jump to navigation

Nieuwsbrief Zeeheldenkwartier 22.10.2018 oktober 22, 2018

Posted by jandewandelaar in Uncategorized, zeeheldenkwartier.
Tags: ,
add a comment
Is deze e-mail niet goed leesbaar? Klik hier voor de webversie.
sNpaxhW89Q_600.jpg
Interview stagiaire

gangVan 3 september tot 20 december hebben we 3 stagiaires. Lola, Floor en Melike van het Grafisch Lyceum Rotterdam. Aangezien we hier nieuw zijn, willen we ons even in de spotlight zetten. De volgende vragen zijn gesteld,
Wie ben je en waar kom je vandaan?
Wat is je opleiding?
Waarom loop je hier stage/ hoe ben je op deze stage gekomen?
Heb je het naar je zin?
Wat is het leukste aan hier stagelopen?
Wat zijn je taken als stagiaire?
Ik heb deze vragen samen gevoegd tot een kort verhaaltje om de nieuwe stagiaires te leren kennen.

Melike:

Mijn naam is Melike. En ik kom uit Albasserdam, dit ligt in Zuid-Holland. Ik studeer op het Grafisch Lyceum Rotterdam, daar doe ik de opleiding Mediavormgeven. Met als specialiteit op deze opleiding doe ik Art & Design. Ik ben bij het Zeeheldentheater gekomen door een van mijn klasgenoten. Ik vertelde hen dat ik naast mediavormgeven mij graag bezig hield met decor bouw en fotografie. Zij vertelde mij dat het Zeeheldentheater dan iets voor mij zou zijn.
Ik heb het hier erg naar mijn zin, er is hier een erg fijne sfeer. Ik voel mij absoluut niet oncomfortabel en het voelt niet alsof ik een kantoorwerker ben. Het leukste aan hier stagelopen vind ik dat je ook je eigen ideeën kan geven en hier wordt serieus mee omgegaan. Dit geeft een heel goed gevoel. Als stagiaire heb ik verschillende taken. Ik creëer media-uitingen en hanteer deze ook. Ik mag hulp bieden uit eigen initiatief. Bij voorstellingen fotografeer ik en bewerk ik het mariaal. Veder werk ik mee aan het ontwikkelen van een voorstelling/project (decor enz.).

Lola:

Ik ben Lola en ik kom uit Den Haag. Ik zit ook op het Grafisch Lyceum Rotterdam en ik doe dezelfde opleiding als Melike, we zitten ook samen in de klas. Als kind kwam ik vaak bij het Zeeheldentheater met mijn basisschool. Een van mijn leraressen vertelde mij dat ze hier stagiaires aannemen en ik was meteen enthousiast.
Ik heb het hier zeker naar mijn zin, iedereen is erg vriendelijk en gezellig. Er is een erg prettige sfeer en ik voel mij erg op mijn gemak. Wat ik het leukste aan het Zeeheldentheater vind is zoals ik net zei de sfeer, maar ook dat er lekker veel te doen is, het is nooit saai. Natuurlijk is de lieve hond Mishka ook een groot pluspunt. Mijn taken bestaan vooral uit grafisch werk zoals, folders, flyers, poster en cd/ dvd-hoesjes ontwerpen. Verder fotograferen en filmen bij voorstellingen en af en toe helpen met het decor.

Floor:

Mijn naam is Floor en ik kom ook uit Den Haag en ik ben half Brits. Ook ik kom van het Grafisch Lyceum Rotterdam en doe Mediavormgeven. Alleen mijn specialisatie is Animatie. Ik had wat moeite met een stage vinden, maar toen vertelde Lola mij over het Zeeheldentheater. Ik herinnerde mij dat ik hier weleens heen ging als kind en ik was meteen fanatiek.
Het is hier erg gezellig en ik heb het zeker naar mijn zin. Iedereen is heel open en vriendelijk. Ook zit ik hier met een van mijn beste vrienden, Lola. Het leukste aan het Zeeheldentheater is dat ik veel verschillende dingen mag doen. Ik raak er vermoeid van te lang hetzelfde doen. Ook is de sfeer hier erg prettig. Daar bovenop zijn honden mijn favoriete dier, dus Mishka maakt mij erg blij. Mijn taken zijn meer gericht op sociaal media Ik moet de website en facebook bijhouden. Verder edit ik video’s en maak ik flyers. Ik ben ook verantwoordelijk voor de nieuwsbrief maken, ik schrijf en versier hem. Ten slotte moeten alle stagiaires elke dag even lunch halen, zodat we gezellig met z’n allen kunnen lunchen.

Speciale aandacht!

landsadvocaat
Het leven van Johan van Oldenbarnevelt (1547–1619)

Historisch-Theater van Michel Meissen
Hij was van eenvoudige afkomst, toch geloofde Willem van Oranje in
Johan van Oldenbarnevelt: tweede stichter van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
Dankzij hem werd Maurits stadhouder. Na een jarenlange samenwerking,
succesvol in de gewapende strijd tegen de katholieke Spaanse overheersing,
groeide rond 1600 een vertrouwensbreuk die fataal eindigde met
de publieke onthoofding van Van Oldenbarnevelt op het Binnenhof.
Het Historisch-Theater brengt Van Oldenbarnevelts gehele leven indringend over het voetlicht.
Een speelse rol is weggelegd voor ‘De Nederlandse Maagd’ als vertelster en symbool van nationale eenheid.
Acteurs:
Alex Otto
Dieuwertje van Geest
Lia van Alenburg
Caspar Delibes
Regie:                       Sylvia Lieferinck
Toneelscript:            Michel Meissen
Productie:                 Stichting Historisch-Theater
Reserveringen voor deze voorstellingen kunnen gedaan worden op http://www.historisch-theater.nl/agenda/agenda.php

Voorstellingen in oktober, ook vr 11 en za 12 januari en zo 9, vr 10 en zo 12 mei 2019

Agenda Zeeheldentheater oktober 2018

grand cafe
Evenementen in het Zeeheldentheater oktober 2018

Grand Café
Di 2 okt     14:30
Wo 3 okt   14:30
Di 9 okt     14:30
Wo 10 okt 14:30
Di 23 okt   14:30
Wo 24 okt 14:30
Di 30 okt   14:30
Wo 31 okt 14:30
Meer info

TANTRIC DANCE
Za 20 okt 19:30
Meer info

ECSTATIC DANCE
Za 6 okt 19:00
Meer info

3 B’s
Ma 15 okt 11:00
Ma 15 okt 13:00
Di 16 okt 11:00
Di 16 okt 13:00
Meer info

DE LANDSADVOCAAT
Zo 7 okt  16:00
Vr 12 okt 20:00
Zo 14 okt 16:00
Reserveren noodzakelijk
Meer info 

IK BEN ANDERS
Za 13 okt 20:00
Reserveren noodzakelijk
Meer info

AAP NOOT MIES
Do 25 okt 11:00
Meer info 

Het Zeeheldentheater

Voorstelling / Evenement:

Aap Noot Mies 

Grand café

3 B’s

Ecstatic Dance 

>> agenda

Cursus / Lessen:

Yoga

Volg ons:

YouTube Zeeheldentheater

Briza op Youtube

Tweet
Briza op Twitter

Like
Briza
Facebook

Like
Zeeheldentheater
Facebook

Deze e-mail is verstuurd aan spoorwijk@benik.nl.
Als u geen nieuwsbrief meer wilt ontvangen, kunt u zich hier afmelden.Zeeheldentheater
Trompstraat 342 Den Haag
Tel: 070 – 399 22 22
Website: www.zeeheldentheater.nl
E-mail: info@zeeheldentheater.nl
Advertenties

Roofkunst uit Nigeria oktober 20, 2018

Posted by jandewandelaar in museum, Nigeria, roofkunst.
Tags: ,
add a comment

Nigeriaanse cultuurhistorische schatten ter waarde van honderden miljoenen euro’s liggen nog altijd in westerse musea.

Tien Europese musea zitten vandaag in het Museum Volkenkunde in Leiden om tafel met Nigeriaanse autoriteiten. Ze praten over de uitleen van geroofde Nigeriaanse kunstwerken aan een museum in Benin City in Nigeria, dat nog gebouwd wordt, schrijft Trouw.

In Leiden onderhandelt het Afrikaanse land over terugkeer van zijn stukken.

De musea hebben samen meer dan duizend beelden in handen, beter bekend als de ‘Benin Bronzes’. De kunstwerken werden in 1897 tijdens een Britse strafexpeditie geroofd uit het paleis van de koning van het koninkrijk Benin, in het huidige Nigeria. Het Museum Volkenkunde bezit er zestig en musea in Londen en Berlijn hebben samen honderden stukken in hun bezit.

“Hoewel Nigeria een aantal stukken heeft teruggekocht, lijkt destijds het meeste meegenomen”, vertelt Evelien Campfens, onderzoeker aan de Universiteit Leiden. “Nigeriaanse autoriteiten vinden dat de werken onrechtmatig zijn geroofd en deel van hun culturele erfgoed zijn. Ze willen dat hun kinderen kunnen meegeven.”

Vorig jaar verklaarden de Europese musea dat ze in principe zouden meewerken aan het uitlenen van de geroofde kunst. “Ik geloof het pas als er een akkoord ligt”, zegt het Nigeriaanse delegatielid Folarin Shyllon.

Folarin Shyllon © Eric Brassem

Het Leidse Museum Volkenkunde bezit zestig ‘Benin Bronzes’

De hoogleraar recht aan de universiteit van Abuja is al sinds 2010 betrokken bij de slepende onderhandelingen over de meer dan duizend beelden in Europees bezit, tezamen bekend als de ‘Benin Bronzes’ Het Leidse Museum Volkenkunde bezit er zestig; musea in Londen en Berlijn hebben er elk honderden: alles geroofd bij een Britse strafexpeditie in 1897 uit het paleis van de koning van het Beninrijk, in het huidige Nigeria.

Nigeria vraagt al decennia om teruggave. De tijdgeest zit nu mee. In Europa zitten musea vaak in hun maag met hun ‘koloniale kunst’. Soms is de herkomst dubieus, soms knaagt het besef dat de landen van herkomst essentiële onderdelen van hun cultuurgeschiedenis missen. Voor de Benin Bronzes gaan beide overwegingen op.

Internationaal recht

De Franse president Macron baarde vorig jaar opzien met een verklaring: Afrikaans erfgoed uit Franse musea moest te zien zijn in Afrika, dat was zijn ‘topprioriteit’. Frankrijk, Duitsland en België hebben dit jaar functionarissen belast met deze problematiek. En het Londense Victoria and Albert Museum heeft in april Ethiopië aangeboden om kunstschatten die in 1868 werden geroofd uit het paleis van koning Tewodros II, op permanente basis uit te lenen.

Beeld van een koningin-moeder uit de zestiende eeuw. © AFP

Dat wil Nigeria ook wel, al is dat volgens Shyllon ‘tweede keuze’. “We streven naar teruggave, maar dat is niet realistisch.” Vorig jaar hebben de Europese musea zich gecommitteerd aan roulerende uitleenexposities in Nigeria. Alle details, ook over financiering, liggen nu in Leiden ter tafel. Hoewel vaststaat dat de objecten destijds zijn geroofd, biedt het internationaal recht Nigeria weinig kans. Nigeria moet onderhandelen met een dozijn musea uit Groot-Brittannië, Duitsland, Oostenrijk, Zweden en Nederland, die nationale wetten hebben om collecties te behouden, niet om ze te terug te geven. Het Museum Volkenkunde werkt wel aan een richtlijn om te ‘ontzamelen’.

Topstukken

De Benin Bronzes zijn zowel cultureel als in geld uitgedrukt schatten: topstukken zijn miljoenen waard, en de totale waarde van alle Benin Bronzes zou kunnen oplopen richting een miljard – ook daarom ligt de kwestie zo gevoelig.

De zorgen van westerse musea over uitleen kan Shyllon ook wel begrijpen. “Ja, er is corruptie in ons land. En veiligheid is een probleem: enkele jaren geleden konden rovers in een Nigeriaans museum hun slag slaan nadat ze de bewakers hadden getrakteerd op een blikje cola met slaapmiddel. En het Nationaal Museum in Lagos beschikt nog niet over bewakingscamera’s. Dat onderstreept het belang van goede opleidingen, en westerse betrokkenheid om aan hoge normen te voldoen.”

Nigeria houdt een plek vrij voor kunstschatten

Nigeria weet al waar het door het Westen geroofde museumstukken tentoon wil stellen, maar het geld ontbreekt nog.

Nu groeit er nog gras naast het paleis van de oba, de traditionele koning van het Edo-volk in het Nigeriaanse Benin City. Nigeria hoopt dat een hoogwaardig museum zal verrijzen op de plek waar de oba nu de koeien laat grazen die hij regelmatig bij wijze van eerbetoon cadeau krijgt.

Het museum moet stukken exposeren die behoren tot de ‘Benin Bronzes’: metalen beelden en reliëfs, maar ook ivoren voorwerpen in het bezit van Europese musea. Die willen ze wel uitlenen aan het nieuw te bouwen museum, zo is vorig jaar besloten op een vergadering in Cambridge. Eeuwenlang sierden de beelden het paleis van de koning van het Beninrijk, waarvan het grondgebied in het huidige Nigeria lag, totdat ze eind negentiende eeuw werden ­geroofd.

Koning oba Ewuare, nazaat van een dynastie die teruggaat tot de veertiende eeuw, heeft nu alleen nog een ceremoniële functie, in de deelstaat Edo. “Daar hebben de beelden hun grootste waarde, maar ook Nigerianen buiten de deelstaat zijn met dit erfgoed begaan”, zegt de ­Nigeriaanse onderhandelaar Folarin Shyllon. Hij vergadert vandaag in Leiden over het nieuwe museum en uitleen van stukken in Europees ­bezit. Tot de delegatie behoort ook een van de zonen van de koning, prins Gregory Akuenza.

De koning vroeg in 2007 al om ruimhartigheid en de terugkeer van enkele objecten, aldus Folarin Shyllon, onderhandelaar voor Nigeria

De beelden waar het om gaat vormden een soort nationaal archief. Ze werden vervaardigd door een speciaal gilde bij het aantreden van een nieuwe koning. Daaraan kwam een eind in 1897. De toenmalige oba verzette zich tegen de ‘vrijhandel’ in zijn rijk die de Britten eisten. De Britten versloegen de koninklijke troepen, wrikten alle beelden los, brandden het paleis plat, en verbanden de koning. Drie- tot vierduizend stukken ‘oorlogsbuit’ belandden in collecties over de hele wereld.

Nigeria kocht er daarvan enkele tientallen terug, maar stuitte verder op onwil. “In 1977 organiseerde ­Nigeria een pan-Afrikaanse culturele manifestatie, met als embleem het ivoren masker van koningin Idia, dat het British Museum bezit”, vertelt Shyllon. “Eerst moest Nigeria 2 miljoen pond onderpand betalen. Daarna besloot het British Museum dat het masker toch te kwetsbaar was om te vervoeren.”

In 2007 vond in Wenen een grote expositie plaats van Benin Bronzes uit diverse Europese collecties. Shyllon: “Daar vroeg de oba om ruimhartigheid en de terugkeer van enkele objecten naar Nigeria.” De tentoonstelling reisde naar Berlijn, Parijs en Chicago, maar niet naar Nigeria.

Vandaar: een museum in Nigeria. De plek is bekend. Maar waar het geld vandaan moet komen, is vandaag een van de punten van debat in Leiden.

Lees ook:

Musea, geef die koloniale kunst terug

Kunstschatten in westerse musea zijn vaak door roof verworven. Ze horen thuis in de ‘bronlanden’, zegt Jos van Beurden, ook al hebben de musea zo hun bedenkingen tegen teruggave.

De jacht op roofkunst

Al twintig jaar leidt Rudi Ekkart de zoektocht naar de rechtmatige eigenaren van roofkunst uit de oorlog. Van stoppen wil hij niet weten. De herkomst van zeker honderd objecten is nog steeds niet bekend. Hier leest u het verhaal en ziet u de beelden.

Dossier Koloniale Roofkunst NRC

Musea onderhandelen in Leiden over roofkunst uit Nigeria

NOS 19.10.2018 Tien Europese musea zitten vandaag in het Museum Volkenkunde in Leiden om tafel met Nigeriaanse autoriteiten. Ze praten over de uitleen van geroofde Nigeriaanse kunstwerken aan een museum in Benin City in Nigeria, dat nog gebouwd wordt, schrijft Trouw.

De musea hebben samen meer dan duizend beelden in handen, beter bekend als de ‘Benin Bronzes’. De kunstwerken werden in 1897 tijdens een Britse strafexpeditie geroofd uit het paleis van de koning van het koninkrijk Benin, in het huidige Nigeria. Het Museum Volkenkunde bezit er zestig en musea in Londen en Berlijn hebben samen honderden stukken in hun bezit.

“Hoewel Nigeria een aantal stukken heeft teruggekocht, lijkt destijds het meeste meegenomen”, vertelt Evelien Campfens, onderzoeker aan de Universiteit Leiden. “Nigeriaanse autoriteiten vinden dat de werken onrechtmatig zijn geroofd en deel van hun culturele erfgoed zijn. Ze willen dat hun kinderen kunnen meegeven.”

Het Afrikaanse land vraagt al decennia om teruggave. Vorig jaar beloofden Europese musea mee te werken aan het uitlenen van de geroofde kunst.

Dubieuze herkomst

Europese musea blijken vaker in hun maag te zitten met koloniale stukken in hun collecties. De herkomst is soms dubieus en het besef knaagt dat de landen van herkomst soms essentiële onderdelen van hun cultuurgeschiedenis missen.

De plunderingen werden destijds als gerechtvaardigd gezien, aldus Evelien Campfens

Wie juridisch gezien recht heeft op de werken, is dan ook gecompliceerd, zegt Campfens. “Het ligt eraan vanuit welk recht je het bekijkt. Voor veel Afrikaanse volkeren is dit soort kunst collectief bezit van de gemeenschap. Het had vaak een rituele betekenis en is daarom onvervreemdbaar.” Daar tegenover stond het koloniale recht: de westerse principes die golden ten tijde van de roof. “Afrikaanse volkeren werden niet als ‘geciviliseerd’ beschouwd en het plunderen werd als gerechtvaardigd gezien.”

Dat is inmiddels achterhaald, maar ook de volgens de huidige internationale verdragen hoeven de kunststukken niet worden teruggegeven. De Nigeriaanse kunstroof vond plaats voordat die verdragen in werking traden. “Onder dat recht zouden de huidige claims dus verjaard zijn”, vertelt Campfens.

Nieuwe positie

“Maar het recht is in ontwikkeling, vervolgt ze. “Kunstvoorwerpen hebben al heel lang een beschermde positie onder internationaal recht. En sinds de jaren 70 wordt aangedrongen op teruggave van een deel van de roofkunst.”

President Macron kondigde vorig jaar teruggave aan van Afrikaanse kunst, en hij benadrukte dat Afrikanen recht hebben op hun eigen erfgoed. “Dan draait het dus niet om eigendom of de roof, maar om de belangen van mensen nu”, zegt Campfens. “Het gaat erom dat iedereen toegang moet krijgen tot zijn cultureel erfgoed. Kunst heeft een sociale functie, wordt benadrukt, die belangrijk is voor de ontwikkeling en sociale cohesie van een land.”

Blikje cola

De Benin Bronzes zijn miljoenen waard en van groot kunsthistorisch belang. Sommige westerse musea vrezen dat Nigeria niet in staat is om werk van zulke hoge waarde te conserveren. Zo werd een Nigeriaans museum leeggeroofd nadat de dieven de bewakers een blikje cola met slaapmiddel hadden gegeven.

“De uitspraak of het veilig genoeg is om de werken aan het Nigeriaanse museum uit te lenen, kan ik niet doen”, zegt Campfens. “In 2002 gaven verschillende westerse musea een verklaring af waarin ze zeiden: koloniale voorwerpen zijn het beste af bij ons, omdat wij er beter voor kunnen zorgen. Maar normen zijn in ontwikkeling, en musea zoeken dan ook naar constructieve oplossingen.”

Folarin Shyllon, die sinds 2010 is betrokken bij onderhandelingen, zegt dat hij pas gelooft dat de stukken naar Benin City komen als er een akkoord ligt. De uitleen is volgens de hoogleraar Rechten aan de universiteit in Abuja wel “tweede keuze”. “We streven naar teruggave, maar dat is niet realistisch.”

De gesprekken van vandaag liggen volgens de krant zo gevoelig dat het museum in Leiden er pas na afloop iets over wil zeggen.

Vergunning voor de bouw van de kathedraal van Gaudí de Sagrada Familia in Barcelona oktober 18, 2018

Posted by jandewandelaar in Sagrada Familia.
Tags: , , , ,
add a comment

Er wordt al 133 jaar gebouwd aan de kathedraal van Gaudí in Barcelona.

De beroemdste kerk in aanbouw, de Sagrada Familia in Barcelona, heeft na meer dan 130 jaar bouwen daar ook eindelijk toestemming van de gemeente voor.

Over het akkoord is volgens de Spaanse krant El País twee jaar lang onderhandeld in tweewekelijkse vergaderingen. Het bestuur van de Sagrada Familia betaalt de komende tien jaar in totaal 36 miljoen euro aan de stad, om te delen in de inkomsten van de belangrijkste toeristische trekpleister van Barcelona. Het geld wordt gebruikt voor verbetering van het openbaar vervoer en herontwikkeling van de straten rondom de kathedraal.

Volgens de jongste plannen moet de kerk in 2026 af zijn.

Zie ook: Sagrada Familia van Gaudi binnen 15 jaar klaar

Zie ook: Sagrada Familia van Gaudi is bijna klaar

Eindelijk bouwvergunning voor Sagrada Familia

NOS 18.10.2018 Na 133 jaar komt er eindelijk een officiële bouwvergunning voor de Sagrada Familia, de kathedraal naar het ontwerp van Antoni Gaudí in Barcelona. Het kerkbestuur en de gemeente hebben daarover overeenstemming bereikt. Burgemeester Colau spreekt van een “historische dag”.

Over het akkoord is volgens de Spaanse krant El País twee jaar lang onderhandeld in tweewekelijkse vergaderingen. Het bestuur van de Sagrada Familia betaalt de komende tien jaar in totaal 36 miljoen euro aan de stad, om te delen in de inkomsten van de belangrijkste toeristische trekpleister van Barcelona. Het geld wordt gebruikt voor verbetering van het openbaar vervoer en herontwikkeling van de straten rondom de kathedraal.

De eerste steen voor de Sagrada Familia werd in 1882 gelegd. Volgens de huidige planning moet de bouw in 2026 zijn afgerond. Jaarlijks trekt de kerk 4,5 miljoen bezoekers, die zorgen voor een opbrengst van 50 miljoen euro.

Huizenblok

In de bouwvergunning zijn nog geen afspraken gemaakt over de trap die moet leiden naar de ‘Gevel van de Glorie’, een van de drie ingangen van de kathedraal. Die trap is opgenomen in het ontwerp van Gaudí, maar tot nu toe nog niet gebouwd, omdat er op die plek een huizenblok staat. Voor het bouwen van de trap zullen die huizen moeten worden gesloopt.

Geen enkele gemeentelijke overheid heeft zich hier tot nu toe aan willen wagen omdat onteigening een fortuin kost. Een speciale commissie gaat zich nu over deze kwestie buigen.

Bekijk ook;

Projectleider: Sagrada Familia in 2026 écht klaar

Sagrada Familia krijgt na 130 jaar bouwen een bouwvergunning

Telegraaf 18.10.2018 De beroemdste kerk in aanbouw, de Sagrada Familia in Barcelona, heeft na meer dan 130 jaar bouwen daar ook toestemming van de gemeente voor. Burgemeester Ada Colau van de stad heeft met de kerk een akkoord gesloten dat de bouw van het architectonisch uitzonderlijke bouwwerk regulariseert. Ze sprak donderdag van een historische dag voor Barcelona.

De kerk betaalt voor de vergunning over de komende tien jaar verspreid 36 miljoen euro aan de gemeente. Dat geld gaat naar verbetering van het openbaar vervoer rond de basiliek, die is ontworpen door Antoni Gaudí (1852-1926). De eerste steen werd in 1882 gelegd. Volgens de jongste plannen moet de kerk in 2026 af zijn.

Bekijk meer van; Barcelona sagrada familia

Sagrada Familia in Barcelona krijgt na 130 jaar bouwvergunning

NU 18.10.2018 De beroemdste kerk in aanbouw, de Sagrada Familia in Barcelona, heeft na meer dan 130 jaar bouwen daar ook toestemming van de gemeente voor.

Burgemeester Ada Colau van de stad heeft met de kerk een akkoord gesloten dat de bouw van het architectonisch uitzonderlijke bouwwerk regulariseert. Ze sprak donderdag van een historische dag voor Barcelona.

De kerk betaalt voor de vergunning over de komende tien jaar verspreid 36 miljoen euro aan de gemeente. Dat geld gaat naar verbetering van het openbaar vervoer rond de basiliek, die is ontworpen door Antoni Gaudí (1852-1926).

De eerste steen werd in 1882 gelegd. Volgens de jongste plannen moet de kerk in 2026 af zijn. Het bouwen duurt zo lang doordat de financiering van de kerk uitsluitend uit donaties mag bestaan. Vanaf de jaren tachtig mag de kerk ook entree vragen, waardoor de bouw veel sneller gaat.

Waren eerst slechts twee mensen aan de Sagrada Familia aan het werken, zijn dat er tegenwoordig al ruim honderd.

Lees meer over: Spanje Barcelona

Resultaat onderzoek commissie-Ekkart – Roofkunst 2e wereldoorlog oktober 10, 2018

Posted by jandewandelaar in commissie-Ekkart, roofkunst, wo2.
Tags: , , , , ,
add a comment

De Emmaüsgangers wordt ingepakt, ca. augustus 1939. Geheel rechts Dirk Hannema. © Museum Boijmans VanBeuningen, Rotterdam.

Resultaat onderzoek roofkunst in Nederland

De Nederlandse musea hebben 170 kunstvoorwerpen in bezit die mogelijk voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn geroofd van Joodse eigenaren. Dat is de uitkomst van jarenlang onderzoek dat musea in hun collecties hebben gedaan. Vrijwel alle musea zijn daar nu mee klaar, alleen het Rijksmuseum heeft meer tijd nodig, meldt Trouw.

Het gaat om schilderijen, tekeningen, sculpturen en andere kunstobjecten die mogelijk door de nazi’s zijn geroofd. De werken bestaan soms uit meerdere stukken, waardoor het volgens de krant om honderden voorwerpen gaat. Op de website Museale Verwervingen vanaf 1933 staat een overzicht van alle objecten.

Salomé met het hoofd van Johannes de Doper van Jan Adam Kruseman in het Rijksmuseum is een van de kunstwerken waarvan de herkomst twijfelachtig is. Op de website staat dat het onduidelijk is wie dit schilderij heeft ingebracht bij een Amsterdamse veiling in 1943.

Een woordvoerder van de organisatie die sinds 2009 herkomstonderzoek doet bij Nederlandse musea zegt in een reactie dat dat onderzoek nog loopt.

Na jaren onderzoek is duidelijk welke kunstvoorwerpen waarschijnlijk voor en tijdens de oorlog van Joden zijn gestolen.

42 musea hebben voorwerpen met een dergelijke onduidelijke herkomst, staat in de inventarisatie op de website van het project Museale Verwervingen vanaf 1933. Het gaat onder meer om het werk Salomé met het hoofd van Johannes de Doper van de schilder Jan Adam Kruseman, dat in het Rijksmuseum in Amsterdam hangt.

De inventarisatie heeft tot doel de oorspronkelijke eigenaren te vinden en het werk terug te geven. De betrokken musea, die kunst afkomstig uit de Tweede Wereldoorlog in bezit hebben, onderzochten de afgelopen tien jaar of die kunst roofkunst zou kunnen zijn. De meeste musea hebben dat onderzoek nu afgerond, alleen het Rijksmuseum heeft meer tijd nodig vanwege de omvang van de collectie.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog roofden de nazi’s in Europa op grote schaal kunst. In Nederland werden duizenden schilderijen, tekeningen en andere kunstvoorwerpen geroofd of voor een te lage prijs gekocht. Ook is er door Joden veel kunst achtergelaten, toen zij tijdens de oorlog op de vlucht sloegen.

In 1997 startte de commissie-Ekkart onderzoek naar het kunstbezit van de Nederlandse Staat. Een jaar later zijn musea begonnen met onderzoek naar hun eigen collecties.

Sinds 2002 zijn inmiddels zo’n 460 kunstwerken teruggegeven !!

In 42 Nederlandse musea hangt mogelijk van Joden geroofde kunst !!

Gemeentemuseum Den Haag, Museum De Lakenhal en Museum Prinsenhof bezitten mogelijk kunstvoorwerpen die zijn geroofd van Joden voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat blijkt volgens dagblad Trouw uit een inventarisatie van de website Museale Verwervingen vanaf 1933. Landelijk staat de teller op 170 kunstwerken die wellicht onder de noemer roofkunst kunnen vallen. De regionale musea bezitten er samen 25.

De Lakenhal in Leiden en Gemeentemuseum Den Haag zeggen open te staan voor erfgenamen die zich melden voor kunststukken. ‘We willen altijd de dialoog aangaan’, zegt Minke Schat van het Leidse museum.

Anne de Haij zegt dat Gemeentemuseum Den Haag open staat voor gespreken over de herkomst van kunstobjecten. De Prinsenhof kon woensdagmiddag nog geen reactie geven.

Er zijn verschillende redenen dat de kunstwerken een problematische herkomstgeschiedenis hebben. Zo kan het zijn dat het niet duidelijk is dat Joodse verzamelaars of handelaren het object op geheel vrijwillige wijze hebben verkocht of geschonken in de periode 1933 (jaar dat Hitler aan de macht kwam) tot 1945 (einde Tweede Wereldoorlog).

Ook de kunstwerken die de Nederlandse autoriteiten in beslag hebben genomen vlak na de bevrijding kunnen dubieus zijn. Dit was vaak bezit van oorlogsdelinquenten of door de Duitsers achtergelaten.

Bedenkelijke veilinghuizen in Duitsland en Oostenrijk

Daarnaast waren er verschillende twijfelachtige veilingshuizen in Duitsland en Oostenrijk gedurende het Nazi-regime. De ingebrachte kunstwerken daar bestonden herhaaldelijk uit verbeurd verklaarde goederen van Joden. Van verschillende handelaren en particulieren is daarnaast bekend dat ze in de jaren 1933-1945 vaker roofkunst hebben verhandeld.

Ook Nederlandse handelshuizen lieten zich niet onbetuigd. Een voorbeeld is het Haagse handelshuis Van Marle & Bignell dat vooral in 1942 en 1943 in beslag genomen Joodse inboedel op de markt bracht.

Ook waren er anonieme schenkingen aan musea in de jaren na 1945. Vooral schenkingen die kort na de oorlog plaatsvonden en waarvan de herkomst niet duidelijk is, krijgen het kenmerk problematische herkomst.

Dubieuze schilderijen in Delfts bezit

Aan de hand van drie voorbeelden is goed te zien hoe de kunsthandel tijdens de Tweede wereldoorlog eraan toeging. Zo heeft het Delftse museum Prinsenhof twee dubieuze schilderijen in het bezit. Het schilderij Allegorie op de gerechtelijke moord op Johan van Oldenbarneveldt is er daar één van.

De maker is niet bekend. Het schilderij kwam tijdens de Tweede Wereldoorlog in handen van het Haagse handelshuis Van Marle & Bignell. Hoe het daar terecht is gekomen, is onbeken.Het is daarnaast niet te herleiden hoe het in 1950 in het bezit van Prinsenhof kwam.

Het Leidse museum De Lakenhal heeft vier kunstwerken die wellicht onder roofkunst vallen. Eén daarvaan is een stilleven van Jacob van der Merck. De kunstenaar overleed in 1664 in de Sleutelstad. Zijn schilderij heeft sindsdien een groot gedeelte van West-Europa gezien.

In november 1935 kwam het schilderij aan bij handelshuis Mandelbaum & Kronthal uit Berlijn. Dit bedrijf was in juli van dat jaar ontdaan van alle niet-Arische invloeden. Onbekend is hoe het schilderij in het bezit kwam van het Duitse veilinghuis. Nadat het daar onder de hamer was gegaan, hing het schilderij in Stockholm en Amsterdam, totdat het vlak voor de oorlog in De Lakenhal terechtkwam.

Aanspraak erfenis

Het Gemeentemusem Den Haag heeft maar liefst negentien van de 170 bekende verdachte kunstwerken in zijn bezit. Eén daarvan is nu ook in het museum te zien. De rest staat in de depots. Het gaat daarbij om een object van aardewerk met de naam Albarello, dat het museum al sinds 1936 in bezit heeft. Het werd gekocht bij een veiling van Julius Böhler in München. Deze had hem uit de collectie van de joodse verzamelaar Margarete Oppenheim.

De familie Oppenheim woonde in de villa Oppenheim aan de Wannsee. Dat huis werd later bekend omdat de nationaalsocialisten er de Wannseeconferentie hielden. De weduwe Margarethe Oppenheim overleed in september 1935. De collectie werd in 1936 bij Julius Böhler in Berlijn geveild. Onduidelijk is of de erven Oppenheim ooit enige aanspraak op het tegoed van deze veiling hebben kunnen laten gelden.

Zie ook: Roofkunst 2e wo

De website met mogelijke roofkunstwerken; Website Museale Verwervingen vanaf 1933

Roofkunst voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog – Historiek

Roofkunst – Wikipedia

Doel · ‎Geschiedenis van de … · ‎Commissie en … · ‎Claims, restituties en …

Roofkunst uit de Tweede Wereldoorlog – De Dokwerker

Grootste kunstroof door de nazi’s in de Tweede Wereldoorlog …

Roofkunst uit Tweede Wereldoorlog eindelijk voor publiek | Buitenland …

Online zoeken naar roofkunst uit Tweede Wereldoorlog | NOS

Hoe zij hun in de Tweede Wereldoorlog geroofde kunst terugkregen …

Deze man jaagt al decennia op de roofkunst van de nazi’s, en weet …

Teruggave kunst Tweede Wereldoorlog – Rijksoverheid

Documentaire: de zoektocht naar roofkunst WO II – EenVandaag

Roofkunst 2e wereldoorlog

kunstroof tweede wereldoorlog film

gestolen kunst database

roofkunst deventer

register gestolen kunst

goudstikker collectie

kunst tweede wereldoorlog

roofkunst nazis

altaussee zoutmijn

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Volgende

Roofkunst: ook regionale musea hebben het misschien in bezit

OmroepWest 10.10.2018 Gemeentemuseum Den Haag, Museum De Lakenhal en Museum Prinsenhof bezitten mogelijk kunstvoorwerpen die zijn geroofd van Joden voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat blijkt volgens dagblad Trouw uit een inventarisatie van de website Museale Verwervingen vanaf 1933. Landelijk staat de teller op 170 kunstwerken die wellicht onder de noemer roofkunst kunnen vallen. De regionale musea bezitten er samen 25.

De Lakenhal in Leiden en Gemeentemuseum Den Haag zeggen open te staan voor erfgenamen die zich melden voor kunststukken. ‘We willen altijd de dialoog aangaan’, zegt Minke Schat van het Leidse museum. Anne de Haij zegt dat Gemeentemuseum Den Haag open staat voor gespreken over de herkomst van kunstobjecten. De Prinsenhof kon woensdagmiddag nog geen reactie geven.

Er zijn verschillende redenen dat de kunstwerken een problematische herkomstgeschiedenis hebben. Zo kan het zijn dat het niet duidelijk is dat Joodse verzamelaars of handelaren het object op geheel vrijwillige wijze hebben verkocht of geschonken in de periode 1933 (jaar dat Hitler aan de macht kwam) tot 1945 (einde Tweede Wereldoorlog). Ook de kunstwerken die de Nederlandse autoriteiten in beslag hebben genomen vlak na de bevrijding kunnen dubieus zijn. Dit was vaak bezit van oorlogsdelinquenten of door de Duitsers achtergelaten.

Bedenkelijke veilinghuizen in Duitsland en Oostenrijk

Daarnaast waren er verschillende twijfelachtige veilingshuizen in Duitsland en Oostenrijk gedurende het Nazi-regime. De ingebrachte kunstwerken daar bestonden herhaaldelijk uit verbeurd verklaarde goederen van Joden. Van verschillende handelaren en particulieren is daarnaast bekend dat ze in de jaren 1933-1945 vaker roofkunst hebben verhandeld. Ook Nederlandse handelshuizen lieten zich niet onbetuigd. Een voorbeeld is het Haagse handelshuis Van Marle & Bignell dat vooral in 1942 en 1943 in beslag genomen Joodse inboedel op de markt bracht.

Ook waren er anonieme schenkingen aan musea in de jaren na 1945. Vooral schenkingen die kort na de oorlog plaatsvonden en waarvan de herkomst niet duidelijk is, krijgen het kenmerk problematische herkomst.

Dubieuze schilderijen in Delfts bezit

Aan de hand van drie voorbeelden is goed te zien hoe de kunsthandel tijdens de Tweede wereldoorlog eraan toeging. Zo heeft het Delftse museum Prinsenhof twee dubieuze schilderijen in het bezit. Het schilderij Allegorie op de gerechtelijke moord op Johan van Oldenbarneveldt is er daar één van. De maker is niet bekend. Het schilderij kwam tijdens de Tweede Wereldoorlog in handen van het Haagse handelshuis Van Marle & Bignell. Hoe het daar terecht is gekomen, is onbeken.Het is daarnaast niet te herleiden hoe het in 1950 in het bezit van Prinsenhof kwam.

Het Leidse museum De Lakenhal heeft vier kunstwerken die wellicht onder roofkunst vallen. Eén daarvaan is een stilleven van Jacob van der Merck. De kunstenaar overleed in 1664 in de Sleutelstad. Zijn schilderij heeft sindsdien een groot gedeelte van West-Europa gezien. In november 1935 kwam het schilderij aan bij handelshuis Mandelbaum & Kronthal uit Berlijn. Dit bedrijf was in juli van dat jaar ontdaan van alle niet-Arische invloeden. Onbekend is hoe het schilderij in het bezit kwam van het Duitse veilinghuis. Nadat het daar onder de hamer was gegaan, hing het schilderij in Stockholm en Amsterdam, totdat het vlak voor de oorlog in De Lakenhal terechtkwam.

Aanspraak erfenis

Het Gemeentemusem Den Haag heeft maar liefst negentien van de 170 bekende verdachte kunstwerken in zijn bezit. Eén daarvan is nu ook in het museum te zien. De rest staat in de depots. Het gaat daarbij om een object van aardewerk met de naam Albarello, dat het museum al sinds 1936 in bezit heeft. Het werd gekocht bij een veiling van Julius Böhler in München. Deze had hem uit de collectie van de joodse verzamelaar Margarete Oppenheim.

De familie Oppenheim woonde in de villa Oppenheim aan de Wannsee. Dat huis werd later bekend omdat de nationaalsocialisten er de Wannseeconferentie hielden. De weduwe Margarethe Oppenheim overleed in september 1935. De collectie werd in 1936 bij Julius Böhler in Berlijn geveild. Onduidelijk is of de erven Oppenheim ooit enige aanspraak op het tegoed van deze veiling hebben kunnen laten gelden.

LEES OOK:

Meer over dit onderwerp: DELFT DEN HAAG LEIDEN LAKENHAL PRINSENHOF GEMEENTEMUSEUM KUNST TWEEDE WERELDOORLOG

‘Mogelijk honderden kunstwerken in Nederlandse musea geroofd van Joden’

NOS 10.10.2018 Er zijn 170 schilderijen, tekeningen, sculpturen en andere kunstobjecten die mogelijk door de nazi’s zijn geroofd, in kaart gebracht.

In 42 Nederlandse musea staan kunstwerken die mogelijk zijn gestolen van Joden voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat is de conclusie na jarenlang eigen onderzoek door musea, meldt Trouw.

Het gaat om 170 schilderijen, tekeningen, sculpturen en andere kunstobjecten die mogelijk door de nazi’s zijn geroofd. De werken bestaan soms uit meerdere stukken, waardoor het volgens de krant om honderden voorwerpen gaat. Op de website Museale Verwervingen vanaf 1933 staat een overzicht van alle objecten.

Salomé met het hoofd van Johannes de Doper van Jan Adam Kruseman in het Rijksmuseum is een van de kunstwerken waarvan de herkomst twijfelachtig is. Op de website staat dat het onduidelijk is wie dit schilderij heeft ingebracht bij een Amsterdamse veiling in 1943.

Een woordvoerder van de organisatie die sinds 2009 herkomstonderzoek doet bij Nederlandse musea zegt in een reactie dat dat onderzoek nog loopt.

De openbare inventarisatie is bedoeld om de gestolen kunst terug te geven aan de rechtmatige eigenaren.

De website met mogelijke roofkunstwerken; Website Museale Verwervingen vanaf 1933

Musea hebben 170 ’geroofde’ kunstwerken

Telegraaf 10.10.2018 Nederlandse musea hebben 170 kunstvoorwerpen in hun collecties die tussen 1933 en 1945 tijdens het naziregime (vermoedelijk) zijn geroofd, geconfisqueerd of gedwongen verkocht. Daaronder zijn 83 schilderijen, 26 tekeningen en 13 joodse rituele objecten. De stukken liggen momenteel in 42 Nederlandse musea.

Dit blijkt uit een jarenlang onderzoek naar de herkomstgeschiedenis van de collecties in musea. De Nederlandse museumvereniging vroeg haar leden in 2009 ’de roofkunst’ vanaf 1933 tot en met het einde van de Tweede Wereldoorlog in kaart te brengen. Aan het onderzoek deden 163 musea mee.

Dagblad Trouw meldt woensdag dat vrijwel alle musea nu klaar zijn met hun onderzoek en dat alleen het Rijksmuseum meer tijd nodig heeft. De hele inventarisatie stukken is te zien op de website van het project Museale Verwervingen. Het doel ervan is de eigenaren te vinden en het werk terug te geven. Museum Boijmans van Beuningen, dat dertig ’foute’ kunstwerken had, gaf er al zes terug, aldus Trouw.

Bekijk meer van;  kunstwerken musea roofkunst

‘Roofkunst Tweede Wereldoorlog gevonden in 42 Nederlandse musea’

NU 10.10.2018 Ruim 40 Nederlandse musea hebben in totaal 170 kunstvoorwerpen in bezit die mogelijk voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn gestolen van Joodse eigenaren, blijkt woensdag na jarenlang onderzoek door musea.

Sommige van de 170 kunstvoorwerpen bestaan uit meerdere stukken, zodat het uiteindelijk om enkele honderden voorwerpen gaat, meldt Trouw.

42 musea hebben voorwerpen met een dergelijke onduidelijke herkomst, staat in de inventarisatie op de website van het project Museale Verwervingen vanaf 1933. Het gaat onder meer om het werk Salomé met het hoofd van Johannes de Doper van de schilder Jan Adam Kruseman, dat in het Rijksmuseum in Amsterdam hangt.

De inventarisatie heeft tot doel de oorspronkelijke eigenaren te vinden en het werk terug te geven. De betrokken musea, die kunst afkomstig uit de Tweede Wereldoorlog in bezit hebben, onderzochten de afgelopen tien jaar of die kunst roofkunst zou kunnen zijn. De meeste musea hebben dat onderzoek nu afgerond, alleen het Rijksmuseum heeft meer tijd nodig vanwege de omvang van de collectie.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog roofden de nazi’s in Europa op grote schaal kunst. In Nederland werden duizenden schilderijen, tekeningen en andere kunstvoorwerpen geroofd of voor een te lage prijs gekocht. Ook is er door Joden veel kunst achtergelaten, toen zij tijdens de oorlog op de vlucht sloegen.

In 1997 startte de commissie-Ekkart onderzoek naar het kunstbezit van de Nederlandse Staat. Een jaar later zijn musea begonnen met onderzoek naar hun eigen collecties. Sinds 2002 zijn zo’n 460 kunstwerken teruggegeven.

Lees meer over: Tweede Wereldoorlog kunst

Geroofde kunst ontdekt in 42 Nederlandse musea

AD 10.10.2018 De Nederlandse musea hebben 170 kunstvoorwerpen in bezit die mogelijk voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn geroofd van Joodse eigenaren. Dat is de uitkomst van jarenlang onderzoek dat musea in hun collecties hebben gedaan. Vrijwel alle musea zijn daar nu mee klaar, alleen het Rijksmuseum heeft meer tijd nodig, meldt Trouw.

Sommige van die 170 voorwerpen bestaan uit meerdere stukken zodat het uiteindelijk om enkele honderden voorwerpen gaat. 42 Musea hebben met een dergelijke onduidelijke herkomst te maken, blijkt uit een inventarisatie op de website van het project Museale Verwervingen vanaf 1933. Het doel van deze inventarisatie is om de eigenaren te vinden en het werk terug te geven.

In 1997 startte de commissie-Ekkart onderzoek naar het kunstbezit van de Nederlandse staat. Een jaar later zijn de Nederlandse musea dat voor hun eigen collecties ook gaan doen. Sinds 2002 zijn al 460 kunstwerken teruggegeven.

 

Museum de Cubus Kunsthalle in Duisburg beveiligd vanwege Erdogan-kunstwerk oktober 9, 2018

Posted by jandewandelaar in Cubus Kunsthalle, Duisberg, museum, Recep Tayyip Erdogan.
Tags: , , , ,
add a comment

Het museum de Cubus Kunsthalle toont een werk met daarop president Erdogan met een banaan tussen zijn billen.

De Duitse politie bewaakt een tentoonstelling in Duisburg vanwege een schilderij met daarop de Turkse president Erdogan met een banaan tussen zijn billen.

Het werk heeft geleid tot dreigementen aan het adres van het museum, de Cubus Kunsthalle, en zijn medewerkers, schrijft de Rheinische Post. Ook heeft het Turkse consulaat bij het museum en de gemeente geprobeerd het werk van de muur te krijgen.

Het is niet de eerste keer dat een kunstenaar die stelling neemt tegen Erdogan weerstand ontmoet. Eerder dit jaar was Turkije boos over een Zwitserse tentoonstelling, waar Erdogan de dood van een demonstrant in de schoenen geschoven kreeg. In 2016 haalde de Duitser Jan Böhmermann zich de woede van de president op de hals. Hij las live op de Duitse televisiezender ZDF een gedicht voor waarin Erdogan onder meer werd uitgemaakt voor ‘geitenneuker’ en ‘pedofiel’.

 

Zonder volksstemming is alles…, door Thomas Baumgärtel in Berlijn – Jan Hagelstein, Flickr

Duits museum beveiligd vanwege Erdogan-kunstwerk

NOS 08.10.2018 De Duitse politie bewaakt een tentoonstelling in Duisburg vanwege een schilderij met daarop de Turkse president Erdogan met een banaan tussen zijn billen. Het werk heeft geleid tot dreigementen aan het adres van het museum, de Cubus Kunsthalle, en zijn medewerkers, schrijft de Rheinische Post. Ook heeft het Turkse consulaat bij het museum en de gemeente geprobeerd het werk van de muur te krijgen.

Bananen zijn kenmerkend voor graffiti-kunstenaar Thomas Baumgärtel. Het is hem niet specifiek om Erdogan te doen. De zelfverklaard ‘bananensprayer’ neemt in zijn werk ook andere politiek leiders op de korrel. Zo spuugt Trump een banaan uit zijn mond en berijdt de Noord-Koreaanse president Kim een raket vermomd als banaan.

De afbeelding van Erdogan leidde in februari ook tot problemen bij een kunstbeurs in Karlsruhe. Toen besloot een galeriehouder het werk te verwijderen na druk van buitenaf.

Niet bang

De directeur van de Kunsthalle wil het werk gewoon laten hangen. Wel is zij geschrokken van de dreigementen, zegt zij tegen de Rheinische Post. “De intensiteit van de haat baart me zorgen”, zegt Claudia Schäfer tegen de krant. De directeur vindt het “ongelooflijk dat veel mensen het werk zien als laster over Turkije. Er is geen onderscheid meer tussen de Turkse mensen en het gedrag van een dictatoriaal heerser”.

De kunstenaar is niet verbaasd over de ophef. Zijn werk is immers “bedoeld als provocatie”. Baumgärtel stelt voor ook de reacties tentoon te stellen. “Je moet niet bang zijn voor bedreigingen.”

Bekijk ook

Duitsers mogen buitenlandse staatshoofden voortaan beledigen

Duitsland verwerpt beroep Erdogan om vervolging komiek

Politie bewaakt museum dat provoce­rend Erdogan-kunst­werk toont

AD 08.10.2018 Een tentoonstelling van de Duitse kunstenaar Thomas Baumgärtel in Duisburg staat onder politiebewaking. De aanleiding is een schilderij waarop de Turkse president Erdogan staat afgebeeld met een banaan in zijn achterste. Dat leidt tot massaal protest en bedreigingen.

Recep Tayyip Erdogan, president van Turkije © AFP

Dat schrijft de Rheinische Post. De tentoonstelling is te zien in de Cubus-Kunsthalle in de stad in het Roergebied. ,,We hadden vooraf wel ingeschat dat er iets zou kunnen gebeuren”, zegt Claudia Schäfer, directeur van het museum. ,,Maar de omvang en de intensiteit van de haat die we nu ervaren, is zorgwekkend.”

Medewerkers van het museum werden online beledigd en bedreigd, en er werd ook gedreigd het museum plat te branden. De Turkse autoriteiten poogden de tentoonstelling van het bewuste kunstwerk tegen te houden. Maar dat wil het museum niet. ,,Dat is niet mijn idee van artistieke vrijheid.”

De museumdirecteur zegt dat de Turken die op internet bedreigingen uiten het schilderij zien als een belediging van de Turkse staat en het Turkse volk. Volgens Schäfer is dat een misvatting. Het moet volgens haar gezien worden als kritiek op ‘een dictatoriale machthebber’. Bovendien worden ook andere regeringsleiders – Trump, Kim en Merkel bijvoorbeeld – afgebeeld met een banaan op weinig voor de hand liggende plekken.

Provoceren

De kunstenaar zelf zegt in de Duitse krant dat het werk bedoeld is om te provoceren. Hij is dan ook niet verrast door de ophef. ,,Maar als we toegeven aan de bedreigingen, winnen zij.” Ook Baumgärtel zegt dat het werk geen aanval op Turkije is – ‘Dat is een geweldig land met geweldige mensen’. Met zijn werk wil de Duitser echter stelling nemen tegen ‘alle vormen van racisme en xenofobie’. ,,Zolang Turkse mensen onterecht gevangen zitten, zal ik met alle kracht daartegen strijden.”

Het is niet de eerste keer dat een kunstenaar die stelling neemt tegen Erdogan weerstand ontmoet. Eerder dit jaar was Turkije boos over een Zwitserse tentoonstelling, waar Erdogan de dood van een demonstrant in de schoenen geschoven kreeg. In 2016 haalde de Duitser Jan Böhmermann zich de woede van de president op de hals. Hij las live op de Duitse televisiezender ZDF een gedicht voor waarin Erdogan onder meer werd uitgemaakt voor ‘geitenneuker’ en ‘pedofiel’.

Joop Roelofs gitarist van de Haagse band Q65 overleden oktober 3, 2018

Posted by jandewandelaar in Joop Roelofs, Popmuseum, Q65.
Tags: , , , , , , ,
add a comment

Joop Roelofs R.I.P.

De gitarist van de Haagse band Q65, Joop Roelofs, is dinsdag op 74-jarige leeftijd overleden. Roelofs leed al enige tijd aan slokdarmkanker. De gitarist lag een week in coma voordat hij overleed.

De laatste jaren tobde de muzikant met zijn gezondheid. Gisteravond overleed hij in een hospice aan de gevolgen van slokdarmkanker. Roelofs bleef tot het laatste moment van zijn leven popfestivals bezoeken. Hij creëerde zijn eigen overlijdenskist: een instrumentenkoffer met daarop de tekst Flightcase to Heaven in graffitiletters gespoten.

AD 04.10.2018

AD 04.10.2018

Joop Roelofs krijgt een afscheidsbijeenkomst in het Paard. Maandagmiddag 8 oktober 2018 wordt vanaf 14.30 uur op passende wijze afscheid genomen van dit Haags rockicoon. ,,De bijeenkomst is openbaar, maar de familie vraagt wel om voorrang te geven aan mensen die het dichtst bij Joop hebben gestaan en de medewerkers van de hospice’’, zegt zijn buddy en boezemvriend Max Lerou.

Na de crematie verhuist de kist naar het Rockart Museum in Hoek van Holland waar hij een vaste plek in de collectie krijgt. Ook is de kist beschikbaar voor andere rockmuzikanten bij hun laatste reis. Volgens conservator Jaap Schut van Rockart zouden al enkele muzikanten zich hiervoor hebben aangemeld.

Joop Roelofs was de gitarist en samen met Frank Nuyens oprichter van Q65, een van de beroemdste bands uit de hoogtijdagen van de Haagse beat.

Q65 werd opgericht in de jaren zestig van de vorige eeuw. De groep stond bekend om zijn ruwe, bewust lelijke geluid. De naam van de Haagse groep werd vaak afgekort tot ‘Kjoe’. Zanger van de band was Wim Bieler, die in 2000 overleed. Ook bassist Peter Vink en drummer Jay Baar (overleden in 1990) maakten deel uit van de groep. Q65 scoorde grote hits met de nummers ‘The life I live’. en ‘You’re the victor’.

Almeloplein

Joop Roelofs en Q65 werden de afgelopen jaren diverse keren geëerd in Den Haag. Zo kreeg de groep een graffitikunstwerk op de Soestdijksekade nabij het Haagse Zuiderpark en werd op het Almeloplein een songtekst van Q65 op een gevel aangebracht.

Soestdijksekade

Soestdijksekade

Naar de hit The Life I Live uit 1966 is in Den Haag het muziekfestival vernoemd dat jaarlijks rond Koningsdag wordt gehouden. De band maakte school met een rauwe, ongepolijste sound en was daarmee een vroege voorloper van de punk. Na zijn tijd in Q65 – in Den Haag en omstreken ook wel ‘de Kjoe’ genoemd – was Joop Roelofs een tijdje programmeur van het Paard.

AD 09.10.2018

Afscheid 08.10.2018

Joop Roelofs werd maandag 08.10.2018 herdacht. De gitarist van de legendarische Haagse band Q65 overleed afgelopen woensdag. Hij werd 74 jaar. Het was de uitdrukkelijke wens van Joop zelf om de afscheidsdienst te houden in Het Paard.

Fans en dierbaren van de overleden gitarist Joop Roelofs herdachten maandag het Q65-lid in het Paard bij de openbare afscheidsdienst. “Het was echt Joop-waardig. Een aantal dingen klopten niet helemaal, net als bij hem”, vertelt oude vriend René Bom op Den Haag FM.

Bom voelde zich vereerd om de ceremoniemeester te mogen zijn bij het afscheid van de zijn vriend die hij al vanaf zijn zestiende kende. “Het was een bijzondere middag in het Paard. Soms was het heel stil en dan werd er weer geklapt en gelachen.” Tijdens de dienst hebben dichter Max Lerou de bassist van Q65 Peter Vink verhalen verteld over hun tijden met Joop. “Die verhalen waren nogal warrig, maar ‘de Kjoe’ was ook zo warrig als wat.”

Flightcase to Heaven

De gitarist werd opgebaard in een bijzondere kist. In een zogeheten ‘flightcase’ werd Roelofs de grote zaal van Het Paard binnengereden. Hij wordt niet in de kist begraven, omdat er metaal in verwerkt is. Daarom wordt de flightcase na de uitvaart geschonken aan museum RockArt in Hoek van Holland.

zie ook: Graffiti kunstwerk Q65 op de Soestdijksekade onthuld

zie ook: Muurschildering Q65 op het elektriciteitshuisje Haagse Soestdijkskade

Grote belangstelling voor afscheid Q65-gitarist Joop Roelofs

OmroepWest 08.10.2018 Onder grote publieke belangstelling is maandag afscheid genomen van Q65-gitarist Joop Roelofs. In het Haagse poppodium het Paard kwamen honderden mensen samen om afscheid te nemen van de 74-jarige gitarist van ‘de Kjoe’.

Roelofs overleed afgelopen dinsdag op 74-jarige leeftijd aan slokdarmkanker. Hij was een van oprichters van Q65, een van de succesvolste Haagse bands uit de jaren ’60 van de vorige eeuw. Na zijn muzikale carrière was hij jarenlang programmeur bij Het Paard.

   Rooie Reporter @rooiereporter

René Bom over Joop Roelofs .. hij heeft nooit roadies gehad met de Q65 en nu heeft ie er 6 … herdenking in het paard … overledene ligt opgebaard in een flightcase  14:21 – 8 okt. 2018 · The Hague, The Netherlands

Andere Tweets van Rooie Reporter bekijken

  Rooie Reporter @rooiereporter

Herdenking Joop Roelofs in het Paard #Q65 https://www.pscp.tv/w/botIxjI2MTgzN3wxWXBLa0xnQndMQUdqVx4AWkSyYABTe6OHdL_kT54iNRwlwD8iUWMFaThx0u8= … 14:45 – 8 okt. 2018 · The Hague, The Netherlands

Andere Tweets van Rooie Reporter bekijken

De gitarist werd opgebaard in een bijzondere kist. In een zogeheten ‘flightcase’ werd Roelofs de grote zaal van Het Paard binnengereden. Hij wordt niet in de kist begraven, omdat er metaal in verwerkt is. Daarom wordt de flightcase na de uitvaart geschonken aan museum RockArt in Hoek van Holland.

LEES OOK: Beatband Q65 en fans halen warme herinneringen op in Den Haag

Meer over dit onderwerp: Q65 JOOP ROELOFS AFSCHEID

Q65-gitarist Joop Roelofs herdacht tijdens openbare afscheidsdienst

Den HaagFM 08.10.2018 Fans en dierbaren van de overleden gitarist Joop Roelofs herdachten maandag het Q65-lid in het Paard bij de openbare afscheidsdienst. “Het was echt Joop-waardig. Een aantal dingen klopten niet helemaal, net als bij hem”, vertelt oude vriend René Bom op Den Haag FM.

Bom voelde zich vereerd om de ceremoniemeester te mogen zijn bij het afscheid van de zijn vriend die hij al vanaf zijn zestiende kende. “Het was een bijzondere middag in het Paard. Soms was het heel stil en dan werd er weer geklapt en gelachen.” Tijdens de dienst hebben dichter Max Lerou de bassist van Q65 Peter Vink verhalen verteld over hun tijden met Joop. “Die verhalen waren nogal warrig, maar ‘de Kjoe’ was ook zo warrig als wat.”

De dienst in het Paard was een uitdrukkelijke wens van de Haagse rocklegende. “Maar zijn geluid is nu echt uit.”

Gerelateerd;

Openbare afscheidsdienst Joop Roelofs (Q65) maandag in Paard 4 oktober 2018

VIDEO: Q65-gitarist Joop Roelofs geëerd met kunstwerk en straatfeest 27 augustus 2018

Gitarist Joop Roelofs van legendarische sixtiesband Q65 overleden 3 oktober 2018

Geen bloemen maar rock-’n-roll voor ‘Jopie’

AD 08.10.2018  ‘Een inspirator, een paradijsvogel om wie je onbedaarlijk kon lachen’, zo memoreerde dichter en boezemvriend Max Lerou de vorige week overleden rockmuzikant Joop Roelofs tijdens een drukbezochte afscheidsbijeenkomst, maandagmiddag in het Paard.

Prominent op het podium stond de opvallende overlijdenskist die de ernstig zieke Roelofs al geruime tijd voor zijn dood had uitgekozen. De kist, een instrumentenkoffer met als opschrift ‘Flightcase to Heaven’ en daarop een beeldje van Haagse Harry, kwam niet aangereden per rouwstoet, maar in het bestelbusje van het Rockart Museum in Hoek van Holland.

Daar krijgt de geleegde kist een vaste plek in de collectie en is hij beschikbaar voor rockmuzikanten die Joop later willen volgen in zijn laatste reis.

De kleurrijke gitarist en medeoprichter van de band Q65 wilde geen bloemen bij zijn uitvaart, maar kreeg rock-‘n-roll. Max Lerou vertelde hoe Roelofs op 13 juni naar het hospice aan de Koningin Emmakade verhuisde en daar op de hem typerende wijze zijn entree maakte: ,,Hallo, ik ben Joop en kom wat leven brengen in dit sterfhuis.’’

De jonge muzikanten Julie Scott en Maaike Peterse speelden enkele van de nummers die zij eerder bij het allerlaatste concert voor ‘Jopie’ in het hospice hadden gegeven.

Zijn oude geluidsman Derk Groen vertolkte met zijn dochter een liedje van Robert Plant en Q65-bassist Peter Vink haalde de anekdotes op. Nachtburgemeester in ruste René Bom praatte de middag aan elkaar en constateerde dat er ‘drie- tot vierduizend jaar Haagse rockgeschiedenis’ in de zaal zat.

ADR © ADR

Openbare afscheidsdienst Joop Roelofs maandag in het Paard

AD 03.10.2018 De gisteravond overleden rockmuzikant Joop Roelofs krijgt een afscheidsbijeenkomst in het Paard. Maandagmiddag 8 oktober wordt vanaf 14.30 uur op passende wijze afscheid genomen van dit Haags rockicoon. ,,De bijeenkomst is openbaar, maar de familie vraagt wel om voorrang te geven aan mensen die het dichtst bij Joop hebben gestaan en de medewerkers van de hospice’’, zegt zijn buddy en boezemvriend Max Lerou.

Joop Roelofs was gitarist en medeoprichter van Q65, een van de beroemdste bands uit de hoogtijdagen van de Haagse beat. Naar de hit The Life I Live uit 1966 is in Den Haag het muziekfestival vernoemd dat jaarlijks rond Koningsdag wordt gehouden. De band maakte school met een rauwe, ongepolijste sound en was daarmee een vroege voorloper van de punk. Na zijn tijd in Q65 – in Den Haag en omstreken ook wel ‘de Kjoe’ genoemd – was Roelofs een tijdje programmeur van het Paard.

De laatste jaren tobde de muzikant met zijn gezondheid. Gisteravond overleed hij in een hospice aan de gevolgen van slokdarmkanker. Roelofs bleef tot het laatste moment van zijn leven popfestivals bezoeken. Hij creëerde zijn eigen overlijdenskist: een instrumentenkoffer met daarop de tekst Flightcase to Heaven in graffitiletters gespoten.

Na de crematie verhuist de kist naar het Rockart Museum in Hoek van Holland waar hij een vaste plek in de collectie krijgt. Ook is de kist beschikbaar voor andere rockmuzikanten bij hun laatste reis. Volgens conservator Jaap Schut van Rockart zouden al enkele muzikanten zich hiervoor hebben aangemeld.

Overleden Q65 gitarist voelde zich gewaardeerd

OmroepWest 03.10.2018 De overleden gitarist Joop Roelofs van de beroemde Haagse band Q65 voelde zich buitengewoon gewaardeerd door mensen. ‘Mensen krijgen een warm gevoel als ik kom’, zei hij twee jaar geleden tijdens de Q65 fanclubdag op het Almeloplein in Den Haag.

Op een gevel aan dat plein werd destijds een songtekst van de Haagse band aangebracht. Omroep West maakte destijds, op 16 mei 2016, een reportage over de fanclubdag.

Roelofs overleed dinsdag op 74-jarige leeftijd.

Meer over dit onderwerp:

JOEP ROELOFS Q65 POPMUZIEK DEN HAAG

Haagse muziekscene eert Roelofs: ‘Tot zijn dood kwam ik hem nog overal tegen’

AD 03.10.2018 Het overlijden van Joop Roelofs, de oprichter van de legendarische rockband Q65, zorgt voor veel reacties in de Haagse muziekscene. ‘Het is een eer dat ik hem gekend heb.’

René Bom, voormalig nachtburgemeester van Den Haag, kende Roelofs al vanaf zijn zestiende. ,,Mijn herinnering aan hem is dat ik hem werkelijk óveral tegenkwam, vanaf jongs af aan. Ik kwam Joop voor het eerst tegen in het Paard. Hij was daar programmeur. Hij had de beste connecties en kreeg bands van over de hele wereld naar het Paard toe. Heel veel respect dat ik hem tot zijn dood nog overal tegenkwam. Zelfs bij de onthulling van het eerbetoon bij de Soestdijksekade in augustus was hij er nog. Ook had hij heel veel humor. Donkere humor, hoor. Denk maar aan zijn kist. Die had hij laten maken in de vorm van een ‘flight case’. Ik vond het een eer dat ik hem gekend heb.”

René Bom. © Daniella van Bergen

Dichter en boezemvriend Max Lerou heeft Joop Roelofs tot het laatste moment als buddy bijgestaan. ,,Joop was een heel bijzondere en lieve man, die mensen feilloos bij elkaar wist te brengen’’, zegt hij. ,,Hij was altijd omringd door vrienden en vriendinnen, allemaal mensen die door het vuur voor hem gingen. In die kring om hem heen zijn ook weer talloze vriendschappen en zelfs relaties ontstaan.’’

Lerou leerde Roelofs rond 1972 kennen bij het Paard, dat toen net als centrum voor jongeren was opgericht onder de naam Paard van Troje. Joop Roelofs was er programmeur, een functie die hij later ook zou vervullen bij jongerencentrum O’16 in Voorburg. ,,Vanaf de eerste keer dat we elkaar tegenkwamen voelde het al goed’’, zegt Max Lerou. ,,Van 1983 tot 2000 heb ik in Azië gewoond en zijn we elkaar uit het oog verloren. Terug in Den Haag liepen we elkaar met onze beide zoons tegen het lijf voor de deur van boekhandel Paagman in de Frederik Hendriklaan. Alsof we elkaar nooit uit het oog hadden verloren, zo hebben we onze vriendschap weer in alle hevigheid voortgezet.’’

Behalve als goede en levenslustige vriend herinnert Max Lerou Joop Roelofs als een van de sleutelfiguren van de Nederlandse rockmuziek uit de jaren 60. ,,Zonder Q65 zou de Nederlandse popmuziek nog lang in een ‘dark age’ hebben verkeerd’’, zegt hij. ,,Het geluid van Q65 was ongepolijst, rauw en rafelig en daar was Joop trots op. Het was totaal iets nieuws voor die tijd. Veel muzikanten zijn door ‘de Kjoe’ geïnspireerd.’’

Max Lerou © Karin Rovekamp

Arthur Pronk, de organisator van The Life I Live-festival, deelde via Facebook zijn herinnering aan de muzieklegende. ,,In februari 2011 belde ik Joop Roelofs om te polsen wat hij ervan vond als we ons festival op Koningsnacht ‘The Life I Live’ zouden noemen. Hij vond het wonderbaarlijk dat de Kjoe na zoveel tijd nog zo leefde. Ik leerde hem bij de paar ontmoetingen die in de jaren daarna volgden kennen als een lieve en dankbare man met een mooie kijk op het leven. Op Parkpop vertelde hij trots over z’n ‘flightcase to heaven’ en over het geluk dat hij in het hospice nog ervoer. Wat zal hij gemist worden door zijn naasten die hem zo liefdevol omringden. Veel sterkte toegewenst. Joop was een mooie en bijzondere man.”

Arthur Pronk. © Frank Jansen

Q65-gitarist Joop Roelofs (74) overleden

AD 03.10.2018 Q65-gitarist Joop Roelofs uit Den Haag is gisteren op 74-jarige leeftijd overleden. Dat laat zijn familie weten. Hij overleed aan de gevolgen van slokdarmkanker.

,,Het was vandaag de zesde dag dat Joop lag te slapen. Elke dag deed hij dat steeds dieper”, schreef zijn zoon gisteren. ,,En uiteindelijk is hij dan ook weggegleden naar datgene wat niemand kent of weet. Joop is vanavond overleden.”.

Joop Roelofs richtte samen met Frank Nuyens de legendarische, Haagse band in de jaren 60 op. Beiden speelden gitaar. Wim Bieler deed de vocals, Peter Vink basgitaar en Jay Baar drums. Maar de band heeft meer leden gekend. Eric van de Berk, Derk Groen (gitaar) en Rinus Hollenberg (gitaar) hebben ook deel uitgemaakt van de groep.

Hospice

Roelofs verbleef voor zijn dood in een hospice. Daar spraken we hem en vertelde hij (opgewekt) dat hij zijn kist al had klaar staan. ,,Het is een flight case, zoals die door bands worden gebruikt om bij vervoer de instrumenten in op te bergen. Die heb ik op mijn maat laten maken”, vertelde hij eind augustus. ,,Ik ben in zekere zin al onsterfelijk. Er zullen altijd weer jongens opgroeien die mijn muziek leuk vinden.”

In diezelfde maand werd er een permanente muurschildering onthuld op het elektriciteitshuisje bij de Soestdijksekade.

Gitarist Joop Roelofs van legendarische sixtiesband Q65 overleden

Den HaagFM 03.10.2018 Gitarist Joop Roelofs van de legendarische Haagse sixtiesband Q65 is dinsdag overleden. Dat heeft zijn familie bekendgemaakt. Roelofs werd enkele weken geleden opgenomen in het Jacobshospice aan de Koningin Emmakade met ongeneeslijke slokdarmkanker. Joop is 74 jaar geworden.

Q65 werd door Joop Roelofs en Frank Nuyens opgericht in de jaren zestig van de vorige eeuw. De groep stond bekend om zijn ruwe, bewust lelijke geluid. De naam van de Haagse groep werd vaak afgekort tot ‘Kjoe’. Zanger van de band was Wim Bieler, die in 2000 overleed. Ook bassist Peter Vink en drummer Jay Baar (overleden in 1990) maakten deel uit van de groep. Q65 scoorde grote hits met de nummers ‘The life I live’. en ‘You’re the victor’.

Eind augustus dit jaar werd Roelofs nog geëerd met een straatfeest en een graffitikunstwerk op een elektriciteitshuisje bij de Soestdijksekade ter hoogte van het Veluweplein. Daar lag vroeger de woonboot waarop de band repeteerde. Op het Almeloplein werd in 2016 een songtekst van de Q65 op een gevel aangebracht.

Gerelateerd;

VIDEO: Q65-gitarist Joop Roelofs geëerd met kunstwerk en straatfeest 27 augustus 2018

Streetparty en graffiti als eerbetoon aan Joop Roelofs van legendarische sixtiesband Q65 20 augustus 2018

Kunstzinnig eerbetoon voor Q65-gitarist Joop Roelofs bijna af 22 augustus 2018

 

Q65-gitarist Joop Roelofs (74) overleden

OmroepWest 03.10.2018 Joop Roelofs, gitarist van de legendarische Haagse Beatband Q65, is dinsdag overleden. Dat heeft zijn familie laten weten. Roelofs leed al enige tijd aan slokdarmkanker. Hij is 74 jaar oud geworden.

De band Q65 werd in de jaren 60 opgericht door Joop Roelofs en Frank Nuyens. De groep stond bekend om zijn ruwe, bewust lelijke geluid. De naam van de Haagse groep werd vaak afgekort tot ‘Kjoe’. Zanger van de band was Wim Bieler, die in 2000 overleed. Ook bassist Peter Vink en drummer Jay Baar (overleden in 1990) maakten deel uit van de groep. Q65 scoorde grote hits met de nummers ‘The life I live’ en ‘You’re the victor’.

Eind augustus werd Roelofs nog geëerd met een straatfeest en een graffitikunstwerk op een elektriciteitshuisje bij de Soestdijksekade in Den Haag. Daar lag vroeger de woonboot waarop de band repeteerde. Op het Almeloplein werd in 2016 een songtekst van de Q65 op een gevel aangebracht.

Meer over dit onderwerp: JOOP ROELOFS Q65 DEN HAAG

Kunst in het verpleeghuis Vreugdehof in Buitenveldert Amsterdam oktober 1, 2018

Posted by jandewandelaar in Uncategorized.
Tags: , , , , , , , ,
add a comment

 

Kunst in huis

Een verpleeghuis als museum: bedoeld om ouderen die niet meer naar een museum kunnen toch van kunst te laten genieten én om buurtbewoners het verpleeghuis te laten bezoeken. De komende maand ondergaat verpleeghuis De Vreugdehof in Amsterdam de transformatie. In de gangen en in kamertjes zijn 120 kunstwerken te zien.

“Zo staan ouderen midden in de samenleving, zegt organisator Marie-José de Bie. Dit soort zorginstellingen gaan er in de toekomst anders uitzien, denkt ze. Middenin de wijk, in plaats van gesloten bolwerken. De gebouwen krijgen er andere functies bij, zoals een bibliotheek of misschien wel een crèche. “Wij zetten de deuren vast wijd open.”

We halen buiten naar binnen., aldus Inge Borghuis.

Tijdens de openingsmiddag lopen tientallen genodigden langs de kunstwerken in de hal en, via trap en lift, in kamertjes waar vroeger de verpleegkundigen sliepen. Bewoonster Mieke van Dorp (71) vindt al die reuring heel gezellig. Meneer Van Overloo (74), ook in een rolstoel, knikt. “Zo zie je ook weer eens andere mensen.”

“Het is een misverstand dat het rustig moet zijn in zo’n tehuis”, zegt bestuurder Inge Borghuis. ‘We halen buiten naar binnen“, ik hoop dat er veel mensen komen.”

Moeten de bewoners op hun oudere dag dan nog met kunst worden opgevoed? Borghuis: “Ja, leuk toch? En dit is voor, door en met ouderen.” Het museum is ingericht door tien gastconservatoren. De leeftijdseis was minimaal 65 jaar.

Bezoekers en bewoners van het verpleeghuis kijken naar kunststukken NOS

Kunst in het verpleeghuis Vreugdehof in Buitenveldert NOS

Bewoners van verpleeghuis Vreugdehof in Buitenveldert NOS

In een van de kamertjes boven hangen portretten van kunstfotograaf Peter van de Meer. Voor hem is het verpleeghuis bekend terrein. In 1983 liep hij hier stage als beginnend verpleegkundige. “Er is niks veranderd, zelfs de geur is dezelfde”, zegt hij. Alleen was toen zoiets ondenkbaar. “Het was toen niet de bedoeling dat er al te veel mensen naar binnen kwamen. Het ging om rust en gemak.”

Hij vindt het prachtig dat iedereen hier naar zijn werk kan komen kijken. “Zo moet het ook zijn, het moet niet elitair zijn.” Toch waren er zeker twee kunstenaars die niet wilden meewerken, vertelt organisator Marie-José de Bie. “Dat is jammer, want dit is een goede plek om iets aan sociale inspanning te doen. Dat kan voor een kunstenaar toch ook geen kwaad?”