart feestelijk worden onthaald en onze bezoekers ze weer in het Van Gogh Museum kunnen zien.”

De schilderijen zijn vanaf 21 maart te zien in Amsterdam. Het ene schilderij, Zeegezicht bij Scheveningen, is beschadigd. Het andere werk is min of meer ongeschonden. Van beide schilderijen ontbreekt de lijst. De doeken worden later gerestaureerd.

LEES MEER OVER; VAN GOGH MUSEUM VINCENT VAN GOGH

Gestolen schilderijen Van Gogh weer even te zien

AD 06.02.2017 De twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh, die vorig jaar opdoken in Italië, zijn weer te zien voor het publiek. De doeken zijn vandaag gepresenteerd in Napels, waar ze de komende weken worden getoond in Museo di Capodimonte als dank voor de inzet van de Italiaanse autoriteiten.

Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85) werden in 2002 gestolen uit het Van Gogh Museum in Amsterdam. Eind september bleek dat ze in Italië waren teruggevonden tijdens een groot onderzoek naar de Camorra, de maffia in Napels. Ze waren in handen van een van de meest criminele bendes.

,,Het is echt een wonder dat de schilderijen, die sinds 2002 van de aardbodem leken verdwenen, zijn teruggevonden”, zei Axel Rüger, directeur Van Gogh Museum. ,,Door de inspanningen van zoveel mensen werd het onmogelijke, mogelijk. Vandaag kunnen we eindelijk uitbundig vieren dat de twee Van Goghs na veertien jaar weer in het openbaar te zien zijn. Als dank voor de inzet van alle betrokkenen in Italië tonen we de werken eerst in de regio waar ze ook teruggevonden zijn. Daarna komen onze Van Goghs thuis, waar ze in maart feestelijk worden onthaald en onze bezoekers ze weer in het Van Gogh Museum kunnen zien.”

De schilderijen zijn vanaf 21 maart te zien in Amsterdam. Het ene schilderij, Zeegezicht bij Scheveningen, is beschadigd. Het andere werk is min of meer ongeschonden. Van beide schilderijen ontbreekt de lijst. De doeken worden later gerestaureerd.

Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85) © Van Gogh Museum

Van Goghs in maart terug

Telegraaf 03.02.2017  De twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh die vorig jaar opdoken in Italië, komen begin maart terug naar Nederland. De werken Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85) zijn vanaf 21 maart weer te zien in het Van Gogh Museum in Amsterdam, bevestigde een woordvoerster vrijdag.

De doeken, die in 2002 werden gestolen uit het museum, waren tot vorig jaar spoorloos. Eind september bleek dat ze in Italië waren teruggevonden tijdens een groot onderzoek naar de Camorra, de maffia in Napels. Ze waren in handen van een van de meest criminele bendes. De rechter in het land hief vorige maand het beslag op de doeken op, waardoor ze kunnen terugkeren.

Het ene schilderij, Zeegezicht bij Scheveningen, is beschadigd. Het andere werk is min of meer ongeschonden. Van beide schilderijen ontbreekt de lijst. De doeken worden later gerestaureerd.

LEES MEER OVER; VAN GOGH MUSEUM VINCENT VAN GOGH AMSTERDAM

Van Gogh terug in Scheveningen

Den HaagFM 23.01.2017 In februari en maart is in Muzee Scheveningen en tijdens de Vincent van Gogh Experience in het Jan van Goyenhuis een dubbeltentoonstelling te zien over ‘Van Gogh in Scheveningen’. Het Scheveningse werk van Vincent van Gogh wordt op beide locaties in reproductie getoond op banieren en toegelicht.

Ruim veertien jaar geleden werd het doek ‘Storm aan zee’ uit het Van Gogh Museum in Amsterdam gestolen. Het schilderij werd in september teruggevonden tijdens een groot onderzoek naar de maffia in Napels. De tentoonstelling is georganiseerd om de terugkomst te vieren.

Van december 1881 tot september 1883 verbleef Vincent van Gogh in Den Haag en Scheveningen. Hij vestigde zich aan de Schenkweg waar hij ook zijn atelier had. Scheveningen was echt de grote liefde van Van Gogh. Hij schetste en schilderde er geregeld en had er graag zijn atelier gehad, maar “Scheveningen is horrible duur”, aldus Van Gogh.

Grote foto: Van Gogh Museum Amsterdam  …lees meer

Zeegezicht op Scheveningen van Vincent van Gogh (Foto: Van Gogh Museum)

Gestolen ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ van Van Gogh mag terug naar Nederland

RTVWEST 19.01.2017 Twee schilderijen van Vincent van Gogh, waaronder ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ uit 1882, mogen terug naar Nederland. Dat is het gevolg van een uitspraak van de rechter in Italië, meldt het Van Gogh Museum museum donderdag.

De doeken ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ en ‘Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen’, werden in 2002 gestolen uit het museum in Amsterdam. Eind september 2016 werd bekend dat de schilderijen in Italië waren teruggevonden tijdens een groot onderzoek naar de Camorra, de maffia in Napels. Ze waren in handen van een van de meest criminele bendes. Tot donderdag lag er beslag op de werken, die dienden als bewijsmateriaal, maar de rechter heeft het opgeheven.

Directeur Alex Rüger van het Van Gogh Museum is blij dat de schilderijen kunnen terugkomen. ‘Op korte termijn zal in Italië de formele overdracht plaatsvinden. Er is nog geen exacte datum, maar naar verwachting zal het spoedig gebeuren’, aldus Rüger.

Meer over dit onderwerp: VINCENT VAN GOGH SCHEVENINGEN ZEEGEZICHT SCHILDERIJ DIEFSTAL KUNST

Weg vrij terugkeer Van Goghs

Telegraaf 19.01.2017 Twee schilderijen van Vincent van Gogh, Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85), mogen terug naar Nederland. Dat is het gevolg van een uitspraak van de rechter in Italië, meldt het Van Gogh Museum museum donderdag.

De doeken werden in 2002 gestolen uit het museum in Amsterdam. Eind september 2016 werd bekend dat de schilderijen in Italië waren teruggevonden tijdens een groot onderzoek naar de Camorra, de maffia in Napels. Ze waren in handen van een van de meest criminele bendes. Tot donderdag lag er beslag op de werken, die dienden als bewijsmateriaal, maar de rechter heeft het opgeheven.

Directeur Alex Rüger van het Van Gogh Museum is blij dat de schilderijen kunnen terugkomen. „Op korte termijn zal in Italië de formele overdracht plaatsvinden. Er is nog geen exacte datum, maar naar verwachting zal het spoedig gebeuren”, aldus Rüger. Ook minister Jet Bussemaker (Cultuur) noemt het geweldig nieuws dat de schilderijen binnenkort terugkeren naar Nederland. „Naar alle waarschijnlijkheid kan iedereen, jong en oud, snel weer genieten van deze werken in het Van Gogh Museum”, hoopt Bussemaker.

Eind september werd al bekend dat het ene schilderij, Zeegezicht bij Scheveningen, wat beschadigingen heeft. Het andere werk is min of meer ongeschonden. Van beide schilderijen ontbreekt de lijst. Volgens een woordvoerster worden de twee doeken, zodra ze in Nederland zijn, in hun huidige staat aan het publiek gepresenteerd, dus met beschadigingen en zonder lijst. Dat gebeurt mogelijk in vritrines. Na enige tijd zullen ze dan worden gerestaureerd. Zij verwacht dat de Van Goghs nog dit voorjaar worden overgedragen.

Dat dat zo snel en soepel kan gebeuren, is te danken aan „de goede samenwerking tussen Italië en Nederland”, aldus minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken. Hij bedankt de Italiaanse autoriteiten met de woorden „Grazie mille all’Italia!”

LEES MEER OVER; VINCENT VAN GOGH SCHILDERIJEN VAN GOGH MUSEUM

Gestolen schilderijen Van Gogh terecht, ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ gered

RTVWEST 30.09.2016 Twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh, waaronder het doek ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ uit 1882, zijn terecht. Dat meldt het Van Gogh Museum in Amsterdam, waar de werken in 2002 werden gestolen.

Vrijdag geeft de Italiaanse hoofdofficier van justitie in Napels uitleg op een persbijeenkomst. Behalve ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ is ook het schilderij ‘Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen’ (1884/85) teruggevonden. Dat gebeurde tijdens een groot onderzoek in Italië, uitgevoerd door een speciaal team dat onderzoek doet naar georganiseerde criminaliteit.

‘Zeegezicht bij Scheveningen’ is volgens het museum het enige schilderij in de museumcollectie uit de periode die Van Gogh in Den Haag doorbracht (1881-1883). ‘Het is één van de slechts twee zeegezichten die hij in zijn Nederlandse jaren schilderde. Het is een belangrijk voorbeeld van Van Goghs vroegste schilderstijl, waarin hij zich al heel eigenzinnig toonde.’

‘Redelijk goede conditie’
Volgens een conservator, die de werken voor de Italiaanse justitie onderzocht, zijn het de echte. Ze lijken in ‘redelijk goede conditie’. Wanneer de werken terugkomen naar Amsterdam is nog niet bekend.

 Volgen  Van Gogh Museum  ✔@vangoghmuseum

Our two stolen Van Gogh paintings are found after 14 years! http://bit.ly/stolen-vangogh-found …

09:46 – 30 september 2016
‘Ze zijn terecht!’, jubelt Axel Rüger, directeur van het Van Gogh Museum. ‘Dat ik dat ooit nog zou kunnen zeggen, daar durfde ik niet meer op te hopen.’ Ook minister Jet Bussemaker (Cultuur) is opgelucht dat de werken terecht zijn. ‘Niemand had eigenlijk durven dromen dat ze zomaar onverwachts tevoorschijn zouden komen.’

De schilderijen, die een waarde hebben van vele miljoenen euro’s, werden in de vroege ochtend van 7 december 2002 gestolen uit het Amsterdamse museum. In 2005 werden twee mensen veroordeeld: Octave D. en Henk B. kregen in hoger beroep respectievelijk 3,5 jaar en drie jaar en twee maanden celstraf.

Meer over dit onderwerp: VINCENT VAN GOGH SCHILDERIJ GESTOLENTERUGGEVONDEN ITALIë DEN HAAGSCHEVENINGEN KUNST

Gestolen schilderijen Van Gogh terecht, ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ gered

Den HaagFM 30.09.2016 Twee schilderijen van Vincent van Gogh, waaronder het doek ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ (grote foto), die in 2002 werden gestolen uit het Van Gogh Museum, zijn terecht.

Naast ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ uit 1882 is ook het schilderij ‘Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen’ (kleine foto) teruggevonden. De werken zijn teruggevonden tijdens een groot onderzoek in Italië, uitgevoerd door een speciaal team dat onderzoek doet naar georganiseerde criminaliteit. ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ is volgens het museum het enige schilderij in de museumcollectie uit de periode die Van Gogh in Den Haag doorbracht (1881-1883). “Het is één van de slechts twee zeegezichten die hij in zijn Nederlandse jaren schilderde. Het is een belangrijk voorbeeld van Van Goghs vroegste schilderstijl, waarin hij zich al heel eigenzinnig toonde.”

interview met conservator Nienke Bakker

Volgens de conservator die de werken voor de Italiaanse justitie onderzocht zijn het de echte. “Ze lijken in ‘redelijk goede conditie”. Wanneer de werken terugkomen naar Amsterdam is nog niet bekend. De Italiaanse hoofdofficier van justitie in Napels geeft vrijdag uitleg op een persbijeenkomst. …lees meer

Teruggevonden Van Goghs waren bijvangst tijdens maffia-inval

VK 30.09.2016 Veertien jaar lang waren ze spoorloos, ondanks uitgebreid onderzoek in binnen- en buitenland, ondanks werk van het Art Crime Team van de Amerikaanse FBI en ondanks een vindersloon van 100 duizend euro. Deze week werden ze eindelijk teruggevonden, bij toeval, in een klein huisje nabij Napels: de twee in 2002 gestolen schilderijen van Vincent van Gogh.

Het gaat om Zeegezicht bij Scheveningen uit 1882 en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen uit 1884-’85. De doeken werden teruggevonden in een kluis in Castellammare di Stabia, een dorpje ten zuiden van Pompeï, niet ver van Napels. De schilderijen waren een bijvangst tijdens een inval van de Italiaanse anti-maffia-eenheid op zoek naar drugscrimineel Raffaele Imperiale.

CAMORRA-CLAN, aldus ‘Ze zijn terecht!’.

‘Ze zijn terecht! Dat ik dat ooit nog zou kunnen zeggen, daar durfde ik niet meer op te hopen’, aldus Axel Rüger, directeur van het Van Gogh Museum.

Zeegezicht bij Scheveningen (1882). © Van Gogh Museum

Imperiale runt een internationaal opererende Camorra-clan gespecialiseerd in cocaïnehandel met als uitvalsbasis Scampia, een van de meest beruchte wijken van Italië en vooral bekend als decor van de populaire tv-serie Gomorra. De veertigjarige Imperiale zat tot voor kort ondergedoken in Dubai, waar hij lange tijd met zijn familie in een van de duurste hotels ter wereld woonde, het Burj al Arab, met kamerprijzen vanaf 1.500 euro per nacht. Sindsdien is hij spoorloos.

Afgelopen februari werden een aantal van zijn handlangers opgepakt, waaronder de maffioso Mario Cerrone. Cerrone besloot als spijtoptant mee te werken met justitie en leidde de politie naar een onopvallend huisje aan de kust van Castellammare di Stabia. Daar werd deze week een enorme hoeveelheid illegaal bezit gevonden, waaronder een privévliegtuig en de twee kunsthistorische schatten.

RELATIEF INTACT

Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85). © Van Gogh Museum

Het is vooralsnog onbekend wat die doeken precies in het bezit van Imperiale deden. Zijn bende stond volgens justitie al jaren in nauw contact met de Nederlandse onderwereld, en volgens de Italiaanse minister van Cultuur, Dario Franceschini, laat dit onderzoek zien in hoeverre ‘de georganiseerde misdaad kunstwerken als investering dan wel als onderling betaalmiddel gebruikt’.

Directeur Rüger van het Van Gogh Museum spreek liever over de kunsthistorische waarde, die enorm is. Zo is Zeegezicht bij Scheveningen het enige schilderij in de collectie uit de Haagse periode van Van Gogh en heeft Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen een grote emotionele waarde. Van Gogh schilderde het in 1884 voor zijn moeder, maar voegde na de dood van zijn vader rouwende kerkgangers toe op de voorgrond.

De schilderijen werden zonder lijst teruggevonden, maar zijn verder relatief intact. Zeezicht bij Scheveningen mist zo’n tien vierkante centimeter verf in de linker onderhoek. Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen lijkt vooralsnog onbeschadigd, op wat kleine onvolmaaktheden aan de doek-randen na.

Wanneer de schilderijen precies richting Nederland komen, is vooralsnog onbekend, behalve dat dat ‘heel snel’ zal gebeuren, aldus minister van Cultuur Jet Bussemaker. Omdat ze onderdeel zijn van een opsporingszaak tegen de georganiseerde misdaad, fungeren ze vooralsnog als bewijsmateriaal.

DE ROOF VAN DE TWEE GEVONDEN VAN GOGHS: HOE ZAT HET OOK ALWEER?

Op 7 december, vlak voor 8 uur ’s ochtends worden uit het Van Gogh Museum in Amsterdam twee vroege schilderijen van Vincent van Gogh gestolen: Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/1885) en Strand bij Scheveningen (1882). De werken hebben een taxatiewaarde van 1.8 miljoen euro en zijn eigendom van de particuliere Stichting Vincent van Gogh. Die heeft ze uitgeleend aan het door het rijk gefinancierde Van Gogh Museum. De twee doeken zijn niet verzekerd – overigens geen uitzondering in de museale wereld.

Op bewakingsbeelden buiten het gebouw is te zien dat twee dieven via een ladder  op het dak van het museum klimmen. Met twee mokers slaan de mannen een ruit in en kruipen naar binnen. Ze rukken de schilderijen met haken en al van de muur. Met een touw dalen ze even later met de buit weer naar beneden af. Van de diefstal zelf zijn geen beelden beschikbaar. De medewerker van de beveiligingscentrale heeft de opnameknop niet ingedrukt.

Het Van Gogh Museum looft een half jaar na de roof een beloning uit van 100 duizend euro voor de gouden tip.

Zes maanden later worden twee verdachten van de roof aangehouden: Henk B. en Octave D. Het bewijs bestaat uit de pet en de muts die bij het museum zijn gevonden, en waarin haren zijn gevonden met dna van de daders. Ook zijn in de garagebox van D. mokers gevonden die identitiek zijn aan de mokers gebruikt bij de roof: met zwart geschilderde handvatten. Beide verdachten ontkennen betrokkenheid bij de zaak.

In mei 2004 eist het Openbaar Ministerie respectievelijk zes en vijf jaar cel tegen Octavo D. en Henk B. Twee maanden later worden ze veroordeeld tot respectievelijk 4,5 en 4 jaar gevangenisstraf. Beide verdachten gaan in hoger beroep. Ze zeggen dat de diefstal door anderen in hun schoenen wordt geschoven. In hoger beroep krijgen ze 3,5 en drie jaar en twee maanden cel opgelegd. Ook moeten ze een schadevergoeding betalen aan het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, eigenaar van de schilderijen.

In maart 2010 krijgt de zaak een onverwachte nieuwe draai: volgens Giovanni Nistri, hoofd van de Italiaanse politie-eenheid die zich bezighoudt met de bescherming van cultureel erfgoed, zijn er belangrijke aanwijzingen dat leden van de Italiaanse maffia betrokken zijn bij de diefstal van de twee Van Goghs. Mogelijk hebben zij Octavo D. en Henk B. opdracht gegeven de schilderijen te stelen.

In 2002 werd er gesproken over een gezamenlijke waarde van 1.8 miljoen euro. Nu over 4 miljoen. Toelichting van de woordvoerder van het Van Gogh Museum: ‘Er is inmiddels veel gespeculeerd over de waarde van de doeken. Van enkele tot tientallen miljoenen. Feit is eigenlijk dat dit een theoretisch verhaal is en blijft omdat de werken niet op de markt voor verkoop worden. Echter toentertijd is gekeken naar twee zaken: vergelijkbare werken op de commerciële markt en de verzekeringstaxatie. En dan kom je op een gezamenlijke waarde van 4 miljoen.

Volg en lees meer over:  SHOWBIZZ & CULTUUR  MUSEA & GALERIES  ITALIË  VAN GOGH MUSEUM

‘Dief schilderijen Van Gogh sprak met Camorra’

Elsevier 30.09.2016 De man die destijds is veroordeeld voor de diefstal in 2002 van de twee schilderijen van Vincent van Gogh uit het Van Gogh Museum in Amsterdam, heeft het afgelopen half jaar in het diepste geheim over teruggave gesproken met de Italiaanse heler, Camorra-leider Raffaele Imperiale.

Dat meldt journalist Vincent Verweij aan Elsevier. Verweij volgde het onderzoek van de dief Octave ‘Okkie’ D. voor een boek en een documentaire.

Schoon schip maken

Vanwege de diefstal hing deze ‘Okkie’ een ontnemingsvordering van justitie boven het hoofd die inmiddels is opgelopen tot vier ton. Door teruggave van de doeken zou de grond voor die vordering vervallen: er is immers geen schade meer. De kunstrover wilde schoon schip maken en zocht contact met Martin Kok van misdaadsite Vlinderscrime. Die bracht hem in contact met journalist Verweij.

Okkie heeft zijn aandeel in de diefstal altijd ontkend, maar heeft tegenover Verweij een bekentenis afgelegd. Hij is destijds veroordeeld, omdat er een haar van hem was gevonden in een petje dat naast het glas van de ingeslagen ruit in het museum lag. Bovendien lagen in zijn kelderbox exemplaren van dezelfde voorhamer waarmee de ruit was ingeslagen.

Dit weten we over vondst Van Goghs bij de Camorra. Lees meer >Na de inbraak beschikte zowel hij als zijn medeverdachte Henk B. over opvallend veel geld.  B. is net als ‘Okkie’ in hoger beroep veroordeeld.  De advocaat van ‘Okkie’, Bénédicte Ficq, wil het nieuws niet bevestigen. De doeken zijn teruggevonden door de Italiaanse anti-maffia-politie in een huis van Imperiale. Dat onderzoek stond los van de contacten die ‘Okkie’ onderhield met de nog voortvluchtige Imperiale.

Gerlof Leistra (1959) is misdaadverslaggever van Elsevier. Leistra is gespecialiseerd in verhalen over moord en doodslag, tbs en georganiseerde misdaad.

Tags: Bénédicte Ficq Bootcamp Octave ‘Okkie’ D. Vincent van Gogh

Camorra had gestolen Van Goghs jaren

Telegraaf 30.09.2016 De twee gestolen Van Goghs die in Italië bij de Camorra zijn teruggevonden, waren al jaren in handen van de beruchte maffiaorganisatie en lagen opgeslagen in een loods.

Volgens artdetective Arthur Brand van bureau Artiaz werden de doeken, ‘Zeegezicht bij Scheveningen’ (1882) en ‘Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen’ (1884/85) voordat ze in Italië belandden ook aan Nederlandse misdaadkopstukken aangeboden.

“In ieder geval aan Heinekenontvoerder Cor van Hout”, zegt hij. “Het is nooit tot een deal gekomen omdat Van Hout kort erop werd geliquideerd.”

De roofkunstjager deed al geruime tijd naspeuringen naar de Van Goghs die sinds 2002 spoorloos waren. “Geweldig dat de Italiaanse politie ze nu te pakken heeft”, zegt Brand. “Juist de afgelopen maanden waren er veel geruchten. Dat de schilderijen niet meer bij de Camorra lagen, maar naar Frankrijk en Spanje waren gesmokkeld. Bronnen binnen het criminele milieu verzekerden ons echter dat de maffiaclan nog altijd over de roofkunst beschikte.”

De topstukken werden veertien jaar terug uit het Van Gogh Museum in Amsterdam weggeroofd door de later veroordeelde Octave D. en Henk B. Zij kregen destijds 4,5 jaar cel, maar bleven altijd ontkennen. Bewijs vormden dna-sporen, getuigenverklaringen en afgeluisterde telefoongesprekken.

Het Van Gogh Museum loofde 100.000 euro uit voor de gouden tip. De doeken waren niet verzekerd omdat ze rijksbezit zijn. Het Art Crime Team van de FBI schat de waarde van de de meesterwerken op dertig miljoen euro.

De roofkunst maakte veel omzwervingen. Brand: “We kregen op enig moment de naam door van het Camorra-lid dat de werken onder zich had. De schilderijen hebben jarenlang in schuren en loodsen gelegen.”

Volgens de artdetective gebruikt de Camorra gestolen kunst, evenals andere maffiaorganisaties, vaak als onderpand als leden van de misdaadsyndicaten worden opgepakt. “In het verleden hebben criminelen, ook van deze maffiaorganisatie, verborgen kunstschatten gebruikt bij onderhandelingen met politie en justitie. Er zijn heel wat zaken bekend waarbij deals met justitie zijn gesloten en strafvermindering werd geregeld.”

Uit de persconferentie van vrijdag werd duidelijk dat leden van de clan Amato-Pagano, in het bezit waren van de doeken. Deze clan houdt zich bezig met internationale drugshandel. De bende, die onder leiding stond van de eveneens opgepakte ‘capo’ Raffaele Imperial, stond volgens de politie in nauw contact met de Nederlandse onderwereld. Mogelijk kwam hij zo in het bezit van de twee Van Goghs.

De schilderijen zijn geconfisqueerd tijdens een grootscheeps, lopend onderzoek in opdracht van het Italiaans Openbaar Ministerie, uitgevoerd door een specialistisch team van de Guardia di Finanza, het team dat onderzoek doet naar georganiseerde criminaliteit.

GERELATEERDE ARTIKELEN

‘Van Gogh-dief wilde schilderijen teruggeven’

AD 30.09.2016 De dief die in 2002 op spectaculaire wijze twee schilderijen roofde uit het Van Gogh Museum, wilde ze zelf weer terugbrengen. In het diepste geheim had hij contact met de man die ze verborgen hield; de Italiaanse maffia-baas Raffaele Imperiale. Maar voordat het tot een deal kwam, greep de politie in. 

Het zeegezicht bij Scheveningen (1882) © anp

Octave ‘Okkie’ D. heeft 14 jaar ontkend dat hij de meesterwerken had gestolen, maar voor het eerst geeft hij nu toe dat hij wel degelijk een van de twee daders was. Tegenover onderzoeksjournalist Vincent Verweij doet hij een boekje open over wat er allemaal zou zijn gebeurd in de vroege morgen van zaterdag 7 december 2002. Hoe ze rond kwart voor acht over een hek klommen. Hoe ze via een uitschuifladder die er al dagen stond een raam insloegen met een moker en via een touw aan een vlaggenmast het pand weer ontsnapten. Met onder hun arm twee schilderijen: Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/1885) en Zeegezicht bij Scheveningen (1882).

Overduidelijk
De verbijstering in Amsterdam was groot. Hoe was het mogelijk dat een van de best bewaakte musea van Nederland zo kinderlijk eenvoudig bestolen kon worden? Okkie vluchtte zo snel hij kon naar Spanje, maar werd een jaar later toch gepakt. Het bewijs was overduidelijk: naast het glas van de ingeslagen ruit lag een petje met een haar van hem en in zijn kelderbox lagen exemplaren van de voorhamer waarmee hij had toegeslagen.

Lees ook

Twee gestolen Van Goghs waren in handen van maffia

Lees meer

Okkies eerste doel was om te bewijzen dat deze Imperiale ze ook daadwerkelijk had, aldus Vincent Verweij, documentairemaker.

Schoon schip
De beroepscrimineel kreeg een celstraf van 3,5 jaar, maar gaf Verweij – na tussenkomst van zijn vriend Martin Kok van Vlinderscrime – aan dat hij schoon schip wilde maken. Dat hij baalde van de schadevergoeding van inmiddels 400.000 euro die hij aan het museum moet betalen. Maar dat er wellicht een uitweg was omdat hij wist bij wie hij moest zijn om de schilderijen terug te krijgen: Raffaele Imperiale, een maffia-leider van de roemruchte Camorra uit Napels.

De maffiosi, die in het verleden enige tijd in Nederland bivakkeerde, had hem volgens Verweij zelf benaderd met de mededeling dat hij ervan af wilde. En dat kwam Okkie heel goed uit: hij hoopte met het terugbezorgen van de schilderijen onder de schadevergoeding uit te komen.

Onderzoeksjournalist Verweij zag hier een prachtig verhaal in. Hij besloot hem te volgen en zo een documentaire en een boek te maken over de ruchtmakende zaak en de speurtocht naar de schilderijen. ,,Okkies eerste doel was om te bewijzen dat deze Imperiale ze ook daadwerkelijk had. En hij wilde ze uiteindelijk ook terug krijgen,” zegt Verweij.

Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85 © anp

Voorgevoel
Het afgelopen jaar hadden ze meermalen contact met de maffiosi via een Nederlandse tussenpersoon. Maar tot een deal kwam het niet. ,,We hadden al een voorgevoel dat er iets gaande was, want ineens was het contact verbroken,” zegt Verweij.

Geheel onverwacht deed de Italiaanse politie een inval in een huis van de maffiabaas. Een opgepakt bendelid had uit de school geklapt en had de agenten op het spoor van een ‘kluis’ vol waardevolle spullen gezet. Achter een spiegel in een soort sportschool vond de politie inderdaad een geheime schuilplaats. Daar vond de politie niet alleen de twee gestolen schilderijen, maar zelfs een sportvliegtuig. In totaal werd voor 20 miljoen euro aan spullen in beslag genomen.

Daar gaat mijn documentaire, dacht ik eerst. Maar al snel was ik natuurlijk superblij, aldus Vincent Verweij, documentairemaker.

Uitbundig
Het Van Gogh Museum in Amsterdam krijgt de vondst als eerste te horen en daar kunnen ze hun geluk niet op. ,,Ze zijn terecht!,” reageerde directeur Axel Rüger uitbundig. De schilderijen zijn weliswaar niet meer voorzien van hun lijsten en hebben wat beschadigingen, maar ze zijn onmiskenbaar. De twee werken zijn van onschatbare waarde voor het museum. Het zeezicht is een van Van Goghs vroegste werken en het enige schilderij in de museumcollectie uit zijn Haagse periode. De Hervormde Kerk schilderde Van Gogh voor zijn moeder omdat zijn vader er predikant was.

Mislukt
Documentairemaker Vincent Verweij was aanvankelijk minder blij met de vondst van de schilderijen. Hun speurtocht was mislukt nog voordat er zicht was op een deal. ,,Daar gaat mijn documentaire, dacht ik eerst. Maar al snel was ik natuurlijk superblij. Twee enorm waardevolle schilderijen zijn weer terug. Dat is wat hier telt. En het verhaal van Okkie is niet weg. De interesse hiervoor zal alleen maar groter worden.”   Wanneer de schilderijen naar Nederland komen en weer door het publiek zijn te zien is nog niet duidelijk.

In het midden Axel Rüger met de twee schilderijen. © AFP

‘Schilderijen snel terug’

Telegraaf 30.09.2016 De twee teruggevonden schilderijen van Van Gogh zullen ,,heel snel” terugkomen naar Nederland. Dat zei minister Jet Bussemaker (Cultuur) vrijdag. De doeken werden veertien jaar geleden gestolen uit het Van Gogh Museum in Amsterdam en zijn teruggevonden in Italië.

http://content.tmgvideo.nl/embed/account=Kx1PKc/item=FK1JicxBzZEH/player=LakMO-EKGMsh/embed.html

Het is nog niet precies bekend wanneer ze terugkeren. Ze zijn onderdeel van een opsporingszaak tegen de georganiseerde misdaad in Italië en moeten daarin wellicht nog als bewijs dienen, zei Bussemaker. Ze verwacht dat de doeken na terugkeer wel weer snel te zien zullen zijn voor het publiek.

De schilderijen verkeren in goede staat. De bewindsvrouw noemt de vondst fantastisch. ,,Niemand had eigenlijk durven dromen dat ze zomaar onverwachts tevoorschijn zouden komen.”

GERELATEERDE ARTIKELEN;

Gestolen werk Van Gogh was in bezit van Italiaanse maffia

NU 30.09.2016 De twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh waren in handen van een Italiaanse maffiabende. Het betreft leden van de clan Amato-Pagano, die zich bezighoudt met internationale drugshandel.

Volgens de Italiaanse justitie gaat het om een van de ”meest meedogenloze en actieve criminele organisaties van de camorristische maffiabendes” in de omgeving van Napels. Met de term Camorra wordt doorgaans de maffia in en rond de Italiaanse stad Napels aangeduid.

Vrijdag werd bekend dat de doeken zijn teruggevonden, die in 2002 uit het Van Gogh Museum in Amsterdam zijn geroofd. Het gaat om Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85).

Tijdens een persconferentie in Napels maakte het Openbaar Ministerie (OM) meer bekend over de achtergrond van de vondst. Die had plaats in een onderzoek dat erop was gericht om de activiteiten van de Napolitaanse clans te ontwrichten.

Het onderzoek raakte in een stroomversnelling toen een opgepakt lid doorsloeg en de politie vertelde over de schilderijen en de vele andere bezittingen van de bende.

Twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh terecht

 

Goederen

De Amato-Pagano beschikte volgens justitie over ”immense personele en materiële middelen”. De politie nam voor tientallen miljoenen euro’s aan goederen in beslag, waaronder ook een vliegtuigje, meldden Italiaanse media.

De bende, die onder leiding stond van de eveneens opgepakte ‘capo’ Raffaele Imperial, stond volgens de politie in nauw contact met de Nederlandse onderwereld. Mogelijk kwam zij zo in het bezit van de twee Van Goghs.

Volgens de Italiaanse minister van Cultuur toont de vondst weer eens aan dat criminelen kunst vaak gebruiken als onderling betaalmiddel.

Video: Gestolen schilderijen na veertien jaar gevonden

 

Lees meer over: Vincent van Gogh Maffia

Gestolen werk Van Gogh was bij Italiaanse maffiabende

Trouw 30.09.2016  Twee schilderijen van Vincent van Gogh, die in 2002 waren gestolen uit het Van Gogh Museum, zijn terecht. De werken zijn teruggevonden tijdens een groot onderzoek in Italië, uitgevoerd door een speciaal team dat onderzoek doet naar georganiseerde criminaliteit. De doeken waren in handen van een gevreesde maffiose drugsbende in Napels.

© Van Gogh Museum, Amsterdam.

Een van de nu teruggevonden werken van Van Gogh: Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85).

Het gaat om de doeken Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85). Ze waren in handen van maffiosi van de clan Amato-Pagano, die zich bezighoudt met internationale drugshandel.

Volgens de Italiaanse justitie gaat het om een van de “meest meedogenloze en actieve criminele organisaties van de camorristische maffiabendes” in de omgeving van Napels. Met de term Camorra wordt doorgaans de maffia in en rond de Italiaanse stad Napels aangeduid.

Volgens de conservator die de werken voor de Italiaanse justitie onderzocht zijn het de echte. Ze lijken in ‘redelijk goede conditie’, al zijn ze niet meer voorzien van hun lijst.

Bendelid slaat door
Tijdens een persconferentie in Napels zei de Italiaanse hoofdofficier van justitie dat de vondst gedaan is tijdens een onderzoek dat erop was gericht om de activiteiten van de Napolitaanse clans te ontwrichten. Het onderzoek raakte in een stroomversnelling toen een opgepakt lid doorsloeg en de politie vertelde over de schilderijen en de vele andere bezittingen van de bende.

De Amato-Pagano-clan beschikte volgens justitie over “immense personele en materiële middelen”. De politie nam voor tientallen miljoenen euro’s aan goederen in beslag, waaronder ook een vliegtuigje, meldden Italiaanse media.

De bende, die onder leiding stond van de eveneens opgepakte ‘capo’ Raffaele Imperial, stond volgens de politie in nauw contact met de Nederlandse onderwereld. Mogelijk kwam zij zo in het bezit van de twee Van Goghs. Volgens de Italiaanse minister van Cultuur toont de vondst weer eens aan dat criminelen kunst vaak gebruiken als onderling betaalmiddel.

Steun
“Ze zijn terecht!”, jubelde Axel Rüger, directeur van het Van Gogh Museum. “Dat ik dat ooit nog zou kunnen zeggen, daar durfde ik niet meer op te hopen.” De directeur, die in Napels is, gaat ervan uit dat hij kan rekenen op ‘de onvoorwaardelijke steun’ van de Italiaanse autoriteiten bij de terugkeer van de doeken.

Het schilderij Zeezicht bij Scheveningen is beschadigd. In de linkeronderhoek is de verf afgebroken. Het andere doek lijkt ongeschonden, afgezien van wat kleine beschadigingen aan de doekranden. Een restaurator moet kijken wat de precieze conditie is van de werken voordat ze kunnen worden gerestaureerd, aldus het museum.

‘Niet durven dromen’
Minister Jet Bussemaker van cultuur noemt de vondst van de kunstwerken fantastisch. “Niemand had eigenlijk durven dromen dat ze zomaar onverwachts tevoorschijn zouden komen.”

Volgens Bussemaker zullen ze ‘heel snel ‘ terugkeren naar Nederland. Wanneer is echter niet duidelijk, omdat de doeken mogelijk nog als bewijs moeten dienen in de rechtszaak tegen de maffiaclan. Bussemaker zei te verwachten dat de schilderijen na terugkeer wel weer snel te zien zullen zijn voor het publiek.

Veroordelingen
Voor de kunstroof zijn in 2005 twee mensen veroordeeld. Octave D. en Henk B. kregen in hoger beroep respectievelijk 3,5 jaar en drie jaar en twee maanden cel opgelegd. Ook werden de twee veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding van 350.000 euro aan het ministerie van OCW, de eigenaar van de schilderijen.

De straf viel in hoger beroep lager uit dan in eerste aanleg: toen werd het 4,5 en vier jaar cel. Het hof baseerde zich voor de veroordeling onder meer op DNA-sporen die bij het Van Gogh-museum werden gevonden, getuigenverklaringen en afgeluisterde telefoongesprekken.

De mannen ontkenden tijdens het proces stellig iets met de roof van de twee schilderijen te maken te hebben. Volgens hun advocaten waren de twee erin geluisd. Een pet en een muts waarin DNA-sporen werden gevonden zouden met opzet zijn achtergelaten door de werkelijke daders, om de autoriteiten op een dwaalspoor te brengen.

© ANP. Zeegezicht bij Scheveningen (1882) van Vincent van Gogh. ANP HANDOUTS VAN GOGH MUSEUM

Onschatbare historische waarde

De gestolen doeken van Van Gogh hebben een een waarde van vele miljoenen euro’s. Maar ook in kunsthistorisch opzicht zijn Zeegezicht bij Scheveningen en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen van onschatbare waarde.
Zeegezicht bij Scheveningen is het enige schilderij in de collectie van het Van Gogh Museum uit de periode die de schilder tussen 1881 en 1883 in Den Haag doorbracht. Het doek is één van slechts twee zeegezichten die hij in zijn Nederlandse jaren schilderde. Het geldt volgens het museum als “belangrijk voorbeeld van zijn vroegste schilderstijl waarin hij zich al heel eigenzinnig toonde”.

Het Uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen is van grote emotionele waarde omdat het volgens het museum een biografische lading heeft. Het gaat om een klein doek dat Van Gogh begin 1884 voor zijn moeder schilderde. Het toont de Nederlands Hervormde Kerk in de Brabantse plaats waar zijn vader als predikant aan verbonden was.
Na de dood van zijn vader, bewerkte de schilder het doek opnieuw en voegde er kerkgangers aan de voorgrond aan toe. Het gaat onder meer om vrouwen met omslagdoeken die gedragen werden in tijden van rouw. “Mogelijk is dit een verwijzing naar de dood van zijn vader”, zo stelt het museum.

Twee gestolen Van Goghs waren in handen van maffia

AD 30.09.2016 Twee schilderijen van Vincent van Gogh zijn na 14 jaar terecht weer terecht. De twee kunstwerken werden in 2002 gestolen uit het Van Gogh Museum in Amsterdam en kwamen in handen van een maffiabende in Napels.

Volgens minister Jet Bussemaker zullen de twee teruggevonden schilderijen van Van Gogh ‘heel snel’ terugkomen naar Nederland. Ze noemt de vondst fantastisch. ,,Niemand had eigenlijk durven dromen dat ze zomaar onverwachts tevoorschijn zouden komen.”

Het gaat om de doeken Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85). Volgens de conservator die de werken voor de Italiaanse justitie onderzocht zijn het de echte. Ze lijken in ‘redelijk goede conditie’. Wanneer de werken terugkomen naar Amsterdam is nog niet bekend.

De schilderijen zijn teruggevonden tijdens een groot onderzoek in Italië, uitgevoerd door een speciaal team dat onderzoek doet naar georganiseerde criminaliteit. De schilderijen waren in handen van een Italiaanse maffiabende. Het betreft leden van de clan Amato-Pagano, die zich bezighoudt met internationale drugshandel. Volgens de Italiaanse justitie gaat het om een van de ,,meest meedogenloze en actieve criminele organisaties van de camoristische maffiabendes” in de omgeving van Napels. Met de term Camorra wordt doorgaans de maffia in en rond de Italiaanse stad Napels aangeduid.

Stroomversnelling
Tijdens een persconferentie in Napels maakte het Openbaar Ministerie (OM) meer bekend over de achtergrond van de vondst. Die was onderdeel van een onderzoek dat erop was gericht om de activiteiten van de Napolitaanse clans te ontwrichten. Het onderzoek raakte in een stroomversnelling toen een opgepakt lid doorsloeg en de politie vertelde over de schilderijen en de vele andere bezittingen van de bende.

De Amato-Pagano beschikte volgens justitie over ,,immense personele en materiële middelen”. De politie nam voor tientallen miljoenen euro’s aan goederen in beslag, waaronder ook een vliegtuigje, meldden Italiaanse media.

De bende, die onder leiding stond van de eveneens opgepakte leider Raffaele Imperial, stond volgens de politie in nauw contact met de Nederlandse onderwereld. Mogelijk kwam zij zo in het bezit van de twee Van Goghs. Volgens de Italiaanse minister van Cultuur toont de vondst weer eens aan dat criminelen kunst vaak gebruiken als onderling betaalmiddel.

Lichte beschadigingen

Ze zijn terecht!, aldus Axel Rüger.

,,Ze zijn terecht!”, zegt Axel Rüger, directeur van het Van Gogh Museum. ,,Dat ik dat ooit nog zou kunnen zeggen, daar durfde ik niet meer op te hopen.”

De directeur, die op dit moment in Napels is, durfde na zoveel jaar niet meer te rekenen op een mogelijke terugkeer. Hij gaat ervan uit dat hij kan rekenen op ,,de onvoorwaardelijke steun” van de Italiaanse autoriteiten bij de terugkeer van de doeken.

Het schilderij Zeezicht bij Scheveningen is beschadigd. In de linkeronderhoek is de verf afgebroken. Het andere doek lijkt ongeschonden, afgezien van wat kleine beschadigingen aan de doekranden. Een restaurateur moet kijken wat de precieze conditie is van de werken voordat ze kunnen worden gerestaureerd, aldus het museum.

Twee veroordelingen roof

Telegraaf 30.09.2016 Voor de diefstal van de twee schilderijen van Vincent van Gogh die nu zijn teruggevonden, zijn in 2005 twee mensen veroordeeld. Octave D. en Henk B. kregen in hoger beroep respectievelijk 3,5 jaar en drie jaar en twee maanden cel opgelegd. Ook werden de twee veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding van 350.000 euro aan het ministerie van OCW, de eigenaar van de schilderijen.

De straf viel in hoger beroep lager uit dan in eerste aanleg: toen werd het 4,5 en vier jaar cel. Het hof baseerde zich voor de veroordeling onder meer op DNA-sporen die bij het Van Gogh-museum werden gevonden, getuigenverklaringen en afgeluisterde telefoongesprekken.

De mannen ontkenden tijdens het proces stellig iets met de roof van Zeezicht bij Scheveningen en Het Uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen te maken te hebben. Volgens hun advocaten waren de twee erin geluisd. Een pet en een muts waarin DNA-sporen werden gevonden zouden met opzet zijn achtergelaten door de werkelijke daders, om de autoriteiten op een dwaalspoor te brengen.

Twee gestolen schilderijen van Vincent van Gogh na veertien jaar terecht

NU 30.09.2016 Twee schilderijen van Vincent van Gogh die in 2002 werden gestolen uit het Van Gogh Museum, zijn terecht. Dat laat het museum vrijdag weten.

Het gaat om de twee doeken die in 2002 werden gestolen uit het Van Gogh Museum: Zeegezicht bij Scheveningen (1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen (1884/85). Later vrijdagochtend geeft de Italiaanse hoofdofficier van justitie in Napels uitleg op een persbijeenkomst.

De werken zijn teruggevonden tijdens een groot onderzoek in Italië, uitgevoerd door een speciaal team dat onderzoek doet naar georganiseerde criminaliteit.

Volgens de conservator die de werken voor de Italiaanse justitie onderzocht zijn het de echte. Ze lijken in ‘redelijk goede conditie’, al zijn ze niet meer voorzien van hun lijst. Wanneer de werken terugkomen naar Amsterdam is nog niet bekend.

Directeur

“Ze zijn terecht!”, zegt Axel Rüger, directeur van het Van Gogh Museum. “Dat ik dat ooit nog zou kunnen zeggen, daar durfde ik niet meer op te hopen.” De directeur, die in Napels is, durfde na zoveel jaar niet meer te rekenen op een mogelijke terugkeer. Hij gaat ervan uit dat hij kan rekenen op ”de onvoorwaardelijke steun” van de Italiaanse autoriteiten bij de terugkeer van de doeken.

Het schilderij Zeezicht bij Scheveningen is beschadigd. In de linkeronderhoek is de verf afgebroken. Het andere doek lijkt ongeschonden, afgezien van wat kleine beschadigingen aan de doekranden. Een restaurator moet kijken wat de precieze conditie is van de werken voordat ze kunnen worden gerestaureerd, aldus het museum.

Gestolen van Gogh schilderijen na veertien jaar teruggevonden in Italië

Historische waarde

De doeken hebben een een waarde van vele miljoenen euro’s. Maar ook in kunsthistorisch opzicht zijn de schilderijen van onschatbare waarde.

Zeegezicht bij Scheveningen is het enige schilderij in de collectie van het Van Gogh Museum uit de periode die de schilder tussen 1881 en 1883 in Den Haag doorbracht. Het doek is één van slechts twee zeegezichten die hij in zijn Nederlandse jaren schilderde. Het geldt volgens het museum als “belangrijk voorbeeld van zijn vroegste schilderstijl waarin hij zich al heel eigenzinnig toonde”.

Het Uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen is van grote emotionele waarde omdat het volgens het museum een biografische lading heeft. Het gaat om een klein doek dat Van Gogh begin 1884 voor zijn moeder schilderde. Het toont de Nederlands Hervormde Kerk in de Brabantse plaats waar zijn vader als predikant aan verbonden was.

Na de dood van zijn vader, bewerkte de schilder het doek opnieuw en voegde er kerkgangers aan de voorgrond aan toe. Het gaat onder meer om vrouwen met omslagdoeken die gedragen werden in tijden van rouw. “Mogelijk is dit een verwijzing naar de dood van zijn vader”, zo stelt het museum.

Veroordelingen

Voor de diefstal van de schilderijen zijn in 2005 twee mensen veroordeeld. Octave D. en Henk B. kregen in hoger beroep respectievelijk 3,5 jaar en drie jaar en twee maanden cel opgelegd. Ook werden de twee veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding van 350.000 euro aan het ministerie van OCW, de eigenaar van de schilderijen.

De straf viel in hoger beroep lager uit dan in eerste aanleg: toen werd het 4,5 en vier jaar cel. Het hof baseerde zich voor de veroordeling onder meer op DNA-sporen die bij het Van Gogh-museum werden gevonden, getuigenverklaringen en afgeluisterde telefoongesprekken.

De mannen ontkenden tijdens het proces stellig iets met de roof van de schilderijen te maken te hebben. Volgens hun advocaten waren de twee erin geluisd. Een pet en een muts waarin DNA-sporen werden gevonden zouden met opzet zijn achtergelaten door de werkelijke daders, om de autoriteiten op een dwaalspoor te brengen.

Lees meer over: Vincent van Gogh

Gestolen Van Goghs na 14 jaar terecht

Telegraaf 30.09.2016 De Van Goghs Zeegezicht bij Scheveningen(1882) en Het uitgaan van de Hervormde Kerk te Nuenen(1884/85) zijn na 14 jaar teruggevonden nadat ze waren gestolen. De schilderijen werden in 2002 gestolen uit het Van Gogh Museum in Amsterdam. Het Napolitaanse OM zal het nieuws later vandaag tijdens een persconferentie bekendmaken.

De gestolen schilderijen werden teruggevonden tijdens een grootscheeps, lopend onderzoek in opdracht van het Italiaans Openbaar Ministerie, uitgevoerd door een specialistisch team van de Guardia di Finanza, het team dat onderzoek doet naar georganiseerde criminaliteit.

De doeken zijn gevonden in een onopvallende, anonieme opslagruimte in Castellammare di Stabia, vlakbij Napels, in bezit van een maffiabaas van een internationale drugsbende. Het OM wist al jaren dat een criminele clan van de Napolitaanse camorra achter de diefstal zat. Het probleem was om er achter te komen waar de schilderijen waren verborgen en gezocht moesten worden.

,,Ze zijn terecht!”, zegt Axel Rüger, directeur van het Van Gogh Museum. ,,Dat ik dat ooit nog zou kunnen zeggen, daar durfde ik niet meer op te hopen.” De directeur, die in Napels is, durfde na zoveel jaar niet meer te rekenen op een mogelijke terugkeer. Hij gaat ervan uit dat hij kan rekenen op ,,de onvoorwaardelijke steun” van de Italiaanse autoriteiten bij de terugkeer van de doeken. Zeegezicht bij Scheveningen is het eerste werk van Van Gogh, het andere maakte hij voor zijn moeder.

Volgens de conservator die de werken voor de Italiaanse justitie onderzocht zijn het de echte. Ze lijken in ’redelijk goede conditie’, al zijn ze niet meer voorzien van hun lijst. Wanneer de werken terugkomen naar Amsterdam is nog niet bekend. Het schilderij Zeezicht bij Scheveningen is beschadigd. In de linkeronderhoek is de verf afgebroken. Het andere doek lijkt ongeschonden, afgezien van wat kleine beschadigingen aan de doekranden. Een restaurator moet kijken wat de precieze conditie is van de werken voordat ze kunnen worden gerestaureerd, aldus het museum.

Wanneer de werken terugkomen naar Amsterdam is nog niet bekend. Voordat de schilderijen terug kunnen naar Nederland, moet eerst de strafzaak worden behandeld waarin ze als bewijslast worden opgevoerd. Het onderzoek voor dit proces is echter nog niet afgerond.

De schilderijen werden in de vroege ochtend van 7 december 2002 gestolen uit het Amsterdamse museum. Voor diefstal zijn twee Nederlanders berecht, maar ze hebben altijd ontkend dat ze er iets mee te maken hadden. De doeken waren sindsdien spoorloos. Een half jaar na de roof van de twee doeken loofde het Van Gogh Museum in Amsterdam nog een beloning uit van 100.000 euro voor de gouden tip. De werken werden op 7 december 2002 ontvreemd. De schilderijen hadden destijds een gezamenlijke waarde van enkele miljoenen euro’s. Ze waren niet verzekerd omdat ze bezit zijn van het Rijk.

In 1991 werden twintig schilderijen geroofd uit het Van Gogh Museum maar deze werden, enkele uren na de diefstal, teruggevonden in de auto van een van de bewakers.

Roofkunst Scheringa Museum weer terug juli 27, 2016

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , , , ,
add a comment

Schilderijen roof Scheringa Museum terug

Het gaat om Adolescence van Salvador Dalí en La Musicienne van Tamara de Lempicka.

In 2015 kwam Arthur Brand een criminele organisatie op het spoor die de schilderijen als onderpand had gekregen bij een transactie. Dat spoor liep dood, maar acht maanden geleden kwam hij in contact met een Nederlander van Italiaanse afkomst. Hij zei te werken voor een bende die de geroofde werken in bezit had en gratis wilde teruggeven. Na een reeks ontmoetingen kreeg Brand de schilderijen uiteindelijk in handen.

Cultuurblog – Topstukken kunstroof Scheringa Museum weer terug

VK 27.07.2016 Twee topstukken die in 2009 werden gestolen uit het toenmalige Scheringa Museum gaan terug naar de rechtmatige eigenaar. Kunstroofjager Arthur Brand laat woensdag op Twitter weten dat hij ze heeft teruggevonden. Het gaat om Adolescence van Salvador Dalí en La Musicienne van Tamara de Lempicka.

In 2015 kwam Brand een criminele organisatie op het spoor die de schilderijen als onderpand had gekregen bij een transactie. Dat spoor liep dood, maar acht maanden geleden kwam Brand in contact met een Nederlander van Italiaanse afkomst. Hij zei te werken voor een bende die de geroofde werken in bezit had en gratis wilde teruggeven. Na een reeks ontmoetingen kreeg Brand de schilderijen in handen.

Brand denkt dat de doeken sinds de diefstal zeker tien keer van eigenaar zijn gewisseld. ‘In de acht à tien maanden dat ik er achteraan zat is het al drie keer gebeurd’, aldus Brand, die ook liet weten dat de schilderijen nog in goede staat zijn. Deze zijn inmiddels overgedragen aan een onderzoeker van het Britse Scotland Yard, die in contact staat met de eigenaar.

De schilderijen werden op 1 mei 2009 op klaarlichte dag uit het Scheringa Museum gestolen. De gewapende overvallers bedreigden de receptioniste en bewaking, waarna zij vervolgens recht op hun doel afliepen. Tot vorig jaar ontbrak elk spoor van de kunstwerken. Zelfs een tijdelijke beloning van een kwart miljoen euro voor het terugbrengen ervan leverde niks op.

Gestolen topstukken Scheringa Museum na zeven jaar terug

NU 27.07.2016 Twee topstukken die werden gestolen uit het Scheringa Museum zijn terug. Het gaat om doeken van Dalí en De Lempicka, die in 2009 uit het museum in Spanbroek werden gestolen. Daarover schrijft De Telegraaf.

Bij de roof op 1 mei 2009 werden door onbekenden de twee kostbaarste schilderijen uit het museum gestolen: Adolescence van Salvador Dalí en La Musicienne van Tamara de Lempicka.

Het politie-onderzoek leverde niks op, ondanks een kwart miljoen euro als beloning en aandacht in Opsporing Verzocht. Er werd gevreesd dat de doeken waren vernietigd.

Kunst-detective Arthur Brand heeft de doeken uiteindelijk kunnen terughalen. Acht maanden geleden kwam hij in contact met een Nederlander van Italiaanse komaf. Deze man wierp zich op als tussenpersoon voor een bende die de stukken in bezit had en wilde retourneren.

De misdaadgroep had de stukken via-via in handen gekregen en wist niet dat ze van roof afkomstig waren. Volgens Brand zijn de werken sinds de diefstal wel tien keer van eigenaar gewisseld: “In de acht à tien maanden dat ik er achteraan zat is het al drie keer gebeurd.”

Tussenpersoon

Brand heeft de politie buiten het contact met de tussenpersoon gehouden, om te voorkomen dat de doeken alsnog vernietigd zouden worden.

Na een reeks ontmoetingen met de tussenpersoon, kreeg Brand twee weken geleden de Dalí terug. Afgelopen week volgde de De Lempicka. Beide schilderijen zijn nog in “verbluffende staat”, aldus Brand.

De stukken zijn overgedragen aan een speciale kunstafdeling van Scotland Yard voor verder onderzoek.

Volgens Brand komt slechts 5 procent van de gestolen kunst weer boven water.

Lees meer over: Scheringa Museum

Gestolen topstukken Scheringa Museum na zeven jaar terug

Vastgoedondernemer koopt Scheringa Museum

Scheringa Museum online geveild voor 947.500 euro

Voormalig Scheringa Museum per opbod verkocht

Opmeer wil kindcentrum in Scheringa Museum

Kunstcollectie Scheringa geveild

Collectie Scheringa Museum in boek

Aanhoudingen kunstroof Scheringa Museum

Streep door Scheringa Museum Opmeer

Museum Scheringa failliet verklaard

Voorwaardelijke steun voor redding Scheringa Museum

PvdA maakt reddingsplan Scheringa Museum

Scheringa Museum opent deuren gratis

Gehavend Scheringa Museum gratis toegankelijk 

Schilderijen geroofd in Scheringa Museum

Laad meer artikelen 

Meesterzet met roofkunst

Telegraaf 27.07.2016 Tijdens een hondsbrutale roof drongen gewapende en gemaskerde overvallers op vrijdag 1 mei 2009 rond het middaguur het toenmalige Scheringa Museum in Spanbroek binnen. De circa twintig bezoekers en personeelsleden van het museum stonden doodsangsten uit. De gangsters zwaaiden met vuurwapens en schreeuwden tegen hun slachtoffers dat ze op de grond moesten gaan liggen.

„De overval was professioneel en goed voorbereid”, kijkt art-detective Arthur Brand van onderzoeksbureau Artiaz terug. „Doelgericht en razendsnel haalden de kunstdieven de twee kostbaarste schilderijen van de muur.” Met hun buit, de meesterwerken Adolescence van Dalí en La musicienne van De Lempicka, sloegen de misdadigers een paar minuten later in een zwarte VW Golf op de vlucht.

Het politieonderzoek naar de kunstroof had weinig succes, ondanks een beloning van een kwart miljoen euro en oproepen in Opsporing verzocht. Een jaar na de museumoverval en de ondergang van Dirk Scheringa’s DSB Bank, sloeg de recherche twee Brabanders in de boeien. Het duo kwam weer vrij bij gebrek aan bewijs.

Lees hier verder.

GERELATEERDE ARTIKELEN;

Teruggave Roofkunst aan Griekenland juli 13, 2016

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , , , , , ,
add a comment

Roofkunst

Griekenland probeert de Elgin Marbles al tientallen jaren tevergeefs terug te krijgen. De Grieken willen de wereldberoemde stukken tentoonstellen in het Akropolis Museum in Athene, waar zich nu de rest van de marmeren friezen en andere beeldbouwwerken bevinden.

Velen zien de actie van Lord Elgin destijds als kunstroof.

Akropolis Museum

Griekenland is niet langer van plan Groot-Brittannië voor de rechter te dagen om de fameuze Elgin Marbles, een verzameling marmeren beelden uit het Parthenon, terug te krijgen.

Het land wil de langslepende kwestie oplossen ”via diplomatieke en politieke weg”, zo heeft de Griekse minister van Cultuur Nikos Xydakis donderdag gezegd.

Het marmer werd ruim tweehonderd jaar geleden door de Britse lord Elgin naar Engeland meegenomen. Toen hij geldproblemen kreeg verkocht hij in 1816 de kunstwerken aan de Britse regering, die ze sindsdien tentoonstelt in het British Museum.

zie ook: Elgin Marbles – Conflict Griekenland

De Elgin Marbles moeten terug naar huis

De Elgin Marbles – Leonard Victor Rutgers

Moeten de Parthenon Marbles terug naar Griekenland?

Actie Britse politici teruggave Elgin Marbles

Ruzie over Elgin Marbles speelt weer op

Elgin marbles: Grieken zien af van rechtszaak

Grieken zien af van rechtzaak rond ‘Elgin Marbles’

Grieken praten over teruggave delen Elgin Marbles

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende

Britse politici komen in actie voor teruggave Griekse sculpturen

NU 12.07.2016 Een groep Britse Lagerhuisleden doet een poging de Elgin Marbles, een verzameling marmeren beeldhouwwerken uit het Parthenon in Athene, terug te geven aan Griekenland.

Ze hebben een voorstel daartoe in de maak en zullen dat binnenkort voorleggen aan het parlement, aldus Britse media dinsdag.

De sculpturen, ongeveer de helft van wat zich in het Parthenon bevond, werden ruim tweehonderd jaar geleden naar Engeland meegenomen door Lord Elgin.

Vanwege geldproblemen verkocht hij de kunstwerken in 1816 aan de Britse regering, die ze sindsdien tentoonstelt in het British Museum. De Lagerhuisleden, van diverse partijen, grijpen het jubileum van twee eeuwen aan om hun voorstel in te dienen.

Akropolis Museum

Griekenland probeert de Elgin Marbles al tientallen jaren tevergeefs terug te krijgen. De Grieken willen de wereldberoemde stukken tentoonstellen in het Akropolis Museum in Athene, waar zich nu de rest van de marmeren friezen en andere beeldbouwwerken bevinden.

Velen zien de actie van Lord Elgin destijds als kunstroof.

Lees meer over: Griekenland Parthenon Elgin Marbles

Teruggave Elgin Marbles

Telegraaf 12.07.2016 Een groep Britse Lagerhuisleden doet een poging de Elgin Marbles, een verzameling marmeren beeldhouwwerken uit het Parthenon in Athene, terug te geven aan Griekenland. Ze hebben een voorstel daartoe in de maak en zullen dat binnenkort voorleggen aan het parlement, aldus Britse media dinsdag.

De sculpturen, ongeveer de helft van wat zich in het Parthenon bevond, werden ruim tweehonderd jaar geleden naar Engeland meegenomen door Lord Elgin. Vanwege geldproblemen verkocht hij de kunstwerken in 1816 aan de Britse regering, die ze sindsdien tentoonstelt in het British Museum. De Lagerhuisleden, van diverse partijen, grijpen het jubileum van twee eeuwen aan om hun voorstel in te dienen.

Griekenland probeert de Elgin Marbles al tientallen jaren tevergeefs terug te krijgen. De Grieken willen de wereldberoemde stukken tentoonstellen in het Akropolis Museum in Athene, waar zich nu de rest van de marmeren friezen en andere beeldbouwwerken bevinden. Velen zien de actie van Lord Elgin destijds als kunstroof.